31-03-2017 16:15 | Door: Hidde Middelweerd

De omarming van smart industry, ofwel verregaande digitalisering van de industriesector, is essentieel voor de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie. Dat stelt Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink, voorzitter van FME en het initiatief Smart Industry. “Digitalisering is ‘do or die’ voor de Nederlandse industrie en het bedrijfsleven. Wie er niet in meegaat, wordt links en rechts ingehaald door de concurrentie.”  

Dezentjé Hamming-Bluemink is voorzitter van FME, de ondernemersorganisatie voor de technologische industrie in Nederland. Daarnaast treedt ze op als voorzitter van het initiatief Smart Industry, dat in het leven werd geroepen door FME, TNO, VNO-NCW, Kamer van Koophandel en het ministerie van Economische Zaken. Gezamenlijk stelden deze partijen in 2014 de Smart Industry Actieagenda op, die ervoor moet zorgen dat Nederland de kansen van smart industry optimaal benut.

Smart Industry ontstond in Duitsland, onder de noemer Industrie 4.0, en behelst een technologische revolutie waarin nieuwe productietechnologieën en ICT-toepassingen voor een radicale verandering in de industrie kunnen zorgen. “Het zal leiden tot compleet nieuwe vormen van productie en compleet nieuwe businessmodellen”, stelt Dezentjé Hamming-Bluemink.

Smart Industry in Nederland gaat echter een stapje verder dan enkel het technologische aspect. Dezentjé Hamming-Bluemink: “Het gaat niet alleen om de technologie. Het ontwikkelen van nieuwe businessmodellen, bewustzijn creëren bij het bedrijfsleven, het klaarstomen van de arbeidsmarkt; ook dat is Smart Industry.”

Waarom is het belangrijk voor Nederland om Smart Industry te omarmen?

“Wie Smart Industry omarmt, kan met de hele wereld concurreren. Het zorgt namelijk voor slimmere productie; maatwerk tegen de prijs van massaproductie. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, maar het is hard nodig om onze concurrentiepositie te behouden en versterken.”

“Deze digitale revolutie vraagt dan ook om een managementrevolutie. Je kan als manager niet meer achterover leunen en je bedrijf runnen zoals je dat vijf jaar geleden deed. Je zou ook wel gek zijn, want er liggen zoveel kansen.”

“Bedrijven creëren bijvoorbeeld elke dag waardevolle big data, maar in veel gevallen is men zich daar niet bewust van. Dit terwijl data het nieuwe goud is. We kunnen het inzetten om nieuwe businessmodellen te creëren of slagen te maken op het gebied van duurzaamheid. Het is essentieel dat het bedrijfsleven zich hier bewust van is.”

Hoe kan Smart Industry leiden tot verduurzaming?

“Energie-efficiëntie is een goed en belangrijk voorbeeld. Door middel van digitale toepassingen kunnen we het energieverbruik van de industrie aanzienlijk terugdringen. Maar Smart Industry kan ook een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van verspilling. Bedrijven die dankzij Smart Industry maatwerk leveren, minimaliseren het verspillen van grondstoffen en blijven niet met ongebruikte voorraden zitten. Zo verbeter je niet alleen je eigen concurrentiepositie, maar maak je ook een verduurzamingsslag.”

Hoe maakt Smart Industry nieuwe businessmodellen mogelijk?

“De industrieomgeving is aan een grote omwenteling bezig. Valk Welding is hier een goed voorbeeld van. Dit bedrijf maakt van oudsher lasrobots, maar door de jaren heen werd er steeds meer van deze robots gevraagd. Ze moeten tegenwoordig zelfstandig kunnen opereren, met elkaar kunnen communiceren, noem het maar op. Het bedrijf is dan ook veranderd, van een bedrijf dat uitsluitend lasrobots maakt naar een bedrijf dat ook software ontwikkelt. Dat is de omwenteling die momenteel aan de gang is in de industriesector.”

“De focus ligt daarnaast steeds meer op service. Kijk naar Vanderlande: die biedt tegenwoordig geen bagagebanden meer aan, maar levert bagageafhandeling. Philips biedt geen lichtarmaturen meer aan, maar licht. Digitalisering maakt deze radicaal nieuwe businessmodellen mogelijk.”

"Digitalisering maakt radicaal nieuwe businessmodellen mogelijk"

Wat is er nodig om de omslag naar Smart Industry in Nederland te maken?

“We moeten ons focussen op de kansen die digitalisering biedt voor de toekomst, zodat we er zo snel mogelijk op in kunnen spelen. Digitalisering gaat namelijk zo snel; binnen vijf jaar kan het hele speelveld veranderd zijn. Dat is het grote verschil met industriële revoluties uit het verleden.”

“Zo hadden wij vier jaar geleden de ambitie dat vier van de tien scholieren voor een toekomst in de technologie moest kiezen. Die ambitie is nu alweer achterhaald en moet naar omhoog worden bijgesteld. Iedereen heeft tegenwoordig met technologie te maken, van zuster tot boer.”

“Dat geldt ook voor het bedrijfsleven. Als bedrijven blijven doen wat ze al deden, krijgen ze enkel terug wat ze al hadden. Dat is tegenwoordig niet meer goed genoeg. Dat wordt een ‘doormodder’-scenario, waarbij de concurrentie je links en rechts inhaalt.”

Hoe draagt FME bij aan deze transitie?

“De Smart Industry Agenda, die we samen met andere partijen hebben opgesteld, hebben we nu twee jaar in gebruik. Daar zijn bijvoorbeeld 29 fieldlabs (proeftuinen, red.) uit voort gekomen, waarmee we radicale innovatie proberen te stuwen. Dit leidt hopelijk tot exportproducten, die de Nederlandse economie laten groeien.”

“Daarnaast zijn we actief bezig om het belang en de kansen van Smart Industry onder de aandacht te brengen binnen het bedrijfsleven. Men moet zich realiseren dat je constant op het puntje van je stoel moet zitten om niet achterop te raken. Een bedrijf dat zijn businessmodel niet elke maand kritisch onder de loep neemt, is niet goed bezig.”

"Wanneer je als klein bedrijf niet meegaat in de trend van digitalisering, val je vanzelf buiten de boot.”

Is het Nederlandse bedrijfsleven op de goede weg?

“We hebben in Nederland een goede basis. Samenwerken zit in ons DNA en we hebben de beste ICT-infrastructuur van Europa. Daarnaast zijn we al gewend om op kleine schaal te produceren; maatwerk leveren zit er dus al goed ingebakken.”

“Tegelijkertijd is er nog een wereld te winnen. Toen we begonnen met de Actieagenda hield een kleine 10 procent van onze leden zich bezig met Smart Industry. Dat gaat momenteel richting de 30 procent, maar dat is nog steeds niet goed genoeg.”

“Kleinere bedrijven denken bijvoorbeeld vaak dat het niets voor hen is. Dat Smart Industry enkel voor de ‘big guys’ is weggelegd. Niets is minder waar. Grote en kleine bedrijven werken steeds intensiever samen, zeker in de industrie. Wanneer je als klein bedrijf niet meegaat in de trend van digitalisering, val je dan ook vanzelf buiten de boot.”

Wat is er momenteel het hardst nodig in deze transitie?

“Snelheid. De concurrentie staat namelijk ook niet stil. Nederland behoorde tot de eerste vier landen in Europa die een agenda hadden op het gebied van Smart Industry. Inmiddels zijn dat er twaalf. Dat is een prachtige ontwikkeling, maar het geeft tegelijkertijd aan dat snelheid geboden is.”

Welke rol kan de overheid spelen?

“Ik heb bij Mark Rutte gepleit voor een topteam digitalisering, waarbij ministers uit verschillende disciplines de taak krijgen om de kansen van digitalisering en Smart Industry te identificeren en te grijpen. Dat team móét er komen, om de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie te waarborgen. Ook vragen we aan het nieuwe kabinet € 1 mrd voor innovatie. Smart Industry is een belangrijk onderdeel van die innovatie.”

“De overheid kan daarnaast een belangrijke voorbeeldfunctie bekleden, door innovaties van Nederlandse bedrijven af te nemen en in te zetten. Door innovatief in te kopen in eigen land, toont de overheid vertrouwen in eigen bedrijven en biedt het exposure aan innovaties van eigen bodem.”

“Uiteindelijk gaat het om samenwerking. Als we Smart Industry collectief omarmen, kan het bruto binnenlands product met 1 procent stijgen. Dat lijkt misschien niet veel, maar het is enorm.”

Hoofdafbeelding: Shutterstock.com | Afbeelding in tekst: FME