11-10-2013 12:56 | Door: Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl

Hoewel het effect in harde dollars nog meevalt, verspreidt de campagne om te desinvesteren in fossiele brandstoffen zich snel.

Deze bevindingen komen van een nieuwe studie van de University of Oxford naar de kracht van desinvesteringscampagnes, zoals de campagne van 350.org.

Het rapport concludeert dat deze campagnes zich sneller ontwikkelen dan vergelijkbare campagnes in het verleden, zoals de strijd tegen apartheid, roken en porno.

Elke desinvesteringscampagne kenmerkt zich door drie fases: bereik eerst religieuze groeperingen en publieke organisaties, richt je vervolgens op universiteiten en steden, zodat tenslotte de beweging internationaal momentum ontwikkelt.

In het geval van fossiele energie hebben al zes universiteiten, elf religieuze groeperingen en zeventien steden toegezegd te desinvesteren. Daarmee loopt de campagne voor op de curve.

 

Invloed

 

Centrale vraag in het rapport is verder of inspanningen van campagnevoerders een directe invloed hebben op een aantal van de rijkste en machtigste bedrijven ter wereld.

Als het puur aankomt op harde knaken zal het directe effect op het eigen vermogen of vreemd vermogen van fossiele brandstofbedrijven, door desinvesteringscampagnes, in het beste geval beperkt zijn.

Veel universiteiten en pensioenfondsen hebben een relatief beperkte investering in fossiele energiebedrijven. Daarmee is hun financiële invloed op deze bedrijven klein, maar is tegelijk het risico voor het beleggingsrendement van deze bij desinvestering ook beperkt.

 

Stigmatisering

 

De onderzoekers stellen echter dat stigmatisering en daardoor reputatieschade uiteindelijk toch grote financiële gevolgen kan hebben voor bedrijven.

Het negatieve imago dat gecreëerd wordt kan leveranciers, onderaannemers, potentiële werknemers en klanten afschrikken. Dit kan ertoe leiden dat aandeelhouders verandering van management eisen en dan bedrijven lastiger kunnen concurreren voor nieuwe contracten of het sluiten van fusies.

Ook kan stigmatisering leiden tot nieuwe beperkende wetgeving – een trend die de onderzoekers zagen bij elke desinvesteringscampagne. Dit zou bijvoorbeeld kunnen leiden tot een CO2-taks of een waardevermindering van een bedrijf. En, zo stellen de onderzoekers “een kleine groep bedrijven zal gezien worden als zondebokken.”

Bron: Cleantechnica

Foto: Tommy Ironic via Flickr