17-09-2015 10:18 | Door: Thijs ten Brinck

Hoogspanningsnetbeheerder Tennet denkt zijn investering in de NorNed-kabel tussen Noorwegen en Nederland nog in 2015 terug te verdienen. Jaren eerder dan het bedrijf zelf eerder heeft geraamd.

Dat zegt Mel Kroon, CEO van Tennet in een interview met het Financieele Dagblad. De kabel, met een transportcapaciteit van 700 megawatt, transporteert elektriciteit tussen de Groningse Eemshaven en Noorwegen.

Tennet en de Noorse collega Statnett investeerden beiden € 325 mln in de onderzeese kabel en namen hem in 2008 in gebruik. Kroon in het FD: “Experts dachten dat we hem in geen twintig jaar konden terugverdienen.”

Inmiddels heeft het elektriciteitstransport via de kabel al € 580 mln opgeleverd. Kroon verwacht nog voor de jaarwisseling de mijlpaal van € 650 mln te bereiken. Oorspronkelijk dacht Tennet tien jaar nodig te hebben om de kabel terug te verdienen.

Prijsverschillen duurzame stroom

De Norned-kabel is aangelegd om te profiteren van stroomprijsverschillen tussen Scandinavië, Nederland en de omliggende landen. ’s Nachts kan Noorwegen via de kabel waterkrachtstroom leveren aan Nederland, overdag kan Noorwegen gebruik maken van goedkope windstroom en zonne-energie uit vooral Duitsland.

Tennet heeft samen met de Britse hoogspanningsnetbeheerder National Grid in 2011 ook een kabel in gebruik genomen tussen de Rotterdamse Maasvlakte en Kent in Groot-Brittannië. Deze kabel heeft een capaciteit van 1.000 megawatt.

Tussen Nederland en Denemarken en tussen Duitsland en Noorwegen neemt de netbeheerder de komende jaren nog eens twee onderzeese kabels in gebruik. Daarnaast blijft Tennet investeren in grensoverschrijdende hoogspanningsverbindingen tussen Nederland, Duitsland en België.

“Groene energie is niet prijs- of vraaggestuurd”, zegt Kroon in het FD. “Daardoor kom je vaker met overschotten en tekorten te zitten. Je moet wel samenwerken met andere landen om dat op te lossen.”

Bekijk een video van de ingebruikname van de NorNed-kabel.

Bron: FD, Tennet | Foto: Giorgio Galeotti, via Flickr Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)