29-10-2015 13:52 | Door: Dimitri Reijerman

Nederlandse pensioenfondsen kunnen sneller verduurzamen als zijn meer samenwerken. Dat stelt de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO).

De vereniging concludeert dit op basis van de negende benchmark ‘Duurzaam Beleggen door Nederlandse Pensioenfondsen’. Daaruit blijkt dat met name kleinere pensioenfondsen achterblijven als het gaat om verduurzaming, terwijl de grote spelers wel flinke stappen zetten.

Giuseppe van der Helm van de VBDO zegt hierover: "De belangrijke innovaties op dit terrein zien we bij de grote spelers zoals ABP en PFZW. De grote fondsen kunnen dan ook veel doen aan capacity building bij de minder grote fondsen. Ze beschikken over veel ervaringsdeskundigheid.”

De gemiddelde duurzaamheidsscore van Nederlandse pensioenfondsen in de jaarlijkse indexering is gelijk gebleven ten opzichte van 2014. De VBDO pleit dan ook voor nauwere samenwerking tussen fondsen om zo hun duurzaamheidsprestaties te verbeteren.

Duurzame lichtpuntjes

De vereniging ziet echter ook duurzame lichtpuntjes: twee derde van de fondsen stelt inmiddels duurzame investeringsdoelstellingen aan hun vermogensbeheerders. Daarnaast was er in 2009 was voor 12 procent van de investeringen duurzaamheidsbeleid, in 2015 is dat percentage gestegen naar 76 procent.

Ook de uitgifte van green bonds door bedrijven groeit. Met de groene obligaties financieren ondernemingen duurzame investeringen. Pensioenfondsen kunnen in deze green bonds beleggen.

In Nederland is het Pensioenfonds Zorg en Welzijn volgens de VBDO de meest duurzame partij. Bedrijfstakpensioenfonds voor de Landbouw staat op nummer twee en ABP eindigt op de derde plaats. De snelste stijger is Heineken pensioenfonds, dat met vijftien plekken naar positie 24 klom.

Bron: VBDO | Foto: NASA