Future Leadership

Leren van de deeleconomie: 5 strategieën

Deeleconomie

19-07-2016 19:47 | Door: Chris Thijssen

Delen is geen nieuw concept. Zo is carpoolen al tientallen jaren ingeburgerd en bestaat ook het ruilen van woningen als vakantiebestemming al langer. Maar concepten als deze leverden nooit business op. Tot kort geleden.

Vanaf 2008 verschenen er plots start-ups op de markt die dit soort diensten aanboden, zoals woningverhuurplatform Airbnb en Uber, dat taxi- en carpooldiensten biedt. Nieuw aan deze diensten was niet zozeer het concept, maar het verdienmodel erachter.

Voor het eerst leverden carpoolen en woningverhuur significante verdiensten op. Zowel voor het platform dat de aanbieder en passagier of reiziger met elkaar verbond, als voor de aanbieder zelf. Maar ook passagiers en reizigers profiteerden, van het gemak en de efficiëntie die de start-ups boden.

$ 335 mrd in 2025

Inmiddels zijn deze en verschillende andere deelbedrijven niet meer weg te denken uit de maatschappij. Bovendien steeg de waarde van dit soort bedrijven flink, stelt PricewaterhouseCoopers (PwC) op basis van eigen onderzoek. Zo bereikte de internationale deeleconomie in 2014 een waarde van $ 15 mrd. Volgens het onderzoekbureau zou deze nieuwe economie bovendien groeien naar $ 335 mrd tegen 2025. 

In 2014 zouden investeerders daarnaast $ 4,93 mrd in aan de deeleconomie gerelateerde deals hebben gestoken, vijf keer zoveel als in 2013.

Strategieën van de deeleconomie

Het succes van Uber, Airbnb en andere deelinitiatieven is dan ook geen rage, maar een nieuwe manier van zakendoen, stelt PwC.

Moeten gevestigde bedrijven de aanwezigheid van deze start-ups en initiatieven, die hier en daar de markt op zijn kop zetten, dan maar voor lief nemen? Dat lijkt er wel op. Maar dat betekent niet dat ze er niet hun voordeel mee kunnen doen. Want wat deelbedrijven doen, kunnen andere bedrijven ook.

Maar wat maakt Airbnb en andere deelplatforms zo succesvol? Wat zijn hun strategieën? DuurzaamBedrijfsleven zet vijf lessen van de deeleconomie op een rij.
 

  • Van bezit naar toegang

De deeleconomie is niet gebaseerd op bezit, maar op toegang. Waar voorheen de gedachte heerste dat vooruitgang vooral mogelijk was door meer spullen te bezitten, is er nu een fundamentele verschuiving gaande in dit model. Toegang wordt een businessmodel.

Dit concept komt tot uiting in diensten als autodeelplatformen. Anders dan vroeger is de auto voor veel mensen geen statussymbool meer, maar een functioneel apparaat, dat aardig wat kosten met zich meebrengt. Daarnaast wordt het voertuig door velen niet als duurzaam beschouwd. Waarom nog een auto kopen als die ook te huur is?

Autodelen

Zo lenen mensen die geen auto tot hun beschikking hebben, er tegen betaling een van iemand uit de buurt via SnappCar. Dit bedrijf bemiddelt in het delen van auto’s tussen particulieren, ook wel peer-to-peer-autodelen genoemd. Particulieren verhuren via de site hun eigen auto tegen een zelf te bepalen financiële vergoeding.

Een ander platform, Blablacar, brengt bestuurders met vrije plaatsen in hun auto in contact met passagiers die op zoek zijn naar een lift. De bestuurders bepalen zelf het bedrag waarvoor mensen mogen meeliften.

Peerby biedt een vergelijkbaar concept, maar dan met spullen. Gebruikers die een boor nodig hebben lenen die via dit platform eenvoudig bij iemand in de buurt die er een in de schuur heeft liggen.

Zakelijk delen

Maar behalve toegang tot producten, biedt de deeleconomie ook toegang tot mensen of vaardigheden. Zo verbindt Deelkelder.nl mensen met dezelfde hobby’s met elkaar. Op zakelijk gebied is Seats2meet actief met het verbinden van sociaal kapitaal, locaties en professionals. Via het platform Floow2 kunnen bedrijven en instellingen onderling materiaal, diensten, faciliteiten en medewerkers delen.
 

  • Geen producten, maar ervaringen

Bedrijven uit de deeleconomie spelen daarnaast in op consumenten die hun geld liever aan ervaringen besteden dan aan spullen. Deze consumenten zijn op zoek naar een persoonlijke benadering, die ze bijvoorbeeld vinden bij Airbnb.

In plaats van een onpersoonlijke hotelkamer, reserveren zij via deze dienst een verblijf bij iemand thuis. Particulieren bieden op het platform van Airbnb hun eigen kamer, appartement, huis of woonboot aan en spreken met de huurder af wanneer die komt en wat hij betaalt.

Met een beetje geluk verblijven gasten vervolgens voor een schijntje (vergeleken met hotels op dezelfde locatie) in een uniek verblijf op Times Square of op steenworp afstand van de Eiffeltoren. Met insider-tips van de verhuurder kunnen gasten hun vakantieverblijf bovendien als heuse locals verkennen.

Groot zonder eigen vastgoed

Dat deze aanpak werkt, blijkt uit de cijfers die Airbnb laat zien. Op het platform, dat in 2008 als start-up de markt opschudde, bieden particulieren inmiddels meer dan 2 miljoen accommodaties aan, in 34.000 steden verspreid over meer dan 191 landen.

En ook Airbnb zelf profiteert van de verschuiving van bezit naar toegang. Zonder enig vastgoed in bezit te hebben, is het bedrijf een van de grootste aanbieders van overnachtingen in markt van accommodatieverhuur. In Nederland streefde het platform vorig jaar de grootste hotelketens al voorbij qua kameraanbod. In ons land biedt Airbnb circa 15.000 accommodaties aan. Ter vergelijking: Van der Valk, NH Hotels en Accor hebben respectievelijk 8.400, 6.800 en 6.700 kamers.
 

  • Technologie en innovatie

Consumenten waarderen efficiëntie en gemak meer dan ooit tevoren. De deeleconomie biedt die efficiëntie, onder meer bereikt door het gebruik van technologie. Zo koppelen verschillende deelplatformen gebruikers aan elkaar met behulp van gebruiksvriendelijke websites en smartphone-apps. Zo staan Airbnb en Uber, maar ook initiatieven als Thuisafgehaald, Peerby en Snappcar, gebruikers toe overal en op elk moment gebruik te maken van hun dienst.

De applicaties slaan onder meer voorkeuren op en weten door middel van GPS waar een gebruiker zich bevindt. Al lopend op straat reserveert die via zijn smartphone een maaltijd, werkruimte of vakantieverblijf. Door data te verzamelen, kunnen deze platforms hun applicaties en diensten bovendien continu verbeteren.
 

  • Vertrouwen door het peer-to-peer-reputatiesysteem

Het peer-to-peermodel, waarop de meeste deelinitatieven zijn gebaseerd, leiden tot vertrouwen. Op deelplatformen komen gelijkgestemden op basis van gelijkwaardigheid en gedeelde interesses en waardes samen. Zij begrijpen hoe ze elkaar door te delen verder kunnen helpen. De werking van dit soort deelplatformen is gebaseerd op vertrouwen en transparantie.

Reviews

Zo schrijven mensen die een kamer huren via Airbnb na afloop van hun verblijf een review over de kwaliteit van hun verblijf en hun gastheer. Die doet vervolgens hetzelfde voor zijn gast. Zo kunnen verhuurders zien of de vreemdeling die ze over een paar weken in hun huis verwelkomen wel betrouwbaar is.

Huurders kunnen op hun beurt bekijken of het huis inderdaad zo schoon is als de verhuurder beweert. Zo krijgt de deeleconomie het voor elkaar dat mensen volslagen vreemden, die ze nooit fysiek hebben gezien of gesproken, vertrouwen. Dit vertrouwen geeft Airbnb en andere bedrijven een autoriteitspositie.
 

  • Word onmisbaar

Een belangrijke factor voor disruptie is onmisbaarheid. Verschillende diensten zijn niet meer weg te denken uit de dagelijkse praktijk. Daarnaast signaleren de bedrijven een vraag naar hun dienst.

Zo maakte Airbnb onlangs bekend verdere stappen te zetten in de zakelijke markt. Het bedrijf tekende volgens CNBC contracten met American Express Global Business Travel, BCD Travel en Carlson Wagonlit Travel. Met deze stap zou Airbnb willen inspelen op de behoefte vanuit grote bedrijven om hun werknemers tijdens het reizen een betaalbaar Airbnb-verblijf aan te bieden.

Uit onderzoek blijkt dat zakelijke reizigers gemiddeld zeven nachten in een Airbnb-accommodatie verblijven, twee keer zo lang als in traditionele hotels, schrijft CNBC. Bovendien kunnen bedrijven tot 37 procent besparen door te boeken via Airbnb, blijkt uit het onderzoek. 

'Innovatie is nodig'

Al is er veel kritiek op bedrijven als Uber en Airbnb – ze zouden oneerlijke concurrenten voor gevestigde bedrijven in de sector zijn -, ook de politiek ziet in dat deze disruptors onmisbaar zijn. Zo stelde de Europese Commissie onlangs dat dit soort bedrijven werkgelegenheid en groei opleveren. De Europese Unie (EU) besloot dan ook dat bedrijven als Uber en Airbnb niet mogen worden verboden. In plaats daarvan wil de EU overzichtelijkere regels voor deeleconomiebedrijven inlassen.

“Een concurrerende economie heeft innovatie nodig, of het nu gaat over producten of diensten”, zei Jyrki Katainen, vicevoorzitter van de Commissie, bevoegd voor Banen, Groei, Investeringen en Concurrentievermogen, onlangs. “Europa’s volgende eenhoorn zou uit de deeleconomie kunnen voortkomen. Het is onze taak een regelgevingsklimaat aan te moedigen waarin nieuwe bedrijfsmodellen zich kunnen ontwikkelen en tegelijkertijd de consumenten worden beschermd en eerlijke belastings- en arbeidsvoorwaarden worden gewaarborgd."

Commissaris Elżbieta Bieńkowska, bevoegd voor Interne markt, Industrie, Ondernemerschap en Midden- en Kleinbedrijf: "De deeleconomie is een kans voor consumenten, ondernemers en bedrijven – op voorwaarde dat we het goed aanpakken. Als we toelaten dat onze interne markt volgens nationale of zelfs lokale breuklijnen gefragmenteerd raakt, riskeert Europa als geheel achter het net te vissen.”

Deeleconomie

Word nu Free Member en ontvang de laatste duurzame ontwikkelingen gratis in je inbox. Met nu tijdelijk een GRATIS digitaal exemplaar van ons magazine.

Bron: PricewaterhouseCoopers, CNBC, Europese Commissie, Airbnb, Uber, Peerby, SnappCar, Blablacar, Seats2Meet, Floow2, Thuisafgehaald | Foto: Header-foto: Airbnb, Footer-foto: Alper Çuğun, via Flickr Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven), Infographic: Robin de Boer

Door: Chris Thijssen

Redacteur DuurzaamBedrijfsleven. Volgt duurzame ontwikkelingen in de sectoren Groothandel & Retail, Voeding & Dranken, Landbouw & Visserij en Kleding. Altijd op zoek naar oplossingen voor een duurzame productieketen.