17-10-2012 11:33 | Door: Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl

Greenqloud is een nieuwe clouddienst uit IJsland, vergelijkbaar met Dropbox. Maar, er is één groot verschil: het heeft geen ecologische voetafdruk.

Steeds meer ICT-diensten gaan de ‘cloud’ in, dat betekent dat software of hardware gebruikt wordt die ergens anders in de wereld draait. Denk bijvoorbeeld aan de vakantiekiekjes die veel mensen via Facebook bewaren. Het verwerken van de data van de Facebooks, Twitters en YouTubes van deze wereld kost echter steeds meer (fossiele) energie.

In IJsland doen ze het anders. Greenqloud “draait rechtstreeks op duurzame energie,” zegt medeoprichter Eirikhur Hrafnsonn. Greenqloud (niet te verwarren met het Nederlandse Greenclouds) heeft datacentra die zo goed als geen impact hebben op het milieu.

Dat kan ook makkelijk in het Scandinavische land. IJsland wekt maar liefst 80 procent van zijn energiehuishouding via duurzame bronnen op waarbij geothermische warmte belangrijke rol speelt. Door het klimaat is ook het koelen van computerhallen een koud kunstje.

Duurzame data

Greenqloud hoopt door sympathie van de consument een competitief voordeel te verkrijgen. Bedrijven als Google zijn zich ook bewust van het voordeel dat de positieve houding van de consument met zich meebrengt. Daarom wil ook de zoekmachinegigant groen zijn, maar op een andere manier dan de IJslanders. Google koopt CO2-certificaten zonder daadwerkelijk zelf duurzaam te zijn..

Actieve start-up-cultuur

Na de ineenstorting van het bankwezen in 2008 is er een positief klimaat ontwikkeld voor startende bedrijven in IJsland. Nadat het IMF het land overeind moest houden is de munt gedevalueerd, dat veel nieuwe investeerders heeft aangetrokken. “Er is hier een levendige start-up-cultuur, iets dat voor de crisis nog niet bestond,” zegt Hrafnsonn.

Bala Kamallharan is een ex-bankier die voor een IJslandse bank werkte. Hij heeft €2 mln geïnvesteerd in de ICT-onderneming. Voorlopig is dat een groot bedrag in vergelijking met de €250.000 die de Greenqloud komend jaar verwacht om te zetten. Dat geld moet van tweehonderd kleine klanten komen, maar Hrafnsonn denkt al verder: “Misschien draait er ooit een Booking.com op onze servers”.

Bron: sprout.nl

Foto: Danny Nicholson