07-02-2014 06:19 | Door: Mark Beumer

Voor zijn duurzaamheidsbeleid hanteert de gemeente Eindhoven een strategisch framework dat vooral populair is bij ondernemers. Maar bedrijven in de Lichtstad doen daarom wel graag mee.

Eindhoven is nauw verbonden met de hightech-maakindustrie. Denk aan de geavanceerde medische apparatuur van Philips, de chipmachines van ASML en de halfgeleiders van NXP. Het zijn bedrijven die bloeien bij een de van talentvolle ingenieurs van de Technische Universiteit. In 2011 won Eindhoven niet voor niets de titel ‘Smartest Region in The World’. Naast Delft is de gemeente het paradepaardje van Nederlandse innovatiekracht.

Maar die verbintenis heeft ook nadelen. De hightech-industrie is gevoelig voor de economische conjunctuur. Eindhoven vangt de eerste klappen op bij economische teruggang – en is de eerste regio die daarvan herstelt. De kosten voor grondstoffen en energie zijn van grote invloed op de winstgevendheid van ondernemingen. Indirect is de regio afhankelijk van industrieën die afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen en stoffen uit de aardbodem zoals metalen en mineralen. De effecten van on-duurzaamheid in deze industrieën heeft direct gevolgen voor de bedrijvigheid in Eindhoven.

 

Strategische doelstellingen

 

En dus bestaat er in Eindhoven een zeer direct economisch motief om met duurzaamheid aan de slag te gaan. Met die gedachte kwam Vanessa Silvertand, programmamanager Duurzaamheid bij de gemeente Eindhoven, in 2009 in contact met The Natural Step, een internationale ngo voor duurzame ontwikkeling. The Natural Step helpt beslissers in het bedrijfsleven en de publieke sector naar duurzaamheid en succes.

 

Het strategisch toewerken naar duurzaamheid leidt tot nieuwe kansen, lagere kosten, en een drastisch verminderde ecologische en sociale voetafdruk.

 

“We wilden, en willen, van Eindhoven een duurzame stad maken,” aldus Silvertand. “Een stad waarin het prettig wonen, werken en recreëren is. Een stad die rekening houdt met de behoeften van de huidige generatie zonder die van toekomstige generaties in gevaar te brengen.”

Die ambitie is met het strategische framework van TNS vertaald naar concrete doelstellingen. Zo moet in de toekomst 100 procent van de energie duurzaam zijn en waar mogelijk in de stad zelf worden opgewekt. Alle gebouwen in Eindhoven zullen energieneutraal zijn en gemaakt zijn van hernieuwbare en herbruikbare materialen. Voertuigen rijden op duurzame brandstoffen en stoten geen schadelijke stoffen uit.

 

Gedeelde taal en aanpak

 

Het strategisch toewerken naar duurzaamheid leidt tot nieuwe kansen, lagere kosten, en een drastisch verminderde ecologische en sociale voetafdruk, zegt The Natural Step. De organisatie heeft een waslijst van adepten, waaronder IKEA, Philips, Starbucks, AkzoNobel, Interface, Nike en Panasonic.

Ook voor de gemeente Eindhoven was de keuze voor TNS logisch. Silvertand: “We zochten in Eindhoven een gedeelde taal en gedeelde aanpak. Dat is de basis om gezamenlijk aan een duurzame stad te kunnen werken. Die taal moest rusten op een stevig fundament. Dat is precies wat The Natural Step biedt: een wetenschappelijk fundament van wat duurzaamheid is en daarnaast een aanpak, het ABCD-model, om aan die duurzame situatie te werken.”

Volgens Silvertand heeft het ‘tijd en moeite’ gekost om van het strategische framework dat TNS biedt naar concrete implementatie te gaan. “Je moet het zelf handen en voeten geven om duurzaamheid mee te nemen in aanbestedingen, inkopen, projecten enzovoort. Maar we zijn tevreden met hoe we het tot nu toe doen.”

 

Domino

 

Opmerkelijk is dat ondernemerschap een grote rol speelt in het vormgeven van de duurzaamheidsambitie van de gemeente Eindhoven. Het stimuleren van duurzaamheid bij bedrijven is een van de expliciet benoemde strategische doelstellingen. “We kunnen nooit alleen als gemeente een duurzame stad worden. We hebben iedereen nodig,” zegt Silvertand.

Dat gaat met zachte hand via kennisdeling en netwerken, maar er worden ook harde eisen gesteld. “Via aanbesteding waarbij we duurzaamheid in de voorwaarden opnemen bijvoorbeeld.” Stadspoort Landbouw is een gebouw dat gebouwd is volgens de principes van TNS. En met succes. “Het is op allerlei gebieden duurzamer dan reguliere bouw en was geen euro duurder.”

 

Een energiemanager wiens enige taak het is om energie te besparen heeft nu al meer kosten bespaard dan dat zijn functie op jaarbasis kost.

 

Een ander voorbeeld betreft de prestatieafspraken die gemaakt zijn met woningcorporaties op basis van The Natural Step. Die hebben tot gevolg dat de corporaties TNS ook omarmen en van hun partners vragen om hetzelfde te doen, bijvoorbeeld bouwbedrijven bij de aanbesteding van nieuwbouw. Een hele keten van aannemers en onderaannemers valt daarmee als dominosteentjes voor duurzaamheid.

Ook in de eigen, gemeentelijke organisatie bevalt het ondernemerschap goed. Een interessante casus: de energierekening. Met een gemiddelde jaarlijkse kostenpost van € 6.500.000 aan energie is het niet onlogisch om te bekijken welke winst hier te behalen valt. Medio 2013 is een energiemanager aangesteld wiens enige taak het is om te besparen op energie. Er is nu al meer bespaard dan dat zijn functie op jaarbasis kost.

Foto: Georgie Sharp via Flickr.com