27-08-2015 07:51 | Door: Thijs ten Brinck

De Amerikaanse biotechbedrijven Gevo en Butamax begraven de strijdbijl rond een aantal patenten over de productie van de biobrandstof isobutanol.

Butamax, een joint venture van BP en Dupont, en Gevo claimen de bespaarde tijd en middelen vanaf nu samen in te zetten voor groei van de biobrandstofmarkt. Ook werken ze zoveel mogelijk samen in procedures om gebruik van de biobrandstoffen goedgekeurd te krijgen.  

“Het doel van deze overeenkomst is om de marktontwikkeling van biobased iso-butanol te versnellen”, zegt Paul Beckwith, CEO van Butamax. “Dit biedt producenten van bio-ethanol toegang tot de markt voor bio-butanol en verlaagt de kosten voor afnemers.”

Ter land, .. en in de lucht

De bedrijven nemen wederzijds licenties op de patenten waar het conflict om begonnen was en hebben beloofd niet dezelfde enzymen te gebruiken in de verdere ontwikkeling van de brandstoffen. Tot een jaarproductie van 110 miljoen liter zijn de bedrijven elkaar geen licentiegeld verschuldigd.

Verder hebben de bedrijven aangekondigd zich in de praktijk te richten op afzonderlijke marktsegmenten. Butamax neemt daarbij het wegtransport voor zijn rekening, met een biobrandstof die tot 16 procent kan worden bijgemengd in reguliere benzine.

Gevo concentreert zich op de luchtvaart met een hernieuwbare variant op kerosine, gemaakt uit bio-ethanol. Alaska Airlines zal waarschijnlijk nog dit jaar testvluchten maken met de brandstof. Gevo werkt ook samen met Coca-Cola en Total.

Bron: Gevo | Foto: Gevo