15-03-2014 10:30 | Door: Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl

Melle Koot doorliep niet de kunstacademie, maar begon als zeilschipper. Veel schippers werken aan hun eigen boot. Zo ook Melle Koot die zich toelegde op houtbewerking.

In de winters verdiende hij een zakcentje bij meubelmakerij Martijn Hoogendoorn. Hier leerde hij meubels maken. Langzaamaan begon Koot zich meer te richten op ontwerpen.

In 2010 werd hij uitgeroepen tot duurzaamste ondernemer van Groningen en vorig jaar werkte hij mee aan de meest duurzame hotelkamer van Nederland. Ook op zee probeerde hij al duurzaam te werken, maar tegenwoordig wordt hij er als ontwerper speciaal voor gevraagd. “Het grote verschil is dat ik nu aan mensen vertel hoe en waarom ik duurzaam werk”, vertelt de Groninger.

Het grote verschil is dat ik nu aan mensen vertel hoe en waarom ik duurzaam werk

Samenwerking

Vanaf 2008 begonnen de zaken goed te lopen, precies rond het moment dat de interesse in duurzaamheid pijlsnel toenam. “Iedereen wilde meedoen aan de circulaire economie en dat is economisch gezien ook interessant,” vindt Melle Koot. Er is op dat terrein tegenwoordig veel meer samenwerking tussen verschillende bedrijven.

Koot heeft bijvoorbeeld een overeenkomst met tapijtfabrikant Desso. Van hen kan hij tapijten huren in plaats van kopen. Alle artikelen gaan uiteindelijk terug naar de fabriek voor hergebruik. De aanschaf is goedkoper, omdat de grondstoffen eigendom blijven van de fabrikant.

Koot probeert zoveel mogelijk materialen te hergebruiken.

“Ik kies ervoor producten zo in elkaar te zetten dat ze ook weer makkelijk uit elkaar kunnen.  Zo kunnen grondstoffen een nieuwe bestemming te krijgen.” Zoals de stoel met de naam Ambrozijn 1.0 die gemaakt is vanuit het Cradle to Cradle-principe.

Op dit moment werkt hij aan een nieuwe lijn lampen, waar hij nog niet alles over kan vertellen. De concurrentie kijkt tenslotte mee. Lijm komt er in elk geval niet aan te pas en het materiaal heeft een robuuste uitstraling. Het ontwerp lijkt op een kliksysteem of een puzzel, gemaakt van een zuivere, nog geheime, grondstof.

Ik kies ervoor producten zo in elkaar te zetten dat ze ook weer makkelijk uit elkaar kunnen.

Ook maakt Koot producten van resthout. In zagerijen gaat vaak veel hout verloren. De zogenaamde restenserie uit zijn collectie is uit dit proces voortgekomen.

Zijn eigen werkplek is nog niet heel duurzaam. Koot is net twee dagen geleden verhuisd naar een ruimere werkplaats. De ramen van enkel glas en de verlichting kunnen beter. Maar aan het huurpand mag hij niet zoveel veranderen.

Struikelblokken

Klanten zijn zelden een probleem, fabrikanten des te meer. Innovatie vergt tijd en een goede communicatie en verstandhouding met leveranciers. Vaak wordt elke ontwikkeling als een probleem gezien. Dan is het belangrijk niet in discussie te gaan, maar trouw te blijven aan je eigen ideeën, vindt Koot.

"Voor het leveren van producten en interieurs heb je telkens met andere mensen te maken. Die moet je meekrijgen met het idee. Als je bijvoorbeeld een stoel ontwerpt met afwijkende verbindingen, moet je die fabrikant zo gek krijgen dat ie het doet."

“ Om te blijven innoveren moet je andere mensen enthousiasmeren voor je product”

Duurzaam lease- kantoor

Koot probeert bedrijven ervan te overtuigen dat zij de door hem ontworpen kantoorinrichting beter kunnen leasen dan kopen. Hij ziet dit als een nieuwe trend. Meubels blijven langer in omloop en worden niet zomaar weggegooid. Soms brengt dat mensen in verwarring, omdat het in strijd is met het vastgeroeste idee van eigendom. Er is sprake van samenwerking met fabrikanten die bijvoorbeeld lampen leasen op basis van het aantal lichturen. Hiervoor werkt hij onder andere samen met TurnToo. Door het MVO Nederland is onderzocht dat leasen drie procent voordeliger is dan koop.

Op de korte termijn is lease een mooi concept, vindt Koot. Het beperkt bezit en er wordt minder weggegooid. Ook wanneer kantoren van interieur veranderen, is er altijd wel iemand te vinden die een oude bureaustoel wil hebben. Voor de periode daarna heeft hij ideeën voor de oprichting van een grondstoffenbank, waar alle producten worden ingezameld en geredistribueerd. Als voorbeeld noemt hij staal dat al heel goed wordt gesorteerd, maar waar het in de verdere uitvoering spaak loopt.

Voor mensen die op zoek zijn naar trends en nieuwe namen op het gebied van duurzaam ontwerp, tipt Koot zijn collega Tjeerd Veenhoven. “Ik heb veel respect en bewondering voor zijn experimenten en prachtige ideeën.” Veenhoven is vooral bekend van zijn slippers gemaakt van palmbladeren. Van de boom gevallen en na behandeling met een bio-based vloeistof gebruikt voor artikelen als tassen en slippers.

Wat dat betreft raadt Koot start-ups aan vooral de weg te kiezen die ze zelf interessant vinden. “ Die moeten zich niet te laten weerhouden door vastomlijnde ideeën en mogelijkheden die bepalen hoe je dingen zou moeten doen.”

“Kies voor wat je zelf interessant vindt en laat je niet weerhouden door te veel mogelijkheden”

 

 

Foto's met toestemming van Melle Koot gebruikt | Peter de Kan, Studio Aandacht, Pauline Joosten, Esther Fledderman