15-04-2016 10:08 | Door: Chris Thijssen

In de Plantentuin in de Belgische plaats Meise zijn pijlgifkikkers voortaan verantwoordelijk voor de bestrijding van insecten. Hiermee maakt de Plantentuin het gebruik van schadelijke bestrijdingsmiddelen overbodig.

Plantentuin Meise, in de buurt van Brussel, is met 92 hectare een van de grootste plantentuinen ter wereld. De tuin herbergt 18.000 plantensoorten.

Om deze planten biologische te bestrijden, zonder gebruik van pesticiden, zet de Plantentuin sinds kort pijlgifkikkers in. De geel-zwarte kikkers, volgens de Plantentuin afkomstig van een duurzame kweker in Colombia, zijn slechts 25 tot 30 millimeter groot en eten vooral mieren en kleine ongewervelden.

In veel gevallen beschermen mieren bladluizen, omdat die de mieren voorzien van het teveel aan bladsuikers dat de luizen eten. Wanneer de kikkers het aantal mieren in de tuin laat afnemen, zal volgens de Plantentuin ook de hoeveelheid bladluis afnemen.

Bescherming tropische planten

In de Plantentuin zijn veertig pijlgifkikkers ingezet. Deze moeten de planten in de Mabunda-kas beschermen. In deze kas groeien tropische soorten, zoals de bananenplant, de ananas en de kokospalm. Het is de bedoeling dat de kikkers natuurlijk voortplanten.

In een later stadium wil de Plantentuin de kikkers ook inzetten in de serre met reuzenwaterlelies en de regenwoudkassen.

In hun natuurlijke habitat zijn de geelgestreepte pijlgifkikkers giftig, omdat ze daar giftige insecten eten. Doordat ze in de Belgische Plantentuin geen giftige insecten eten, verliezen ze deze eigenschap.

Bron: Plantentuin Meise | Foto: Plantentuin Meise (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)