26-02-2016 07:27 | Door: Fitria Jelyta

Synthetisch papier van het Zweedse KTH Royal Institute of Technology maakt het mogelijk om verschillende ziektes op te sporen in lichaamsvocht. Dit kan leiden tot een vermindering van zorgkosten.

De Zweedse onderzoeker Jonas Hansson werkte samen met de Belgische wetenschapper Wouter van der Wijngaart aan het synthetische papier dat de aanwezigheid van verschillende ziektes in lichaamsvocht kan detecteren. In tegenstelling tot bestaande diagnosetechnieken die gebruikmaken van papier, zoals zwangerschapstesten, is de structuur van dit synthetische papier vooraf bepaald.

De papiervezels zijn gerangschikt op micrometerniveau, waardoor de onderzoekers de afstand tussen de vezels gemakkelijk kunnen bepalen. Hierdoor kan het nieuwe synthetische papier volgens de onderzoekers nauwkeurige diagnoseresultaten weergeven.

Zo kan het materiaal zowel een zwangerschap als een virus, zoals het hiv-virus, detecteren. De onderzoekers denken in de toekomst ook hartaandoeningen met de test te diagnosticeren. 

“Het oppervlak van elke vezel in het papier kan worden toegewezen aan verschillende chemische reacties, zoals de snelheid waarmee een bepaald soort lichaamsvocht door het papier wordt geabsorbeerd”, zegt van der Wijngaart. “Verschillende delen van het papier kunnen dus worden gebruikt voor verschillende soorten diagnosetesten.” Volgens de wetenschappers levert het systeem binnen 20 tot 30 minuten diagnoseresultaten op.

Doe-het-zelf-test

De wetenschappers van het KTH Royal Institute of Technology zien kansen om de diagnostische test in werelddelen toe te passen met een gebrek aan infrastructuur en vervoersmiddelen om naar gezondheidsinstellingen te reizen.

“Een groeiend aanbod aan doe-het-zelf-testen wordt beschikbaar in apotheken”, zegt Hansson. “De tests kunnen op alle momenten van de dag en overal ter wereld worden uitgevoerd zonder gebruik te maken van elektronische apparatuur. Dit draagt bij aan verbetering van de zorg, waarin steeds meer activiteiten thuis plaatsvinden in plaats van in zorgklinieken.”

Bron: KTH Royal Institute of Technology | Foto: