24-03-2018 12:00 | Door: Britt van den Elshout

Willen we over 20 jaar nog genoeg vis op ons bord, dan zal een ontzettend groot deel van die vis uit kweekvijvers moeten komen. Dat gebeurt op dit moment al, maar daar komt in de toekomst nog eens 100 miljoen ton vis bovenop. De viskweek moet echter wel op een duurzame manier plaatsvinden. 

Dit stelt professor Johan Verreth van Wageningen University & Research. “De visserij bereikte twintig jaar geleden al zijn plafond, maar zal altijd belangrijk blijven in de toekomst als aanvulling op viskweek”, zegt Verreth. Visserij levert een visproduct zonder gebruik van voedingsstoffen, antibiotica, zoet water of land. Deze producten worden wel gebruikt bij viskweek. “De teelt moet in de toekomst dus wel aanvaardbaar zijn met een zo klein mogelijke ecologisch voetafdruk. Dat is nog een hele opgave.”

Lees ook: Duurzame kweekvis uit Zeeland wint innovatieprijs Horecava​

Stijging van de visconsumptie

In 2015 was de opbrengst uit de viskwekerij 70 miljoen ton. Evenveel als de opbrengst uit de zeevisserij en zelfs hoger dan de rundvleesproductie. Van de hoeveelheid vis die we consumeren, is ongeveer de helft afkomstig uit kweek. Verreth: “Je moet in ogenschouw nemen dat de visconsumptie per hoofd sterk toeneemt. In het westen zal de visconsumptie met enkele procenten stijgen, maar in Afrika en Azië ligt dat anders.” Door de sterk toenemende bevolking zal de consumptie daar met tientallen procenten stijgen.

Verreth denk dat de enorme stijging kan worden opgevangen met kweekvis, maar dan moet er nog een hoop gebeuren. Op het platteland van Azië en Afrika zou viskweek bijvoorbeeld in grote dode rivierarmen kunnen plaatsvinden. Dat zal betaalbare en nodige viseiwitten leveren.

Voerefficiëntie

Verder zullen er, om al die extra vis te kweken, investeringen nodig zijn om te innoveren. Vooral op het gebied van voerefficiëntie is nog veel verbetering mogelijk. Dat voer moet bijvoorbeeld plantaardig zijn in plaats van vismeel. Soja is echter uitgesloten, omdat dat te veel langbouwgrond kost.  

Verder kan de voerefficiëntie verbeterd worden door de ontwikkeling van een ecologisch productiesysteem. De vis zwemt daarbij in een vijver-ecosysteem. Het afval dat de vis in de vijver produceert, wordt opnieuw benut voor de productie van visvoer. In het ecosysteem produceren bacteriën en andere microbiëlen gemeenschappelijke vlokken die rechtstreeks door de vis te benutten zijn. De hoeveelheid voer blijft op deze manier laag, maar de productie ligt wel hoog. Een andere positieve bijkomstigheid is dat het concept ook de weerbaarheid van de vis en ziekteresistentie lijkt te bevorderen

Lees ook:

Bron: Wageningen University Research | Foto: Adobe Stock