03-07-2018 16:45 | Door: Britt van den Elshout

De Nederlandse landbouw loopt tegen grenzen aan: boereninkomens staan onder druk en milieudoelen worden niet behaald. Het PBL beveelt daarom in het essay 'Naar een wenkend perspectief voor de Nederlandse landbouw' aan om in een Landbouwakkoord afspraken hierover vast te leggen. 

Het PBL presenteert het essay vandaag in Madurodam in Den Haag. Ruud Huirne, directeur Food & Agri Rabobank, Jacob Bartelds, vicevoorzitter LTO Nederland, Hester Maij, gedeputeerde van de provincie Overijssel, en Johan Verhagen, woordvoerder verkleining veestapel Schiermonnikoog, zijn hier onder andere bij aanwezig.

Download hier het essay

Verandering is lastig voor de boer

De Nederlandse landbouw heeft zich na de Tweede Wereldoorlog dankzij intensivering, schaalvergroting en kostprijsverlaging ontwikkeld tot een hoogproductieve, kennisintensieve en internationaal concurrerende sector. Daar staat tegenover dat voor een grote groep boeren het inkomen onder druk staat en dat de milieudoelen niet behaald worden.

De afgelopen decennia zijn er allerlei maatschappelijke initiatieven ontplooid, commissies in het leven geroepen, innovaties gedaan en adviesrapporten verschenen om te zoeken naar oplossingen en nieuwe mogelijkheden. Maar op slechts een klein percentage van het landbouwperceel zijn alternatieve, duurzame vormen van landbouw van de grond gekomen.

"Er lopen talloze pilots over duurzame teelt”, zegt Joris Baecke, bestuurslid LTO Nederland. “Die kennis bereikt de boeren niet. Het ontbreekt ook aan een praktische vertaling, zodat boeren ermee aan de slag kunnen."

Landbouwakkoord

Volgens het PBL is het aanscherpen van de regelgeving, waardoor deze nog fijnmaziger en complexer wordt, in ieder geval geen goede oplossing. Maar wat dan wel? PBL-directeur Hans Mommaas: "Analoog aan het energieakkoord moet er ook een landbouwakkoord komen. Een platform met veel partijen moet met elkaar om de tafel om bindende afspraken te maken. De overheid is als eerste aan zet om dit platform van de grond te krijgen."

Dit landbouwakkoord zal de overheid samen met het bedrijfsleven, het maatschappelijk middenveld en boerenorganisaties moeten ontwikkelen op basis van drie voorwaarden die in het essay worden genoemd. Belangrijk is dat er ook wordt aangegeven hoe de betrokken partijen de verduurzaming van de landbouw daadwerkelijk gaan verwezenlijken.  

Voorwaarden voor het landbouwakkoord

Ten eerste vraagt een koerswijziging richting duurzame verdienmodellen voor boer en leefomgeving volgens het PBL om een breed gedragen toekomstbeeld. Dat vergt politieke onderhandeling over hoe het landschap, de voedselvoorziening en de natuur eruit moeten zien en wat we hiervoor overhebben.

'Afspraken over nieuwe verdienmodellen moeten met de hele keten gemaakt worden'

Schaalverkleining is volgens Ruud Huirne, directeur Food & Agri bij Rabobank, echter geen oplossing. “Schaalvergroting is een algemeen fenomeen en is niet specifiek een probleem voor de landbouw. In plaats van schaalverkleining moeten we voorlopers meer stimuleren, financieel, maar ook door hen minder regels op te leggen."

Daarnaast is er helderheid nodig over de rol die ondernemers, banken, regio’s en de Rijksoverheid gaan vervullen. De landbouw is namelijk een complex geheel aan relaties, afhankelijkheden en contracten dat samenkomt op het erf van de boer. Hester Maij, gedeputeerde provincie Overijssel: "Afspraken over nieuwe verdienmodellen moeten daarom niet alleen met de boeren worden gemaakt, maar met de hele keten."

Ten slotte stelt het PBL dat een koerswijziging alleen kan plaatsvinden met een nieuwe aanpak gericht op het ontwikkelen van andere verdienmodellen en het omgaan met verliezen. Met deze aanpak kan er volgens het PBL een nieuw wenkend perspectief voor de Nederlandse landbouw ontwikkeld worden waarin de Rijksoverheid een belangrijke rol zal vervullen.

Lees verder:

Bron: Planbureau voor de Leefomgeving | Foto: Adobe Stock