07-01-2019 15:00 | Door: Martijn van der Donk

Geen opvolger kunnen vinden, de trend van schaalvergroting die zorgt voor steeds zwaardere concurrentie, milieu-eisen die steeds strenger worden; veel boeren worstelen om hun hoofd boven water te houden. In de Achterhoek proberen ze het tij te keren. Een groep boeren maakt daar de (gedeeltelijke) transitie van voedselproducent naar energieproducent. 

Wijnexcursies, proeverijen, bruiloften; het idyllische Wijngoed Montferland in het Achterhoekse Gendringen kan jaarlijks rekenen op een flink aantal bezoekers. Die zullen zich nauwelijks kunnen voorstellen dat 25 jaar geleden het boerenleven van de eigenaar er nog heel anders uitzag. 

Een varkenshouderij diende toen als stevig fundament van een goedlopend gemengd bedrijf. Het leverde de familie Masselink een goede boterham op. 

Kentering

Maar toen kwam in de jaren negentig de kentering. Mond-en-klauwzeer, mestproblematiek, stankoverlast, marges die in de varkenssector steeds meer onder druk komen. “Ik merkte in mijn directe omgeving dat er steeds meer weerstand ontstond tegen de varkenshouderij. Buren zeiden geen gedag meer en ook vrienden waren kritisch”, aldus eigenaar Leon Masselink. 

Hij stond destijds voor een belangrijk dilemma: “Ga ik mee in de trend van schaalvergroting en breid ik mijn stallen uit, of stop ik met de varkenshouderij en richt ik mij op andere agrarische praktijken?” Uitbreiding op de bestaande locatie was voor door het gebrek aan draagvlak geen optie. Om uit te breiden zou ik mijn bedrijf naar Duitsland moeten verhuizen, maar dat ging me toch een stap te ver. Daar ben ik toch te veel Achterhoeker voor.”

Wijnbouw

Er bleef kortom één optie over: stoppen met de varkenshouderij. “Het boerenleven was me echter te lief om er volledig afscheid van te nemen. Daarom zocht ik naar een vervangende activiteit. Dat werd de wijnbouw. Dat is iets waar al langer mijn interesse naar uitging. Dit was een mooi moment om die stap te nemen. Wijnbouw is een groeiende agrarische tak in Nederland. “Het veranderende klimaat is ons in dit opzicht gunstig gezind. Door de stijgende temperaturen is het tegenwoordig tot in Denemarken al mogelijk om goede wijn te verbouwen. “ 

Omschakelen betekende wel dat Masselink zijn oude stallen eerst moest slopen. Daarnaast wachtte hem de lastige taak om voor de bouwkavel van 1,7 hectare een nieuwe bestemming te vinden. “Het oorspronkelijke plan was om er nieuwe woningen te plaatsen, maar door de crisis ging dat uiteindelijk niet door. “ 

Zonnepanelen

Het worden nu tussen de 6000 en 7000 zonnepanelen. Masselink is één van de vijf boeren in de Achterhoek die meedoet aan Zon op Erf, een programma dat in 2015 in het leven is geroepen door AGEM. De energiecoöperatie werkt aan het versterken van de Achterhoek als regio door het aanjagen van de energietransitie en het benutten van kansen die deze transitie biedt. Doel van het project Zon op Erf is het voorkomen van leegstand en vrijkomende boerenerven te benutten voor de opwekking van zonne-energie.

Lees ook: Shell plaatst 76.000 zonnepanelen in mega-zonnepark

Leegstand van boerderijen is een serieus probleem in de Achterhoek. In de periode 2016 tot 2030 zullen er naar verwachting 1.500 agrarische bedrijven vrijkomen. Op de helft van deze vrijkomende erven komen schuren met asbest leeg te staan, wat kan leiden tot verrommeling van het landschap.

Zon Op Erf biedt een kans om 750 vrijkomende erven te saneren en vervolgens in te zetten als groot decentraal zonnenetwerk van 750 MW. Gezamenlijk kunnen ze voorzien in ongeveer de helft van de huidige stroombehoefte van de Achterhoek. Daarmee neemt de regio een flinke stap richting de ambitie om in 2030 energieneutraal te zijn en dient het project daarnaast als nieuw duurzaam verdienmodel voor boeren. Het biedt hen de kans om (gedeeltelijk) de transitie te maken van voedselproducent naar energieproducent. 

Hoopvol gestemd

Aad Grandia, ontwikkelaar duurzame energieprojecten bij AGEM, is hoopvol gestemd over de kansen die dit project biedt voor boeren. “In 2017 hebben we een pilot afgerond. Daaruit bleek al dat dit project in de praktijk haalbaar is. Het financiële rendement voor de boer is voldoende, zowel bij een eigen investering als bij een kapitaalinjectie van een derde partij.”

Al zijn er tegelijkertijd nog wel wat hindernissen te nemen, erkent Grandia. “Voor veel boeren zijn de sloop- en saneringskosten nog een groot struikelblok. Daarvoor zou mogelijk een apart fonds uitkomst kunnen bieden.”

Standaard ontbreekt

Door het innovatieve karakter van dit project ontbreekt het daarnaast aan een standaard voor bijvoorbeeld de financiering of verzekering van de panelen, concludeert Grandia. “Je hebt het over projecten van maximaal €1,5 mln. Banken zitten er vaak niet op te wachten, omdat het veel werk is voor een relatief klein investeringsbedrag. Een standaard financiering voor dit soort projecten zou een oplossing kunnen zijn. Voor verzekeringen geldt hetzelfde”. 

Voorlopig leunt het project nog sterk op een investeringssubsidie van de provincie Gelderland. De bedoeling is dat er ook zonder die financiële steun nog een businesscase is. Volgens Grandia liggen er genoeg kansen om dat in de toekomst mogelijk te maken. “Met een stijgend rendement van zonnepanelen en dalende kosten wordt investeren in zonnepanelen steeds aantrekkelijker.”

Van erf naar perceel

Daarnaast liggen er volgens de ontwikkelaar kansen om het project uit te breiden. Nu is bij de helft van de 1.500 stoppende boeren het erf groot genoeg om met het plaatsen van zonnepanelen een rendabele businesscase neer te zetten. Als ook een deel van het perceel kan worden ingezet om panelen te plaatsen, kan het aantal deelnemende boeren nog stijgen. “We hebben in eerste instantie voor het erf gekozen als oppervlak voor zonnepanelen, omdat het daarvoor relatief gemakkelijk is om het bestemmingsplan aan te passen. Voor agrarisch land is dat wat lastiger, al zie je wel dat gemeentes hun best doen om procedures te vereenvoudigen en regelgeving te versoepelen.” Daarnaast levert het inzetten van landbouwgrond voor zonnepanelen nu nog wel wat discussie op. Zo stelt de agrarische belangenorganisatie LTO dat landbouwgrond primair moet worden gebruikt voor de productie van voedsel. 

Ook samenwerking tussen de zonne-energieproducenten zou volgens Grandia nog een mogelijkheid kunnen zijn om de kosten nog verder te drukken. “De oprichting van een coöperatie zou naar mijn idee voor de hand liggen. Voor het zover is moet je wel eerst goede afspraken maken over de verdeling van financiële lasten en risico’s.”

Groen licht

Voor Leon Masselink breken er de komende maanden spannende tijden aan. RVO beslist binnenkort of hij recht heeft op de SDE+-subsidie voor zijn zonnepark. “Die subsidie heb ik nu echt nog nodig om het project rendabel te krijgen.” Als hij daarvoor groen licht krijgt, verwacht hij in 2020 de gedeeltelijke transitie te kunnen maken naar energieproducent. Volgens de wijnboer liggen er best kansen om er aanvullend op zijn hoofdinkomsten als wijnboer er op den duur een leuke boterham aan te verdienen. “Het levert meer op dan bijvoorbeeld de teelt van snijmaïs op een vergelijkbare perceelgrootte.”

Lees ook: 

Lees meer over de energietransitie op onze themapagina.

Afbeelding: Shutterstock