16-04-2020 17:26 | Door: Joyce de Thouars

Private equity-partijen kunnen een grote impact hebben op de verduurzaming van de maatschappij. Maar eenvoudig is het niet: kortetermijndenken en snelle winst moeten plaatsmaken voor langetermijndenken en waardecreatie. Timo Hoogeboom, CEO van HAK, vertelt hoe bij de groente- en peulvruchtenfabrikant financieel en maatschappelijk rendement hand in hand gaan.

In de toekomst moet HAK het duurzaamste plantaardige merkenbedrijf van Europa worden. “Dat schreeuwen we niet van de daken, maar het is wel de doelstelling die we met ons managementteam hebben uitgesproken”, zegt Hoogeboom op het kantoor in Giessen, dat naast de fabriek staat. 80 procent van alle door HAK verwerkte groente wordt binnen een straal van 125 kilometer van de fabriek en volgens de oogstkalender geteeld. Op een middag in februari neemt Hoogeboom de tijd om te laten zien dat ook een bedrijf dat met private equity wordt gefinancierd missiegedreven kan zijn.

Over HAK

Iedereen kent HAK wel van de potjes rode kool en tegenwoordig ook de stazakken met bonen- en groenteschotels. Sinds 2013 focust de fabrikant zich volledig op het HAK-merk en de optimalisatie van kwaliteit en duurzaamheid. De stazak, die in 2015 aan het assortiment werd toegevoegd, moet ook de moderne consument verleiden om meer groente en peulvruchten te eten. De fabrikant kan vanuit zijn leidende positie (HAK is marktleider in de Benelux en neemt in Duitsland de tweede plaats in na Bonduelle) een grote maatschappelijke impact maken.

Wat betekent het om een missiegedreven bedrijf te zijn?

“Wij willen de consumptie van plantaardige voeding stimuleren. Enerzijds helpen we mensen om gezonder te eten als zij meer groenten en peulvruchten consumeren. Anderzijds dragen we bij aan de maatschappelijke transitie van dierlijke naar plantaardige eiwitten. Deze overgang leidt ertoe dat de uitstoot van CO2 en stikstof wordt teruggedrongen. In de markt zie je dat de vraag naar plantaardige eiwitten groeit, maar er nog een lange weg te gaan. De verhouding tussen de inname van dierlijke en plantaardige eiwitten is nu nog 65/35. Als dit naar groente verschuift, dan krijg je vanzelf een balans die gezonder is voor de mens en voor onze planeet.”

Waar loopt HAK tegenaan bij de verduurzaming van zijn eigen keten?

“Verduurzaming is het moeilijkst aan het begin en aan het einde van de keten. De consument eet niet voldoende groente. Volgens het Voedingscentrum moeten we elke dag minstens 250 gram groente eten. Hoewel mensen dit wel willen, komen ze niet verder dan de helft daarvan. En voor peulvruchten slechts tot een derde."

"De andere uitdaging is dat de teler een onhoudbaar verdienmodel heeft. Hun asset is de grond, waarin alle waarde zit. Wat zij op die grond verbouwen heeft echter een laag rendement. Telers zijn eigenlijk rentmeesters. Zij hebben de grond van hun ouders geërfd en geven deze op hun beurt weer aan de volgende generatie door. Alleen daarom al willen telers goed voor hun bodem zorgen. Maar ze zijn in een fuik gezwommen door commodity producten voor de wereldmarkt te produceren. Aan de lage prijzen kan de teler moeilijk iets veranderen. Een oplossing om zijn maandsalaris elke keer weer aan te vullen is om zoveel mogelijk te telen. Hiermee zitten zij gevangen in vaste systemen en patronen.”

Biologische landbouw is beter voor de grond en levert meer geld op. Is dat een oplossing?

“Biologische landbouw (een vorm van landbouw waar geen pesticiden, kunstmest en gentechnologie worden gebruikt) wordt vaak als oplossing voor verduurzaming aangedragen. Tegenover de hogere prijzen die de biologische producten opleveren staat echter wel een hogere oogstonzekerheid. In 2016 hebben wij een projectgroep opgericht om te kijken hoe we in één keer, of op termijn, met het volledige volume van HAK op biologische landbouw over konden gaan. Maar in het overleg met de telers kwamen we een aantal problemen tegen op het gebied van beschikbaarheid en kwaliteit. Telers wilden namelijk niet in een keer overstappen omdat de oogstonzekerheid daardoor onverantwoord groot zou worden. Daarnaast wordt het door klimaatverandering ook steeds warmer, waardoor schimmels en de kans op ziektes toenemen.”

“Een oplossing die wel op korte termijn haalbaar is, is On the way to PlanetProof. Dit is een onafhankelijke certificering van Stichting Milieukeur. De teler moet volgens dit certificatieschema aan 36 bovenwettelijke eisen voldoen op het gebied van onder andere gewasbescherming, bemesting, bodemvruchtbaarheid, biodiversiteit en water- en energieverbruik. Op dit moment is dit het meest optimale systeem als het gaat over de combinatie tussen verduurzaming, grootschalige teelt en opbrengstzekerheid die nodig zijn voor de grote hoeveelheden groenten en peulvruchten die we bij HAK nodig hebben.”

Meer lezen over duurzame landbouw? Van agrobosbouw tot lab-landbouw: De potentie van nieuwe productiesystemen

Wat doet HAK om de bovengenoemde uitdagingen te overwinnen?

“Wij maken gezond eten zo makkelijk en lekker mogelijk voor de consument. Zowel voor de oudere generatie die is opgegroeid met de glazen pot van HAK, als de jongere consument die zich meer aangetrokken voelt tot de stazakken. Zo hebben we stazakken met Mexicaanse bonenschotels en vegetarische lasagne’s die erg populair zijn. Verder plaatsen we sinds vorig jaar Nutri-Score, een onafhankelijk internationaal voedingslabel, op onze producten. Hierop wordt weergegeven hoe gezond (hoeveelheid groente, fruit en vezels) of ongezond (hoeveelheid suiker, zout en onverzadigd vet) een product is ten opzichte van andere producten in hetzelfde schap. Het label helpt consumenten om gezondere keuzes te maken.”

“Verder zetten we grote stappen bij de verduurzaming van de teelt van onze producten. Sinds vorig jaar is de rode kool van Hak On the way to PlanetProof-gecertificeerd. In totaal doen er 12 telers mee die samen verantwoordelijk zijn voor de volledige rodekoolproductie voor HAK. De extra kosten die zij maken – voor rode kool is dit ongeveer 10 procent in vergelijking met traditionele landbouw – worden door ons vergoed. Uiteindelijk moet dit door de hele keten gedragen worden. In het kader van True Pricing houden de huidige kosten van een pot rode kool sowieso geen stand. De pot is van glas dat in een glasoven wordt geproduceerd. Het is zwaar en moet vervoerd worden."

"Voor de teelt van de rode kool wordt een hoeveelheid water gebruikt. Ik vind dat we ons met zijn allen moeten realiseren dat dit niet voor € 0,49 cent kan en toch gebeurt het al 10 jaar zo. We praten met onze ketenpartners – supermarkten – om dit samen te doorbreken. In 2021 zullen al onze in Nederland geteelde groente en peulvruchten de certificering On the way to PlanetProof hebben. Doordat wij ons gecommitteerd hebben om aan telers een substantieel hogere prijs voor gecertificeerde gewassen te betalen zijn en blijven zij gemotiveerd om duurzamer te telen.”

Wanneer leidt missiegedreven ondernemerschap en private equity tot spanningen?

“In 2012 stond de continuïteit van Hak op het spel. Als team hebben wij toen afgesproken om het bedrijf fundamenteel te veranderen. Niet met een kostenbesparingsplan van 2 of 3 jaar maar voor een lange termijn investeringsplan van 5 tot 7 jaar. Wij hebben de aandeelhouder van ons plan weten te overtuigen. Daarbij hielp het om duurzaamheid naar cijfers te vertalen en te schetsen wat de gevolgen zijn als er niets gebeurt. Angelsaksische of andere hardcore private equity-partijen waren hier destijds waarschijnlijk niet in mee gegaan. Maar NPM Capital (de investeringsmaatschappij achter Hak) gelooft in maatschappelijke verantwoordelijkheid op de lange termijn.”

“Daarna is het belangrijk om aan de afgesproken koers vast te houden. Ook als de financiële resultaten even wat minder zijn. Tijdens de uitzonderlijk hete zomer van 2018 mislukte een gedeelte van de oogst. Alles wat mis kon gaan met de oogst ging mis. Dan kunnen aandeelhouders en commissarissen onrustig worden en is het zaak om met elkaar koersvast te blijven op de afgesproken langetermijnstrategie. Duurzaamheid en private equity gaan in ons geval prima samen en ik geloof ook dat investeerders steeds meer naar duurzaamheid gaan kijken als verdienmodel voor de toekomst. De huidige coronacrisis zal het proces van korte transparante ketens en lokale kringlooplandbouw verder versterken. Uiteindelijk gaat alles namelijk over continuïteit. Of het nu om een onderneming of de aarde gaat, je wil iets beter achterlaten dan dat je aantreft.”

Meer lezen over lokale landbouw? Coronacrisis en de landbouw: doorbraak voor lokaal voedselsysteem?