27-09-2018 09:10 | Door: Hidde Middelweerd

Digitalisering opent veel nieuwe deuren. Het verduurzamen en optimaliseren van kantoorgebouwen of bedrijfsprocessen is bijvoorbeeld gemakkelijker dan ooit. Toch staat die kans nauwelijks bij bedrijven op de agenda. Wat moet er anders?

First things first: wat zijn de kansen van digitalisering eigenlijk op het gebied van energiebesparing? Die zijn eindeloos, stelt Jörgen Waagenaar, algemeen directeur van INNAX. INNAX is specialist op het gebied van gebouwverduurzaming en zet digitale oplossingen in om die verduurzaming te realiseren. “Denk bijvoorbeeld aan ventilatiesystemen die zijn uitgerust met sensoren, waardoor je heel gericht kan ventileren. Dergelijke systemen leveren al snel een energiebesparing van 20 procent op”, vertelt hij. “Ook verlichting kan tegenwoordig ‘connected’ zijn. Dat heeft, behalve energiebesparing, ook een positieve impact op de beleving.”

Wilbert Prinssen, directeur energie & asset control bij Technolution, noemt kassenbouw als een goed voorbeeld van de impact die digitalisering op energieverbruik kan hebben. “Kassen gebruiken erg veel energie: tot wel 30/40 procent van de totale kosten. Dat energieverbruik is ook nodig, want er worden kwalitatieve producten mee geteeld. Maar om te weten of die energie ook efficiënt wordt benut, is inzicht nodig in het klimaat en de invloed ervan op plantengroei”, legt hij uit. “Digitalisering maakt dat mogelijk. Een draadloos netwerk van sensoren stelt je in staat om microklimaten in de kassen real-time te monitoren. De kansen op het gebied van energiebesparing worden daarmee inzichtelijk.”

Inzicht verschaffen

Waagenaar ziet dat inzicht als een van de belangrijkste kansen die digitalisering biedt. “Stel je voor: je bent eigenaar of beheerder van 100 kantoorgebouwen en wilt aan de slag met energiebesparing. Waar begin je dan?”, stelt hij. “Een cloud-omgeving met 3D-weergaven van gebouwen, die real-time laten zien hoe de energiestromen lopen, heeft dan erg veel waarde. Het brengt je huidige energieverbruik in kaart en laat zien waar de kansen liggen.”

“Daardoor wordt energiebesparing en -efficiëntie toegankelijk voor iedereen, ook voor de managers die uiteindelijk de juiste beslissingen moeten nemen”, vervolgt hij. “Daar wringt namelijk nogal eens de schoen: men maakt vaak keuzes zonder inzicht te hebben in datgene waar de keuze over gaat. Maar dat is juist stap één. Leg niet zomaar je dak vol met zonnepanelen, krijg eerst maar eens inzicht in je energieverbruik.”

Stapsgewijs innoveren

Wilbert Prinssen, directeur energie & asset control bij Technolution, ziet dat inzicht ook als de eerste stap die bedrijven moeten zetten. “De meeste projecten op het gebied van energiebesparing richten zich momenteel op datavergaring. De bouwsteentjes om dat te doen, van sensoren tot slimme meters, zijn tegenwoordig ruimschoots beschikbaar. Daarnaast zijn de draadloze netwerken om die data real-time te ontsluiten tegenwoordig betaalbaar. Het is een goed startpunt.”

Maar tegelijkertijd is er tegenwoordig al veel meer mogelijk, stelt Prinssen. Die vervolgstappen worden echter nog maar mondjesmaat gezet. “Als je ons om een efficiënter gebouw of bedrijfsproces zou vragen, en ons de vrijheid zou geven om los te gaan, dan wordt dat een technisch hoogstaand, volledig geautomatiseerd project, waar je geen omkijken meer naar hebt”, zegt hij. “De techniek om dat te doen, is er al. Maar in de praktijk werkt het natuurlijk niet zo.”

“Energiebesparing gaat ook over mensen, euro’s, noem maar op”, vervolgt hij. “In de praktijk is innovatie een stapsgewijs proces: je voegt steeds een stukje technologie toe en kijkt vervolgens wat er gebeurt.” Prinssen herkent hierin 4 fases, waarvan de eerste het ontsluiten van meetdata is.

“De tweede fase is analyse: het herkennen van patronen, zodat je juiste oplossingen kan aan koppelen”, vertelt hij. “De derde fase zien we op energiegebied nog maar heel weinig, wij noemen die decision support. Dit houdt in dat er na de analyse van de energiehuishouding ook automatisch de beste scenario’s worden voorgesteld: ‘Bij deze temperatuur, moet de verwarming zo hoog staan’. In fase 4 gebeurt alles, van datavergaring tot de uitvoering van de meest geschikte scenario’s, volledig automatisch.”

"Het ‘Paris-proof’ maken van gebouwen krijgt nu eindelijk een hogere prioriteit"

Belang van automatisering

Het bereiken van het niveau van volledige automatisering is erg belangrijk, stelt Waagenaar. “Er zijn momenteel meer dan 50.000 kantoorgebouwen in Nederland met energielabel D of lager. Die moeten allemaal onder handen genomen worden; dat is een enorme opgave”, legt hij uit.

Volgens Waagenaar ligt een gebrek aan gekwalificeerde techneuten op de loer, die de verduurzaming in goede banen kunnen leiden. Automatisering zou uitkomst bieden. “Als een gebouw volledig automatisch geanalyseerd kan worden, compleet met een uitrol van de te nemen maatregelen, dan neemt de behoefte aan gekwalificeerde techneuten logischerwijs af, zodat zij zich kunnen richten op complexere vraagstukken”, aldus Waagenaar. “Door het eenvoudig delen van kennis, het standaardiseren van processen én het effectief inzetten van de gekwalificeerde techneuten kunnen we de enorme verduurzamingsopgave effectiever realiseren.”

Nog niet op de agenda

Ondanks de huidige mogelijkheden en kansen staat energiebesparing en -efficiëntie nauwelijks op de agenda bij het Nederlandse bedrijfsleven. Prinssen: “De drive om ermee aan de slag te gaan, loopt achter op wat er technisch gezien mogelijk is.”

“Het merendeel van de bedrijven heeft niemand in dienst die verantwoordelijk is voor energiebesparing, het blijft bij een contract met de lokale installateur. Dat maakt het lastig”, vervolgt hij. “Niemand is tegen energiebesparing, maar tegelijkertijd vindt niemand het zo interessant om er proactief mee aan de slag te gaan. Zeker als er risico’s kunnen zijn voor de primaire businesscase van een bedrijf.”

Waagenaar herkent dit ook, maar ziet ook iets veranderen: “In het afgelopen jaar merk ik dat het ‘Paris-proof’ maken van gebouwen eindelijk een hogere prioriteit krijgt. Duurzaamheid lijkt mainstream te worden en men is er enthousiast over. Dat is belangrijk. Daarnaast wordt de wetgeving op het gebied van energie-efficiëntie steeds strenger, dus we móéten nu wel. Ook dat zorgt voor versnelling.”

Prinssen sluit zich daarbij aan: “Strengere wetgeving zorgt ervoor dat bedrijven op een keer wel met energiebesparing aan de slag moeten. Daar ligt een gigantische kans voor de installatiebranche. Installateurs die nu bij bedrijven aankloppen met het voorstel om hun energierekening te verlagen, komen moeilijk binnen. Maar als bedrijven verplicht met energiebesparing aan de slag moeten, is dat natuurlijk een ander verhaal.”

"Met een ondernemende spirit is er veel meer mogelijk dan je denkt"

Kansen genoeg

Toch raden zowel Waagenaar als Prinssen bedrijven aan om niet alleen met energiebesparing aan de slag te gaan omdat het moet. “De verhalen van bedrijven die met verduurzaming aan de slag gaan, zijn heel positief”, vertelt Waagenaar. “Ik vergelijk het wel eens met de elektrische auto: men is trots om er in te rijden. Zo werkt het ook bij duurzame en energie-efficiënte kantoorgebouwen: men is trots en enthousiast om er te mogen werken.”

Waagenaar verwacht daarnaast dat digitale oplossingen de standaard worden in het realiseren van die verduurzaming. “Het wordt steeds vaker toegepast en de techniek wordt goedkoper. Ik ben ervan overtuigd dat het op den duur standaard onderdeel uitmaakt van verduurzamingsplannen. Wanneer? Dat is afwachten.”

Prinssen: “Bedrijven hoeven nu nog niet met energiebesparing aan de slag, maar er zijn wel al allerlei kansen. Ga er dus vooral mee aan de slag, is mijn advies. Met een ondernemende spirit is er al veel meer mogelijk dan je denkt. Er zijn nu al baten en onverwachte spin-offs En belangrijker nog, het is gewoon erg leuk.”

Dit artikel is onderdeel van een drieluik over de impact van digitalisering op de energietransitie. Lees ook de vorige publicaties in deze reeks:

Hoofdafbeelding: Adobe stock | Foto in tekst: Technolution