26-09-2018 16:05 | Door: Joyce de Thouars

Digitale innovatie is anders dan ‘gewone’ innovatie. Het zijn namelijk meerdere lagen die samen de innovatie maken. En deze innovatie is nooit af, het biedt altijd weer nieuwe mogelijkheden. Dat brengt een andere manier van werken en organiseren met zich mee. Het KIN Center for Digital Innovation aan de Vrije Universiteit Amsterdam onderzoekt de ontwikkeling en het gebruik van digitalisering in organisaties. Door middel van embedded research onderzoeken wetenschappers de veranderingen van dichtbij.

Een multidisciplinair team van 30 onderzoekers, waaronder sociologen, antropologen en bedrijfskundigen, houdt zich bezig met het brede onderzoeksveld. “Hoe worden innovaties ontwikkeld? Welke samenwerkingsvormen passen daarbij? Wat gebeurt er als er in de praktijk met de digitale innovatie wordt gewerkt?”, geeft Marlous Agterberg, research & valorisation manager bij het KIN Center for Digital Innovation als voorbeeld.

Waarin verschilt digitale innovatie van andere innovaties?

“Digitale innovatie heeft een aantal kenmerken. Wat het onder andere bijzonder maakt is de layered architecture. Het is niet een op zichzelf staand product maar bestaat uit meerdere ‘lagen’. Een voorbeeld is een iPhone die uit hardware, apps en een netwerk bestaat. Al die lagen samen maken de innovatie, maar niet een partij heeft controle over alle delen waardoor voorheen gescheiden bedrijfstakken samen moet gaan werken. Het gevolg daarvan is dat bedrijven gedwongen worden om buiten hun eigen grenzen te kijken en verbindingen aan te gaan.”

“Een ander kenmerk van digitale innovatie is dat het nooit af is, maar altijd aangepast kan worden met nieuwe mogelijkheden. Ook dat vraagt om een andere manier van werken en organiseren, bijvoorbeeld in platformen en ecosystemen. Het lineaire denken zoals in een stap-voor-stap proces gaat hierbij niet op. Je weet niet altijd precies wat je nodig hebt en er is interactie en verbinding met andere partijen nodig om tot oplossingen voor gemeenschappelijke problemen te komen.”

Hoe onderzoeken jullie de gevolgen van digitale innovatie?

“Kenmerkend voor ons onderzoek is dat we embedded research doen. Dat betekent dat we altijd naar organisaties toegaan en daar meelopen. Zo kunnen we van dichtbij over een langere periode zien hoe een proces zich ontwikkeld.”

“Bij het inzetten van nieuwe technologie in organisaties is het heel moeilijk om te voorspellen wat er gaat gebeuren. Je kan die gevolgen onderzoeken met vragenlijsten maar in die vragenlijsten kan je alleen maar de effecten verwerken die je verwacht. Doordat wij echt meekijken in de context waar de technologie gebruikt wordt, kunnen we zien waar de verandering en impact plaatsvindt, en kunnen we onverwachte consequenties in beeld brengen en proberen te begrijpen.”

Wat heeft het bedrijfsleven aan jullie onderzoek?

“We hebben verschillende projecten en samenwerkingen met bedrijven. Het onderzoek dat we doen vertalen we naar de praktijk en we creëren een dialoog met de praktijk, bijvoorbeeld via onze masterclasses of KINTalks en natuurlijk tijdens het onderzoeksproces zelf. Zo kunnen we aan bedrijven laten zien wat we geleerd hebben maar ook van hen blijven leren. Er ontstaat als het ware een cirkel van leren waarbij we de inzichten van een organisatie naar andere organisaties kunnen brengen en weer naar de onderzoekers.”

Aan wat voor projecten werken jullie bijvoorbeeld?

“We hebben in een ziekenhuis het gevolg van het inzetten van een operatierobot onderzocht. Daaruit bleek dat de robot niet alleen veranderingen teweeg brengt voor de chirurg en de patiënt. De hele coördinatie eromheen verandert. De operatieassistenten moeten bijvoorbeeld andere vaardigheden leren, er moeten andere voorbereidingen getroffen worden en er is aangepaste communicatie nodig.”

“Daarnaast hebben we een project bij de politie gedaan. Daar hebben we gekeken naar het gebruik van data analytics om criminaliteit te voorspellen. Het idee is om daardoor efficiënter aan preventie te werken, maar dit past niet binnen de cultuur van de politie die meer gericht is op in actie komen en 'boeven vangen'. In vervolg onderzoek willen dan ook gaan kijken hoe contextuele- en domeinexpertise beter samen kunnen werken met AI technologieën."

Waar lopen bedrijven die met digitale innovatie willen werken vaak tegenaan?

“Voor meer traditionele organisaties die met digitale innovatie aan de slag gaan is het opzetten van nieuwe samenwerkingsvormen en het ontwikkelen van 'digitale' vaardigheden een grote uitdaging. Het is nieuw voor hen dat er interactief gewerkt wordt buiten de organisatiegrenzen en met diverse soorten partners waarmee samen naar gemeenschappelijke problemen en oplossingen wordt gezocht."

“Voor sommige sectoren is dat moeilijker dan andere. Zo is het voor de gezondheidszorg met alle zorgverzekeraars, ziekenhuizen en patiënten een grote uitdaging. Op het moment dat iets heel geïnstitutionaliseerd is en een sterke structuur heeft dan is het moeilijk om dat aan te passen. Er is namelijk minder ruimte voor experimenteren, het meekrijgen van mensen en fouten maken. Tegelijkertijd vraagt juist de complexe problematiek in de gezondheidszorg ervoor dat we dit beter gaan begrijpen. We doen daarom dus ook onderzoek naar hoe digitale innovatie in deze sector tot stand komt.”

Wat heeft het bedrijfsleven nodig om successen te boeken met digitale innovatie?

“Er is meer behoefte aan creativiteit. Doordat het digitale innovatie-land snel verandert en complex is vraagt het om een andere benadering. De vraag is: wat kan ik met digitale innovatie doen of hoe kan ik dat toepassen? Hoe kan ik er een nieuw businessmodel omheen ontwikkelen? Met wie kan ik daarvoor samenwerken? Hoe geef ik die samenwerking vorm? Hoe nemen we beslissingen en wie bepaald dat? Daar zijn geen makkelijke antwoorden op. Creativiteit en probleem gecentreerd werken zijn nodig om oplossingen te vinden.”

Hoe speelt digitalisering een rol spelen bij duurzaam ondernemen?

“Er zijn leuke voorbeelden van duurzame initiatieven waarbij digitalisering een rol speelt. Het Our Ocean’s Challenge project is daar bijvoorbeeld een van. Daarin zitten 12 organisaties die samen naar oplossingen zoeken om in de maritieme industrie op een verantwoorde manier met oceanen om te gaan. Het opruimen van de plastic soep is daar een voorbeeld van. KIN heeft het proces van dichtbij gevolgd en onderzocht hoe de barrières die er vaak zijn om ideeën om te zetten in daadwerkelijke implementatie, beslecht werden en er daadwerkelijk resultaten tot stand kwamen.”

“Via een online crowdsourcing platform werden de vragen aan een groot publiek gesteld. Het project is uiteindelijk succesvol geworden omdat iedereen;  industrie, kennisinstituten, individuen en start-ups, in alle fases, van probleemformulering tot implementatie, betrokken waren en mee konden denken. Doordat co-creatie in alle fases werd toegelaten ontstonden rondom oplossingen toegewijde groepjes van mensen met creatieve ideeën, zoals studenten of start-ups,  die samenwerkten met industriële partners, die over de nodige kennis en resources beschikten. Samen waren ze in staat ideeën tot concrete projecten om te zetten. Deze vorm van samenwerking is bij uitstek geschikt voor het werken aan complexe kwesties zoals duurzaamheid. Er zijn immers diverse partners nodig om tot een oplossing te komen. Het online platform maakt het mogelijk dat deze partners elkaar vinden."

Dit artikel maakt onderdeel uit van een serie. Lees ook de andere interviews:

Afbeelding: Adobe Stock | Portretfoto: de Vrije Universiteit Amsterdam