19-03-2018 10:32 | Door: Hidde Middelweerd

MJA3, EED, EPBD, het Activiteitenbesluit milieubeheer: het is slechts een greep uit de regelingen die er momenteel bestaan op het gebied van energiebesparing en -efficiëntie voor het bedrijfsleven. Eén ding staat vast: organisaties moeten zowel nu als in de toekomst verplicht besparen op energie. De wirwar aan regels zorgt echter voor onduidelijkheid, merkt Engie Services op: bedrijven willen wel aan de slag, maar weten niet waar ze moeten beginnen. De technisch dienstverlener biedt daarom een helpende hand.

Een voorbeeld van wetgeving waar bedrijven in de toekomst aan moeten voldoen, vinden we in de hoek van energielabels. Kantoorpanden met een oppervlak van meer dan honderd vierkante meter moeten vanaf 2023 energielabel C of hoger hebben. Panden die daar tegen die tijd niet aan voldoen, mogen niet meer gebruikt worden. In 2030 moet het energielabel zelfs opgekrikt zijn naar A.

Hier kan een gemiddeld MKB-bedrijf al in een valkuil trappen, stelt Bart-Jan Freriks, algemeen directeur Engie Services West. “Veel bedrijven leven in de veronderstelling dat hun pand al energielabel C heeft. Misschien is dat ook wel zo, als je puur en alleen kijkt naar de kwaliteit van het gebouw en de installaties in het gebouw. Energielabels gaan echter ook om het energieverbruik van een pand. Wij merken op dat in 80 procent van de gevallen de installaties in het gebouw niet draaien zoals je zou mogen verwachten, waardoor het gebouw als geheel energetisch ondermaats presteert. Maar als een ondernemer op papier heeft staan dat zijn of haar pand energielabel C heeft, kan ik me goed voorstellen dat je denkt dat je goed zit.”

"Bedrijven zijn tegenwoordig verplicht om zelf aangifte te doen van energiebesparende maatregelen die genomen zijn"

Concrete duurzaamheidsplannen

Zo zijn er tal van andere voorbeelden te noemen van wettelijk verplichte verduurzamingsslagen die het bedrijfsleven moet maken. Daar komt bij dat bedrijven en organisaties sinds een jaar te maken hebben met omgekeerde bewijslast. “Bedrijven zijn tegenwoordig verplicht om zelf aangifte te doen van energiebesparende maatregelen die genomen zijn en welke stappen er in het verschiet liggen”, vertelt Freriks. “Dit moet leiden tot een intrinsieke motivatie bij bedrijven om energiebesparingen te realiseren.”

Deze informatieplicht geldt voor ongeveer 100.000 bedrijven. Worden de plannen niet ingediend? Dan zitten daar sancties aan vast. Het klinkt als een goed plan, maar Engie Services ziet ook heikele punten. Waar wringt de schoen? Ten eerste bestaat er momenteel zoveel overlap tussen de verschillende regelgevingen, die elk ook uitzonderingen bieden als er aan bepaalde criteria voldaan wordt, dat bedrijven en organisaties het overzicht kwijtraken. “De vragen die heersen, zijn: Wat wordt er precies van me verwacht? En waar begin ik?”, stelt Freriks.

Wet- en regelgeving op het gebied van energiebesparing bestaat al vele jaren, maar die was niet altijd onoverzichtelijkheid. Dat is er met de jaren ingeslopen, stelt Sven Arensman, energie consultant bij Engie Services. “De wet milieubeheer bestaat al sinds 1993 maar door de jaren heen zijn er allerlei regels bijgekomen, vooral vanuit Europa. Denk hierbij aan de EED en EPBD. Deze regels zijn vervolgens door vertaald naar Nederlandse wetgeving; als lidstaat ben je immers verplicht om dat te doen. Dat heeft geleid tot onoverzichtelijkheid, maar ook overlap.”

Als voorbeeld geeft Freriks wetgeving op het gebied van geur- en reukmaatregelen, waar industriële spelers aan moeten voldoen. “In veel gevallen leidt dat juist tot hoger energieverbruik, waardoor het voldoen aan andere regels juist weer in gevaar komt.”

Benieuwd naar alle wet- en regelgeving voor het bedrijfsleven op het gebied van energiebesparing en -efficiëntie? Download Engie’s whitepaper ‘Van Label C tot EED’:

Download het whitepaper

Of download de infographic:

Download de infographic

De juiste keuzes maken

Zowel Freriks als Arensman merken dat vooral kleinere organisaties het momenteel lastig hebben met de wet- en regelgeving. “Voor veel bedrijven is het niet top-of-mind”, zegt Freriks. “Dat is ook logisch, want die zijn gewoon hun bedrijf draaiende aan het houden en moeten dit er even bij doen.”

Dat is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan, want er komt veel kijken bij energiebesparing en -efficiëntie. “Dit kan leiden tot sub-optimalisatie”, zegt Arensman. “Maatregelen die nu heel slim lijken, zijn dat over twee jaar misschien niet meer. Dat is doodzonde.”

"Er is erg veel laaghangend fruit, waarmee je op simpele wijze grote slagen kan maken"

Engie Services adviseert bedrijven dan ook om hulp in te schakelen. Dat betekent echter niet dat bedrijven niet zelfstandig aan de slag kunnen. “Eén ding staat vast: je moet gewoon beginnen”, stelt Freriks. “Er is erg veel laaghangend fruit, waarmee je op simpele wijze grote slagen kan maken. Een gemiddeld kantoorpand, dat  in de afgelopen 5 jaar niet gerenoveerd of verbouwd is, kan bijvoorbeeld al 15 tot 20 procent energiebesparing realiseren door het gebouwbeheersysteem op de juiste manier in te regelen.”

Belangrijker nog, bedrijven kunnen nu al stappen zetten om inzicht te krijgen in hun energieverbruik. “Dat is stap één”, benadrukt Arensman. “Zolang jij niet weet hoe je energieverbruik in elkaar zit, ben je ook niet in staat om de juiste stappen te nemen. Wanneer je dat inzicht wél hebt, kan je bepalen wat de beste maatregelen zijn en in welke volgorde je ze het beste kan nemen.”

Een ander belangrijk punt is het zetten van een stip op de horizon. Freriks: “Waar wil je over 10 of 15 jaar staan met je organisatie? Een dergelijke doelstelling helpt je om de juiste maatregelen te nemen, die de stip op de horizon steeds een stukje dichterbij brengen. Het hoeft allemaal niet in één keer, maar een dergelijke doelstelling is een fijne stok achter de deur.”

Een helpende hand

Dat bedrijven dit niet allemaal alleen kunnen, is begrijpelijk. Engie biedt daarom graag een helpende hand, om gezamenlijk de beste strategie en roadmap op te stellen. Die zijn essentieel, stelt Freriks, zodat bedrijven op de meest kosteneffectieve manier slagen kunnen maken. “Er zijn nogal wat factoren waar rekening mee gehouden moet worden”, aldus Freriks. “Bij Engie zien we dan ook een belangrijke rol voor ons weggelegd, om bedrijven te begeleiden in hun eigen energietransitie.”

Arensman vult aan: “We laten ons leiden door de ambities van de klant, om samen een stip op de horizon te zetten. Vervolgens vergelijken we die stip met waar de klant nu staat, zodat we gezamenlijk een roadmap op kunnen stellen.”

"Eerst besparen, dan pas duurzaam opwekken of inkopen"

“Je kan bijvoorbeeld beginnen met het laaghangende fruit”, vervolgt hij. “De besparing die je in de daaropvolgende jaren genereert, kan je weer inzetten voor volgende verduurzamingsslagen. Maar we houden bijvoorbeeld ook rekening met de onderhoudsplanning. Staan er machines die in de aankomende jaren vervangen moeten worden? En is het slim om die meteen te vervangen met een duurzamer alternatief? Dat soort strategische plannen proberen we samen te maken, zodat bedrijven het maximale halen uit hun investeringen én aan het einde van de rit aan alle wet- en regelgeving voldoen.”

Freriks vult aan: “Bedrijven zijn vaak geneigd om zichtbare maatregelen te nemen, om aan de buitenwereld te laten zien dat ze serieuze stappen maken. Maar heel veel verduurzamingsslagen gaan om efficiëntie en zijn daarom niet zichtbaar. Het is vaak echter het slimst om daarmee te beginnen: eerst besparen, dan pas duurzaam opwekken of inkopen. Ook bij dergelijke keuzes bieden wij hulp.”

Op naar betere regelgeving

Werk aan de winkel dus. Maar niet alleen voor het bedrijfsleven, benadrukken Freriks en Arensman. Ook overheden moeten aan de bak, om kritisch te kijken naar de huidige wet- en regelgeving en waar nodig aanpassingen te maken. “Het gaat om harmonisatie”, zegt Arensman. “Wet- en regelgeving moet op elkaar aansluiten, niet in elkaars vaarwater zitten.”

Daarnaast verwacht Arensman dat de wet- en regelgeving in de toekomst alleen maar strenger wordt: “Zelfs als bedrijven de huidige regels tot op de letter naleven, is het niet voldoende om de doelstellingen van het Klimaatakkoord te behalen. Er komt zonder twijfel nog een forse ambitie bovenop de huidige regelgeving, de lat komt steeds hoger te liggen.”

Beginnen dus, is het advies naar het bedrijfsleven. “En laat je daar vooral bij helpen”, besluit Freriks.