09-10-2018 17:33 | Door: Rianne Lachmeijer

Klimaatverandering wordt zichtbaar: extremer weer, stijgende zeeniveaus en smeltend poolijs. Het zijn de consequenties van 1 graad temperatuurstijging. Dat is een van de belangrijkste conclusies uit een recent rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). In het rapport schetst IPCC ook mogelijkheden om de opwarming tot 1,5 graad te beperken. DuurzaamBedrijfsleven zet 3 bedrijven op een rij die al stappen zetten om klimaatverandering tegen te gaan.

Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) is het orgaan dat binnen de Verenigde Naties verantwoordelijk is voor de beoordeling van wetenschappelijk onderzoek naar klimaatverandering. Het recent gepubliceerde rapport door IPCC is een direct gevolg van de Klimaattop in Parijs 2015.

In Parijs ondertekenden 195 landen een akkoord waarin zij aangaven een gemiddelde temperatuurstijging onder 2 graden boven pre-industrieel niveau na te streven. Daarnaast gaven zij aan dat zij extra inspanningen zouden doen om de temperatuurstijging tot 1,5 graad boven pre-industrieel niveau te beperken. Als onderdeel van de overeenkomst werd IPCC gevraagd om in 2018 te rapporteren over 1,5 graad temperatuurstijging.

Download het rapport

In het rapport schetst IPPC mogelijke routes die de temperatuurstijging tot 1,5 graad kunnen beperken. Daarnaast maakt IPCC in het rapport een koppeling met de wereldwijde reacties op de gevaren van klimaatverandering, duurzame ontwikkelingen en de inspanningen om armoede te bestrijden.

Bekijk ook: INFOGRAPHIC: Alles wat je moet weten over het Klimaatakkoord van Parijs

'De opwarming tot 1,5 graad beperken'

In het rapport wordt duidelijk dat het beperken van de opwarming tot 1,5 graad ten opzichte van 2 graden de impact significant kan verminderen. Zo verdwijnt bijna al het koraal (meer dan 99 procent) bij een opwarming van 2 graden, terwijl een opwarming van 1,5 graad een verlies van 70 tot 90 procent koraal oplevert.

‘Elk extra beetje opwarming is van belang, vooral omdat opwarming van 1,5 graad of hoger het risico verhoogt dat gepaard gaat met langdurige of onomkeerbare veranderingen, zoals het verlies van bepaalde ecosystemen’, aldus Hans-Otto Pörtner, medevoorzitter van IPCC Working Group II.

Monitoren van klimaatverandering

Bij het opstellen van het rapport zijn alle drie de IPCC-werkgroepen betrokken. Groep I beoordeelt de fysisch wetenschappelijke basis van klimaatverandering; werkgroep II adresseert effecten, aanpassing en kwetsbaarheid en werkgroep III gaat over de beperking (mitigation) van de schade door klimaatverandering.

De wetenschappers stellen dat voor het nastreven van 1,5 graad temperatuurstijging snelle, verregaande veranderingen nodig zijn. Tegelijkertijd is het beperken van de temperatuurstijging tot 1,5 graad volgens hen niet onmogelijk. ‘Het goede nieuws is dat enkele van de soorten acties die nodig zijn om het broeikaseffect te beperken tot 1,5 graad al wereldwijd aan de gang zijn, maar ze zouden moeten versnellen,’ aldus Valerie Masson-Delmotte, mede-voorzitter van werkgroep I.

Zo moet de door de mens veroorzaakte CO2-uitstoot tegen 2030 met 45 procent teruggebracht zijn ten opzicht van het niveau van 2010 om een sterkere temperatuurstijging te voorkomen.

De rol van het bedrijfsleven in terugdringen klimaatverandering

Verschillende bedrijven zetten stappen om hun negatieve impact op het klimaat te verminderen. Een paar voorbeelden daarvan zijn energiebedrijf Ørsted, tapijttegelfabrikant Interface en chemieconcern DSM. Per bedrijf een concrete stap die aansluit bij de uitkomsten van het IPCC-rapport:

1. Opwarming tegengaan door uitfasering fossiele energie

“Klimaatverandering is een van de grootste uitdagingen van deze tijd.” Dat zei Thomas Thune Andersen, chairman of the board of directors van Dong Energy eerder. “Om te voorkomen dat we serieuze schade aan de wereldwijde ecosystemen aanrichten, moeten we de manier waarop we de wereld van energie voorzien drastisch wijzigen.”

Het bedrijf besloot in 2012 om zijn bedrijfsmodel om te gooien van een traditioneel energiebedrijf met de focus op olie, gas en kolen naar een vooruitstrevend energieconcern met een focus op hernieuwbare energie. Dat was geen simpele opgave. Zo moest het bedrijf onder andere investeren in grotere windparken, grotere windturbines en het verminderen van onderhoudskosten om windenergie concurrerend te maken ten opzichte van gas en kolen. Vanaf 2016 ligt de prijs voor elektriciteit opgewekt door offshore windprojecten volgens Ørsted gemiddeld lager dan die van elektriciteit uit kolen en gas.

Ørsted is inmiddels getransformeerd van traditioneel energiebedrijf naar de grootste speler op het gebied van windenergie op zee. Begin dit jaar startte Ørsted met de bouw van het grootste offshore windpark ter wereld.

2. Klimaatverandering terugdraaien door CO2 als grondstof te gebruiken

Klimaatverandering terugdraaien is de ambitie van tapijttegelfabrikant Interface. Buitengewone doelstellingen lijken onderdeel van de bedrijfsvoering. Zo maakte directeur Ray Anderson in 1994 onverwachts bekend dat zijn bedrijf in 2020 100 procent duurzaam moest zijn. Een uitspraak waarvan weinigen toen dachten dat deze waargemaakt zou worden. Inmiddels lijkt het erop dat Interface in 2020 uitkomt op een CO2-reductie van meer dan 95 procent. En nagenoeg zonder fossiele grondstoffen kan opereren.  co2, carbon, klimaatverandering 

“Hiermee tonen we aan dat het mogelijk is om de CO2-voetafdruk van een bedrijf naar nul te krijgen, maar uiteindelijk gaat het erom om een positieve milieubijdrage te leveren”, zei Nigel Stansfield, CEO EMEA in een eerder interview. Met dat idee zet Interface nu in op het terugdraaien van klimaatverandering door producten van koolstof te maken.

“We moeten CO2 beschouwen als grondstof,” vindt hij. De techniek en de kennis zijn er, het enige dat nog ontbreekt is wilskracht.”

Lees het complete interview hier.

3. Maatschappelijke impact als businesscase

De wetenschappers onderschrijven in het IPCC-rapport het nut van een integrale aanpak, waarbij ook duurzame ontwikkelingsdoelen (Sustainable Development Goals), als het aanpakken van honger worden meegenomen. Een bedrijf dat daar bijvoorbeeld stappen in zet is DSM. “Wij willen waarde toevoegen aan de mensen op deze aarde, aan de planeet zelf en we willen economische waarde creëren”, stelde Feike Sijbesma eerder, CEO van DSM en voorzitter van Carbon Pricing Leadership Coalition, in Management Scope.

Een concreet voorbeeld waarbij maatschappelijke impact en economische groei hand in hand gaan bevindt zich in Rwanda. Daar kon het bedrijf onlangs het eenjarig bestaan van een voedingsmiddelenfabriek vieren. Het resultaat van een privaat-publieke samenwerking tussen de Rwandese overheid en een consortium van DSM en financierende partijen. De fabriek levert lokale werkgelegenheid, lokale inkoop en regionale verkoop op.

Chemieconcern DSM en de topman van het bedrijf Feike Sijbesma komen vaak terug in duurzame of leiderschap lijstjes. Zo stond Sijbesma dit jaar als enige Nederlander in de lijst 'The World's 50 Greatest Leaders' van het Amerikaanse blad Fortune. Sijbesma wordt geprezen voor zijn inzet voor een wereldwijde prijs op de uitstoot van CO2. Dit moet bedrijven een economische prikkel geven om klimaatverandering tegen te gaan.

Lees verder: Ed Nijpels: Einde oefening voor niet-duurzame bedrijven

Afbeelding: Adobe Stock