06-11-2018 13:28 | Door: Bas Joosse

Als het aan de VVD ligt, worden zonnepanelen niet meegerekend met de onroerend zaakbelasting (OZB) die betaald moet worden over de waarde van een huis of bedrijfspand. Het kabinet geeft gemeenten de ruimte om de zonnepanelen mee te rekenen, maar het ligt er voor bedrijven aan hoe de panelen gebruikt worden.

Het gerechtshof in Arnhem oordeelde in september dat bij een woningeigenaar in Emmen de zonnepanelen meegerekend mochten worden in de waardebepaling van de OZB. De belasting viel door de zonnepanelen hoger uit, omdat de panelen bij de waarde van het huis gerekend worden.

Twee Kamerleden van de VVD wilden daarop van staatssecretaris Snel van Financiën weten welke gemeenten de panelen gaan meerekenen in de bepaling van de OZB. In een reactie op de vragen geeft Snel aan dat niet te weten; gemeenten zijn vrij in die keuze.

Gevolgen voor bedrijven

De situatie voor bedrijven is niet wezenlijk anders dan voor particulieren, stelt Snel. “Net als bij woningen kunnen investeringen leiden tot een verhoging van de WOZ-waarde. Het effect hiervan moet ook hier gezien worden in relatie tot de marktwaarden van deze bedrijfspanden”, laat hij weten. Zonnepanelen zorgen vaak voor een hogere marktwaarde.

De maatregel kan verstrekkende gevolgen hebben voor bedrijven die hun daken vol leggen met panelen. Onder andere truckfabrikant Scania, staalconcern Tata Steel  en Coolblue hebben veel zonnepanelen liggen. Ook supermarktketen Lidl, hotelketen Van der Valk en de skihallen van SnowWorld wekken op deze manier hun eigen stroom op.

Vrijstelling

Of de panelen op bedrijfsdaken meegerekend worden in de WOZ-waarde verschilt per gemeente en per situatie. Uit informatie van De Waarderingskamer blijkt dat zonnepanelen die als ‘werktuig’ worden gezien, niet worden meegenomen in de WOZ-waardering.

Deze zogeheten ‘werktuigenvrijstelling’ geldt bijvoorbeeld als zonnepanelen gebruikt worden in een productieproces en als er energie geleverd wordt aan een derde partij. Als een zonnedak alleen energie levert aan het gebouw zelf, is er geen sprake van een werktuig en geldt de vrijstelling niet.

Bron: Tweede Kamer, Waarderingskamer | Afbeelding: Adobe Stock