06-12-2018 13:35 | Door: Rianne Lachmeijer

​Met de opening van de nieuwe biomassacentrale wordt de Meppelse nieuwbouwwijk Nieuwveense Landen vanaf vrijdag duurzaam verwarmd. De wijk kan als voorbeeld dienen voor andere gebieden die aan de slag moeten met de energietransitie, omdat biomassa een tussenstap kan vormen voor de uitrol van grote warmtenetten. “Je kunt het zien als een transitie binnen een transitie.”

Aan het woord is Edwin Normann, manager Smart Energy bij Croonwolter&dros. De technisch dienstverlener ontwikkelde de biomassacentrale én is verantwoordelijk voor de productie van de warmte en koude. Dit sluit aan bij de rol die het bedrijf voor zichzelf ziet weggelegd. “Wij willen de stap maken naar energiedienstverlener en warmteleverancier.”

Croonwolter&dros produceert en levert de warmte en koude aan MeppelEnergie. “De gevel van de biomassacentrale is de scheidslijn”, vertelt  Normann. Vanaf dat moment is MeppelEnergie verantwoordelijk. Zij ontwikkelden het centrale distributiesysteem dat uiteindelijk 400 tot 450 woningen gaat voorzien van het warme en koude water. De aandelen van het bedrijf zijn voor 50 procent in handen van de gemeente. De andere helft is in bezit van het lokale, duurzame energiebedrijf van netbeheerder Rendo.

Lees ook hoe Croonwolter&dros bijdraagt aan een betaalbare energietransitie door de ontwikkeling van een groot zonnedak in Amsterdam.

Duurzame warmte uit biomassa

De biomassacentrale in Meppel produceert warmte met behulp van pelletketels. De pellets worden geproduceerd uit schoon, uit Nederland afkomstig resthout uit de houtverwerkende industrie. “Het gaat bijvoorbeeld om stukjes hout, zaagsel, en hout dat bij transport de lading beschermt: stophout. Kortom, schoon hout met een korte levensduur.” energietransitie, biomassacentrale, croonwolter&dros, biomassa

Dat betekent dat er geen bomen gekapt worden voor verbranding in de biomassacentrale. De CO2-uitstoot van de centrale ligt 70 procent lager dan de uitstoot die aardgasverwarming zou opleveren.

De houtpelletketels verwarmen het water tot 70 graden Celsius. Het hete water gaat vervolgens via buizen naar de huizen en wordt daar gebruikt voor vloerverwarming, de douche en als kraanwater. ’s Zomers koelt koud water afkomstig uit de centrale, de huizen. 

Voorbeeld voor andere gebieden

Al in 2008 besloot de gemeente Meppel dat de nieuwbouwwijk Nieuwveense Landen duurzaam moest worden. De crisis speelde daarin een grote rol, herinnert directeur Dirk Dijkstra van MeppelEnergie zich. “Dat is de aanleiding geweest voor de gemeente. Toen de crisis uitbrak, viel alles stil. Om toch toestemming te krijgen voor de bouw moest het plan voldoende duurzaam zijn.”

'Een voorbeeld van hoe een woonwijk van het gas af kan.'

Die pragmatische aanpak zorgt er nu voor dat de Meppelse wijk een voorbeeld kan vormen voor andere gebieden. MeppelEnergie hanteert de tarieven volgens de warmtewet en het ‘niet meer dan anders principe’, waardoor de verwarmingskosten voor de bewoners niet hoger uitvallen dan bij traditionele gasverwarming. Bovendien geeft MeppelEnergie een korting op de gigajoule prijs.

Alvast van het aardgas afzijn is een voordeel voor de bewoners stelt Dijkstra, omdat de kosten die de overstap van aardgas naar aardgasloos met zich meebrengt deze mensen bespaard blijft. “Hier is het al aan de voorkant opgelost,” zegt hij. “Nieuwveense Landen is een voorbeeld van hoe een woonwijk van het gas af kan.”

Energietransitie op kleine schaal

Ook  Normann vindt dat de woonwijk in Meppel een voorbeeld kan zijn voor andere gebieden. “Ik denk dat het een goed voorbeeld is voor kleine tot middelgrote woonwijken; voor gebieden die traditioneel nog geen stadsverwarming hebben.”

“Het vormt een interessante voorloper op grotere warmtenetten. Je begint met een klein gebied met deze techniek en over 10 à 15 jaar, als we weer verder zijn, sluiten we meerdere van deze netten op elkaar aan. Je kunt het zien als een transitie binnen een transitie.” Wanneer de energietransitie compleet is, kunnen de biomassacentrales gebruikt worden voor bijstook.

Normann ziet verwarming met biomassacentrales niet als dé oplossing voor de energietransitie, maar als één van de oplossingen die de energietransitie mogelijk maakt. Dijkstra is het daarmee eens. Hij ziet bijvoorbeeld ook kansen in de ontwikkelingen rondom waterstof en groen gas. Zo past Rendo vanaf 2019 bijvoorbeeld 10 procent groen gas toe. “Dan hoeft er bij de mensen thuis nagenoeg niets te veranderen. Zo wordt de energietransitie wel heel betaalbaar. Ook voor de bestaande bouw.”

Lees ook: Volgens planning en binnen budget: de succesformule achter een geslaagde renovatie

Biomassa voor verwarming woonwijken

Momenteel wordt biomassa nog weinig toegepast voor de verwarming van woonwijken.  Normann weet dat er projecten zijn in Lelystad en Breda, maar het wordt vooral gebruikt in de glastuinbouw en voor de verwarming van zwembaden. “Onbekend maakt onbemind”, denkt hij. Daarnaast speelt wellicht vrees voor overlast door geur, geluid en transportbewegingen een rol.

Tegelijkertijd stelt  Normann dat op al die vlakken de overlast mee kan vallen. Een gunstige locatie en aanrijroute van vrachtwagens voorkomen overlast van transport en geluid kan worden gedempt door goede isolatie. Of stankoverlast zal plaatsvinden moet de praktijk uitwijzen, maar hij verwacht dat een goed heet-gestookte ketel overlast op dit vlak kan voorkomen.

Lees ook: 'Het is cruciaal om biomassa meervoudig te verwaarden'

Biomassacentrales: kansen voor bestaande bouw

Ondanks dat biomassaverwarming in Meppel bij een nieuwbouwwijk is toegepast, ziet  Normann vooral kansen voor de toepassing bij de bestaande bouw. Zoals flatgebouwen en woonwijken uit de jaren zestig of zeventig, of woningen gebouwd voor die tijd. “Woningen of gebouwen waar isolatie om allerlei redenen niet geschikt is.” Bijvoorbeeld als isoleren vanwege de ouderdom van de gebouwen een kostbare aangelegenheid wordt.

'We zien hierin veel herhalingspotentieel.'

Dat er bij de verduurzaming van de bestaande bouw nog kansen liggen, blijkt uit de verduurzamingsopgave waar Nederland voor staat. Om aan de Klimaatdoelen van Parijs te voldoen wil de Nederlandse overheid voor eind 2021 30.000 tot 50.000 bestaande woningen per jaar aardgasvrij maken. Uiteindelijk moeten dat 200.000 huizen per jaar worden om in 2050 de hele woningvoorraad in Nederland te hebben verduurzaamd.

Als het aan Normann ligt kunnen biomassacentrales bijdragen aan deze ambitie. “We zien hierin veel herhalingspotentieel.” Ook Dijkstra verwacht dat de toepassing van biomassa voor verwarming gaat toenemen. “Dit is iets dat we meer zullen gaan zien in dit land.”

Lees meer over de energietransitie op onze themapagina.

Afbeeldingen: Croonwolter&dros