30-07-2019 08:34 | Door: Bas Joosse

De capaciteit aan windenergie in Europa is in de eerste helft van het jaar iets toegenomen ten opzichte van dezelfde periode in 2018. In totaal werd er tot 1 juli 4,9 gigawatt aan windenergie geïnstalleerd. Nederland speelde met 83 megawatt daarin een bescheiden rol.

Volgens de Europese brancheorganisatie WindEurope werd in de eerste helft van dit jaar 2,9 gigawatt aan onshore windenergie geïnstalleerd; ruim 400 megawatt minder dan in 2018. Frankrijk voegde met 523 megawatt de meeste capaciteit toe, gevolgd door Zweden (459 MW) en Duitsland (287 MW).

De afname van de nieuwe capaciteit komt volgens WindEurope vooral op het conto van Duitsland te staan. Het land voegde sinds 2000 weinig nieuwe windcapaciteit toe. “De toelatingen blijven een bottleneck”, stelt Pierre Tardieu, chief policy officer bij de belangenorganisatie. “Er zit nog 11 gigawatt aan onshore windprojecten in het toelatingsproces.”

83 megawatt voor Nederland

Nederland eindigt met 83 megawatt aan nieuwe capaciteit op de tiende plaats van de landen die capaciteit heeft toegevoegd. Dit gebeurde alleen op het land. De eerste geplande offshore windparken in de Noordzee worden op dit moment gebouwd.

Lees ook: Zo ziet de krachtigste windturbine ter wereld eruit

Investeringen

Samen met Frankrijk is Nederland wel leidend in de investeringen; in de eerste zes maanden werd voor € 8,8 miljard geïnvesteerd in nieuwe windparken. Het merendeel hiervan kwam ten goede aan windparken op het land. De investeringen moeten tot 2022 leiden tot 5,9 gigawatt aan nieuwe capaciteit.

1,9 gigawatt aan offshore

Qua offshore windenergie zijn er maar vier landen die capaciteit toevoegden: het Verenigd Koninkrijk leidt de dans met 931 megawatt. Denemarken (374 megawatt) en België (370 megawatt) volgen op grote afstand. Duitsland sluit met 252 megawatt de top vier. 

Details 

Hoewel er meer capaciteit is bijgekomen, is WindEurope wel kritisch over de Europese strategieën. De EU-lidstaten moeten 32 procent van hun energie duurzaam opwekken in 2030. Met de snelheid waarmee de capaciteit nu toegevoegd wordt, wordt dat doel niet gehaald, voorspelt de organisatie. In februari was dit kritische geluid ook al te horen.

“Landen moeten zoveel mogelijk details geven over hun beleid, hoe de toewijzing verloopt en wat er gebeurt als windparken aan het eind van hun levensduur komen,” stelt Tardieu, “Deze details heeft de industrie nodig om te kunnen plannen en Europa’s klimaatambities kosteneffectief te kunnen leveren.”

Bron: WindEurope | Afbeelding: Adobe Stock