13-03-2019 12:14 | Door: Emma Rotman

Biomassa wordt een steeds belangrijkere energiebron in de wereld. In 2050 zal biomassa naar verwachting zo’n 1000 petajoule bijdragen aan de energiehuishouding in Nederland. Zeewier heeft de potentie om maar liefst een derde daarvan in te vullen, is de inschatting van TNO. In een laboratorium voor zeewierverwerking brengt het instituut partners samen om praktische toepassingen op te schalen.

De Noordzee als oneindige energieleverancier

De oppervlakte van de Noordzee biedt een enorme capaciteit voor zeewierteelt. In de Integrale Kennis- en innovatie Agenda (IKIA) staat de ambitie om op veertienduizend vierkante kilometer van het Nederlandse deel van de Noordzee zeewier te telen.

Dat maakt zeewier een bijna oneindige grondstof en daarmee een geschikte bron van hernieuwbare energie. “Eén hectare zeewier levert per jaar zo’n 50 ton droge stof op”, zegt Jaap van Hal, innovatiemanager bij TNO. “Dat is genoeg om 27 nieuwbouwhuizen van warmte te voorzien.”

Vloeibare energiedragers

In het laboratorium in Petten wordt 50 kilo zeewier per dag verwerkt voor verschillende toepassingen. Het is wereldwijd het eerste laboratorium dat zich op deze schaal volledig richt op zeewierverwerking. In het lab wordt het zeewier gesplitst in suikers, eiwitten en mineralen. Die worden vervolgens opgewerkt tot halffabricaten.

"Met één hectare zeewier kun je 27 nieuwbouwhuizen van warmte voorzien"

Die halffabricaten kunnen ontwikkeld worden tot vloeibare energiedragers, vergelijkbaar met diesel of kerosine. “Als vloeibare brandstof kan het ingezet worden voor het wegtransport, de scheepvaart en op termijn de luchtvaart. In combinatie met elektrificatie van het personenvervoer gaan deze energiedragers een grote rol spelen in de energietransitie”, zegt Van Hal.

Verbinder in de marktketen

In het laboratorium ontwikkelt TNO samen met partners ook kleinschaligere toepassingen van zeewier. “Een startup komt bijvoorbeeld bij ons langs, omdat ze op zoek zijn naar componenten uit biomassa met een bepaalde eigenschap. Vervolgens meldt zich een bedrijf dat wil verduurzamen en op zoek is naar alternatieve grondstoffen voor een product. Die partijen brengen wij in een waardeketen bij elkaar. Bijvoorbeeld in publiek-private samenwerkingen.”

Een voorbeeld daarvan is Macro Cascade. In dit project worden hoogwaardige zeewierproducten ontwikkeld in verschillende parallelle processen. De reststromen uit die processen worden vervolgens gebruikt voor de productie van biobrandstof en bemesting. Zo wordt de gehele waardeketen van zeewier benut.

Verwerking van zeewier nog in de kinderschoenen

Zeewier wordt op dit moment nog niet op grote schaal geteeld. Dat komt niet alleen doordat de vraag daar op dit moment niet groot genoeg voor is, maar ook doordat de regelgeving dat nu nog niet toelaat. “Willen we het op grote schaal gaan telen voor uiteenlopende toepassingen, dan moeten we dezelfde Noordzeegebieden voor verschillende doeleinden kunnen gebruiken”, zegt Van Hal. “De huidige regelgeving voorziet daar niet in.”

Bovendien wijst Van Hal erop dat er nog veel geleerd moet worden. “We moeten onze kennis over zeewier nu in rap tempo opbouwen. Kennis over wanneer je moet oogsten, hoe de logistiek eruit ziet, hoe je het bewaart, hoe je het verwerkt voor verschillende toepassingen. De landbouwsector bouwt voort op zo’n tienduizend jaar ervaring. Daarmee vergeleken staat onze kennis van zeewierverwerking nog in de kinderschoenen.”

Vooroplopen

Dat moet snel veranderen, als Nederland voorop wil lopen in het toepassen van zeewier. “We staan nu redelijk vooraan, maar inmiddels hebben verschillende Europese landen een nationaal zeewierprogramma. Dat betekent concurrentie, maar het biedt natuurlijk ook mogelijkheden om van elkaar te leren.”

Er is dus momentum, maar er is ook noodzaak. “We zullen steeds afhankelijker worden van biomassa voor onze energievoorziening”, zegt Van Hal. “Als we de klimaatdoelstellingen van Parijs willen halen, dan moeten we ook de mogelijkheden van zeewier benutten.”

Lees meer over TNO:

Dit is het tweede artikel in het drieluik over zeewier. Volgende week volgt het laatste artikel over CO2-reductie.

Afbeelding: TNO