26-06-2020 16:30 | Door: Marc Seijlhouwer

Op dit moment werkt services- en energiebedrijf Engie hard aan een installatie die de warmtenetten van het westen van Amsterdam koppelt aan die van het oosten. Daarmee kan een groter gedeelte van de Amsterdammers duurzame warmte krijgen en het maakt het net betrouwbaarder. Daarnaast komt er een installatie die op piekmomenten bijspringt.

De Amsterdam South Connection bestaat uit een verbindende pijpleiding en een gebouw waar ketels en buffers in staan om bij te springen. Het gebouw is nu ver genoeg af dat Engie kan beginnen met de plaatsing van de technische installaties. Het gebouw komt in Amsterdan Nieuw-West, bij de Riekerhaven. In april 2021 moet het hele project klaar zijn.

Het project is bedoeld om meer Amsterdammers aan duurzame warmte te helpen. Uiteindelijk wil de stad alle warmte duurzaam leveren; nieuwbouwwoningen hebben al geen gasaansluiting meer. Door de verbinding tussen het westelijke en het oostelijke warmtenet neemt de betrouwbaarheid toe.

Restwarmte uit afval

Het noordwesten van Amsterdam krijgt restwarmte van de afvalinstallatie AEB. Deze is duurzaam, omdat de warmte voortkomt uit de verbranding van afval. In het oosten komt de restwarmte van een fossiele energiecentrale, waardoor deze minder duurzaam is. De verbinding helpt AEB om op meer plekken duurzame verwarming te brengen.

Lees ook: Warmtenet biedt kansen voor 1 miljoen Amsterdammers

Om zeker te weten dat er ook op piekmomenten, zoals de ochtenden, genoeg warmte is, komen er stookketels in het gebouw bij de Riekershaven. Deze worden opgestookt als er een tekort is. “Maar we willen ze minimaal inzetten”, vertelt John Kuijs, projectmanager bij Engie. “We hebben bijvoorbeeld ook een grote bufferinstallatie, die warmte opslaat op daluren. Deze gebruiken we eerst, voor de ketels bij gaan stoken.”

Aardgas en bio-olie

De ketels draaien nu nog op aardgas; daarom worden ze zo min mogelijk ingezet. Op termijn moeten de ketels verbouwd worden zodat ze op duurzame bio-olie draaien. “We hebben nu al ruimte in het gebouw om een olieinstallatie neer te zetten”, zegt Kuijs. Het gebouw is dus ‘op de groei’ gebouwd. Nog duurzamere bronnen van warmte, zoals groene waterstof, behoren in de verre toekomst ook tot de mogelijkheden. “Maar dat is nog erg ver weg. Uiteindelijk is het de toekomst, maar het zal lang duren voor we kunnen verwarmen met waterstof.”

Lees ook: In Hoogeveen start dit jaar een proef met waterstof als verwarmingsbron

Bron: Engie | Beeld: Ebbes Fotografie