28-07-2020 14:35 | Door: Emma Rotman

Netbeheerders en energie-ontwikkelaars zeggen het al langer: de capaciteitsproblemen op het elektriciteitsnet vertragen de energietransitie. Dat signaal wordt nu ook in Den Haag opgepikt: de overheid gaat de normen voor aansluiting op het net versoepelen. Een belangrijke ontwikkeling, maar ontwikkelaars en netbeheerders doen zelf ook van alles om ruimte op het net te creëren, om windparken en zonneparken toch aan te kunnen sluiten.

Het Nederlands elektriciteitsnet behoort tot de betrouwbaarste ter wereld. Er wordt altijd een aanzienlijke reservecapaciteit aangehouden om te voorkomen dat de stroom uitvalt bij storingen of onderhoud. De keerzijde is dat het net nauwelijks nog ruimte heeft voor nieuwe energieprojecten, die wel hard nodig zijn om de klimaatdoelen te halen. Met name in gebieden waar veel ruimte is voor windparken en zonneparken, zoals Groningen en Drenthe, zit het net ‘administratief gezien’ vol. En nieuwe kabels aanleggen is duur en kost tijd.

Dankzij een versoepeling van de normen kunnen er toch snel nieuwe energieprojecten bij komen. Het Financieele Dagblad meldt dat hier een wetsvoorstel voor in de maak is. Netbeheerders en ontwikkelaars vroegen al enige tijd om aanpassing van de wet, maar zitten ondertussen niet stil. Overal in het land worden innovaties pilots opgezet om het net te ontlasten en zo toch nieuwe windparken en zonneparken aan te kunnen sluiten. Wij zetten wat initiatieven op een rij.

Het net ontlasten met waterstof

In het Friese Oosterwolde bouwt ontwikkelaar GroenLeven het grootste zonnepark van de provincie, terwijl er eigenlijk geen plek is op het elektriciteitsnet. Samen met netbeheerder Liander zetten zij nu een pilot op om het net te ontlasten met waterstofproductie. Een elektrolyser van 1,5 megawatt gaat draaien op momenten dat er veel aanbod is van zonne-energie. De partijen mikken op de zware mobiliteit als potentiële afnemers.

Waterstof is niet het wondermiddel voor alle problemen, maar wel onderdeel van de oplossing, stelde COO Peter Paul Weeda van GroenLeven in een eerder interview met DuurzaamBedrijfsleven. De toekomst zit volgens hem in slimme combinaties. Dankzij een elektrolyser hebben zonneparken namelijk een kleinere aansluiting nodig. “Het is het samenspel van al deze technologieën en het efficiënt inrichten van het netwerk, waarmee we de energietransitie het meest vooruit helpen.”

Cable Pooling: zon en wind op één aansluiting

Doorgaans hebben windenergie en zonne-energie een aparte aansluiting. Terwijl er meestal minder zon is als de wind hard waait en andersom. Daarom zetten energiebedrijven in op cable pooling, een gecombineerde aansluiting van windparken en zonneparken die dicht bij elkaar liggen. Hierdoor worden aansluitingen optimaal en hebben we er dus minder nodig. Op Goeree-Overflakkee bouwt Vattenfall energiepark Haringvliet Zuid, dat bestaat uit zes windturbines, 124.000 zonnepanelen en twaalf zeecontainers met batterijen erin. In het najaar van 2020 moet het park operationeel zijn.

Pieken uitsmeren met batterijen

Volgens Philippe Verhoef en Raphael Janssens van ontwikkelaar Ecorus heeft elk zonnepark over drie jaar een vorm van energieopslag. Niet om alle geproduceerde stroom in op te slaan voor later gebruik, maar om de pieken in het stroomaanbod uit te smeren. In het klein past Ecorus dit toe in een pilot bij een appartementencomplex. De lift vraagt namelijk veel energie als deze in gebruik is, terwijl het complex voor de rest een lage energievraag heeft.

'Met een relatief kleine batterij heb je een kleinere aansluiting nodig'

“Zonder batterij heb je een grote en dure netaansluiting nodig voor een paar pieken per dag. Met een relatief kleine batterij, die stroom levert tijdens de pieken en tussendoor wordt opgeladen, heb je een kleinere aansluiting nodig”, vertelt Janssens. Dat voorbeeld kun je ook toepassen in het groot, op een zonnepark. “Zo haal je meer uit het bestaande elektriciteitsnet. Er is alleen nu geen incentive voor.”

Lees meer:  ‘Over drie jaar heeft elk zonnepark een vorm van energieopslag’

Afschakelen bij te veel aanbod

De businesscase voor batterijopslag is er nu nog niet, al komt die volgens Ecorus elk jaar dichterbij. Tot die tijd zien zij een snelle en goedkope oplossing in curtailment. Hierbij wordt een zonnepark (gedeeltelijk) afgeschakeld als er een overschot aan duurzame energie is. Bij windenergie gebeurt dat al, bij zon nog niet. Terwijl de SDE-subsidie niet draait als de energieprijzen negatief zijn, iets wat steeds vaker gaat gebeuren naarmate er meer duurzame energie op het net komt. Dat klinkt onwenselijk, want je gooit duurzame energie weg. Het alternatief is echter dat het hele zonnepark er niet komt.

'De batterij van een gemiddelde Tesla kan een huishouden 1 à 2 weken van stroom voorzien'

Elektrische auto als batterij

Elektrische auto’s kunnen prima gebruikt worden om stroomoverschotten tijdelijk op te slaan. Is de energievraag hoog, dan kunnen ze die stroom weer op het net zetten. In het Utrechtse project Smart Solar Charging doen ze onderzoek naar de potentie van dit systeem. “Vergis je niet, de batterij van een gemiddelde Tesla kan een huishouden 1 à 2 weken van stroom voorzien”, zegt projectleider Bart van der Ree.

Lees meer: Hoe Utrecht de dubbelfunctie van elektrische auto’s optimaal benut

20 tot 30 procent meer wind- en zonneparken

Naast deze pilots neemt ook de overheid nu dus maatregelen om de drukte op het elektriciteitsnet het hoofd te bieden. Gevolg van de wetswijziging is wel dat eigenaren van wind- en zonneparken geen 100 procent garantie meer hebben dat ze hun stroom altijd kwijt kunnen. Bij storingen en onderhoud krijgt de levering van stroom aan consumenten voorrang.

Een groot nadeel is dit niet, want het alternatief is nu dat projecten helemaal niet kunnen worden aangesloten. Netbeheerder Enexis berekende dat er 20 tot 30 procent meer projecten kunnen worden aangesloten als het netwerk efficiënter wordt ingezet.

Lees ook: Wordt Nederland het land van de zonne-energie?

Bron: Financieele Dagblad