17-11-2017 10:25 | Door: Rianne Lachmeijer

De Nederlandse fiscale wetgeving moet milieuschade beprijzen die bij de productie van goederen ontstaat. Circa 55 procent van het gebruik van fossiele energie wordt nu niet belast.

Dit concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in het rapport Fiscale vergroening: belastingverschuiving van arbeid naar grondstoffen, materialen en afval.

Negatieve maatschappelijke effecten belasten

Volgens het PBL is het effectiever om in een eerder stadium van het productieproces groene belastingen te heffen. De organisatie vindt dat belasting moet worden geheven, wanneer negatieve maatschappelijke effecten nu niet in de prijs van het product worden doorberekend in de prijs.

‘Een effectieve beprijzing van milieuschade is bovendien onmisbaar in de beoogde transitie naar een economie zonder fossiele energie,’ meldt PBL op zijn website.

Uit het onderzoek blijkt dat het belangrijkste deel van de milieuschade in Nederland plaatsvindt bij de verwerking van grondstoffen. Het gaat om de productie van materialen als aluminium, plastics en kunstmest. Daarnaast levert de productie van halffabricaten, zoals auto-onderdelen, veel milieuschade op.

Bekijk deze infographic: Dit is de prijs van een ton CO2

Jaarlijkse milieuschade circa  € 7 mrd

Het PBL benadrukt dat het de verwerking van grondstoffen betreft, niet de grondstofwinning. De verwerking van grondstoffen levert een jaarlijkse milieuschade op van circa  € 7 mrd. Daarom moet in dit onderdeel van de productieketen belasting worden geheven.

De milieuschade die binnen de verwerking van grondstoffen ontstaat, wordt niet enkel veroorzaakt door de CO2 die bij het verbranden van fossiele brandstof vrijkomt. Ook het gebruik van fossiele energie als grondstof, zoals olieproducten voor de productie van plastic, leidt tot milieuschade.

Afvalstort en -verbranding belasten

Volgens het PBL is de potentie van fiscale instrumenten om milieuschade te reduceren vooral groot in de productiefase. Daarom is het effectiever om groene belastingen in een vroeg stadium in de keten in te zetten in plaats van bij de eindverbruikers en consumenten.

"De vervuiler betaalt"

Tot slot pleit het PBL voor een brede, goed vormgegeven afvalstoffenheffing, zodat zowel het storten als het verbranden wordt belast. Dit vormt volgens PBL ‘een onmisbaar sluitstuk in de beprijzing van milieuschade'. 

‘Pak het belastingstelsel aan!’

In DuurzaamBV Radio pleitten ook al meerdere gasten voor de aanpak van het belastingstelsel. Coert Zachariasse, CEO Delta Development; Michael Kuiper, directeur van kantoorinrichter Desko; en Maarten van Dam, managing partner PYMWYMIC, zouden als minister van Duurzaamheid, het belastingstelsel hervormen. “De vervuiler betaalt,” vindt Van Dam.

Ondanks dat deze visie breed wordt gedragen onder de radiogasten, gaat het proces langzaam. Volgens Van Dam komt dit onder andere door de vele belangen die hier mee gemoeid zijn, maar “uiteindelijk gaan we echt die kant op". 

In onderstaande podcast vertelt René Toet, directeur Climate Neutral Group, waarom CO2-beprijzing volgens hem echt een must is.

Bron: Planbureau voor de Leefomgeving | Afbeelding: Shutterstock.com