13-07-2018 10:05 | Door: Rianne Lachmeijer

Wat is ervoor nodig om circulariteit succesvol toe te passen en wanneer is de circulaire economie een feit? Céline Pessers van ABN AMRO geeft een tussenstand: “We zitten in een transitiefase.”

ABN AMRO financiert circulaire businessmodellen en experimenteert met circulaire initiatieven in haar eigen kantoren. Het leverde de bank in Davos The Circulars 2018 Investor Award op. 

Het bekendste circulaire initiatief dat ABN AMRO ontplooide is paviljoen Circl, maar ook in andere kantoren experimenteert de bank met circulaire toepassingen. Als manager Circulaire Economie binnen Facility Management houdt Céline Pessers zich dagelijks bezig met het toepassen van circulariteit binnen ABN AMRO.

celine pessers, abn amro Voordat zij bij Facility Management begon, was zij vooral conceptueel bezig met onderzoek naar de businessmodellen achter de circulaire economie. Nu past zij deze vragen toe in de praktijk. Ze merkt dat er meer dan honderd definities zijn van de circulaire economie. “Ik denk dat het komt doordat de circulaire economie een omschrijving is van een heel nieuw economisch model.”

Wat is de circulaire economie?

“Voor mij betekent het: Het niet meer onttrekken van nieuwe materialen uit de aarde. Anders gezegd: het in omloop houden van al het materiaal en alle grondstoffen die we al in omloop hebben. De gemiddelde afvalstortplaats heeft meer zeldzame aardmetalen dan de gemiddelde mijn, van 30 mobieltjes heb je al een gouden ring en de zon geeft ieder uur meer energie dan dat we in een jaar of zelfs in honderd jaar kunnen opmaken.”

“We hebben al zoveel overvloed, het is alleen een kwestie van de zaken anders inregelen. Voor mij is de essentie van circulaire economie: gewoon intappen op de overvloed die er al is en niet meer denken vanuit schaarste.”

“In een ideale circulaire economie is duurzaamheid niet langer on top of de bestaande business, maar is het de bestaande business. Daarin is de circulaire economie echt een onderscheidend nieuw systeem. Het is het eerste echte economische alternatief dat ingrijpt op onze bestaande bedrijfskundige modellen en daarom vind ik het ook het meest geloofwaardige van alle duurzame initiatieven die we tot nu toe hebben gezien.”

Hoe grijpt de circulaire economie in op bedrijfskundige modellen?

“Als een producent een manier vindt om een product zodanig te ontwerpen dat alle onderdelen daarvan blijvend in omloop blijven, ofwel in de eigen productieketen of in de keten van een ander bedrijf, dan verdient die producent geld aan het gebruik van het product in plaats van de verkoop van de materialen. Dan heb je een ander bedrijfsmodel.”

“Dan ontstaat ineens een prikkel om ongelooflijk duurzaam te produceren. Om een product te maken dat wel 100 jaar meegaat of dat in 100 verschillende hoedanigheden weer uit elkaar kan zonder dat het geld kost. Als dat het nieuwe bedrijfsmodel wordt dan gaan bedrijven dus geld verdienen aan het verduurzamen van deze wereld. Dan heb je geen duurzaamheidsafdeling meer nodig.”

In hoeverre is uw visie op de circulaire economie afgelopen jaren veranderd?

“Wat ik steeds meer zie is dat het puur in omloop houden van de reststromen die we al hebben, maar een deel van de oplossing is. Alles wat we nu maken, produceren we lineair. Vervolgens maken we er met de allergrootste pijn en moeite weer iets nieuws van. Van oud plastic maken we dan bijvoorbeeld hele mooi colbertjes, jasjes en pakken.”

“In eerste instantie denk je: ‘Nou dat is toch prachtig’, maar tegelijkertijd zit er zoveel toxisch materiaal in de materialen die we nu nog vaak produceren. Zoals William McDonough van Cradle to Cradle zei: ‘We are just circulating cancer.’”

“Moeten we ons in plaats daarvan niet zo spoedig mogelijk gaan richten op de bron? Dat we als volgende fase onze aandacht niet richten op het in omloop houden van toxisch, lineair materiaal, maar zo snel mogelijk circulair gaan ontwerpen en natuurlijke materialen gebruiken.”

Welke uitdagingen bent u afgelopen anderhalf jaar in de praktijk tegengekomen?

“Er komen meerdere uitdagingen bij elkaar: de hele lage prijzen waarmee je moet concurreren, de verschillende formats, de verschillende uitvragen en de onbeschikbaarheid van data.”

“Wat ik daarom een mooie ontwikkeling vind is een initiatief als Inside/inside. Een aantal partijen ontwikkelt een online omgeving waarmee je circulariteit van meubilair uniform kunt meten. De data die daar achterliggen, komen allemaal uit verschillende bronnen. Via data-bruggen komt er aan de voorkant gewoon één omgeving uit waar architecten en inkopers mee kunnen werken. Per tafel, per stoel, en per kleed zie je precies de milieu-impact.”

ABN AMRO wil action leader zijn in de circulaire economie, wat houdt dat in?

“Voor mij betekent het dat wij de meer dan 200 kantoren die wij hebben en al het vastgoed en alle werkplekken, inzetten als een proeftuin voor circulaire innovatie. En dat wij innovaties die wij daar samen met leveranciers, start-ups en andere partners teweegbrengen, actief willen delen met de markt. Ook willen we kijken hoe we klanten kunnen helpen om hetzelfde soort trajecten te doorlopen en of wij die trajecten kunnen financieren.”

“Dus het kleinschalig zelf toepassen van circulaire innovaties in de praktijk en die lessen vervolgens vertalen naar een breder publiek; dat is voor mij wat het action leaderschip inhoudt. Het right to copy in plaats van copyright hoort daar ook bij.” 

Kunt u een voorbeeld geven hoe dat in de praktijk gaat?

“Wij zijn nu bijvoorbeeld met een producent van plafondplaten een circulaire plafondplaat aan het ontwikkelen. We hebben hen gekoppeld aan Ecor, dat is een mooi bedrijf dat plaatmateriaal maakt uit organische stromen. Op dit moment worden er proeven gedaan met een eerste plafondplaat die helemaal uit oud papier en koffiebekers is gemaakt.”

“Als die plafondplaat goed door de testen komt dan gaan wij natuurlijk eerst al onze eigen plafonds op die manier maken. Vervolgens gaan we die kennis ook met onze zakelijke klanten in de bouwsector en met netwerkpartners delen met de boodschap: ‘Laten we dit breder in de markt gaan brengen.’”

Lees ook het dubbelinterview met DSM-Niaga en Ecor:

Wat voor andere circulaire experimenten voeren jullie nu uit?

“In Amersfoort zijn we nu radicaal duurzame koffie en catering aan het inrichten. Daar proberen we alles wat tot nu toe niet is gelukt. Bijvoorbeeld een volledige PET-free bedrijfsvoering, een 100 procent vegetarische catering en we gaan kijken of we daar al het GFT-afval lokaal kunnen composteren, inclusief de koffiebekers.”

“En in Oosterhout is geëxperimenteerd met iets dat heel veel terugkomt in bankkantoren: spreekkamers. Daar hebben we met The New Makers de eerste volledig circulaire spreekkamer ontworpen, mét materialenpaspoort. Die spreekkamers zijn eigenlijk als legosteentjes volledig uit elkaar te halen en elders weer op te bouwen. Inclusief gerecycled en recyclebaar materiaal.”

“En zo zijn we voortdurend op allerlei locaties nieuwe innovaties aan het toepassen en als het goed bevalt dan zetten we ze op onze ‘menukaart’ voor circulaire materialen, waar wij zelf mee werken, maar die we ook graag met andere partijen delen.”

Wat is er nodig om circulariteit toe te passen?

“Je moet flexibel kunnen zijn; Je moet steeds schipperen en meebewegen met de markt. Ook een manier om circulariteit te tackelen is om geen plannen te maken voor 1 à 3 jaar en die vervolgens te gaan uitrollen. De markt beweegt zo ontzettend snel dat je kort cyclische experimenten moet opstarten en kijken hoe die uitpakken en die vervolgens opschalen bij succes en anders ook meteen weer loslaten als het niet werkt.”

“Tegelijkertijd zijn wij steeds meer geneigd om als minimale eis bij leveranciers te stellen dat we willen weten waar een product uit bestaat. En die vraag blijkt vaak al ontzettend moeilijk te  beantwoorden. Toch willen we daar nu echt aan vasthouden. Als eerste stap. Anders komen we er niet snel genoeg.”

“En tot slot: slim samenwerken, transparant zijn en je kwetsbaar op kunnen stellen, want niemand heeft de wijsheid nog in pacht.”

Op welke manier vraagt dit om een andere relatie tussen opdrachtgever en leveranciers?

“We zien eigenlijk dat de relatie met leveranciers andere vormen aanneemt. Dat we veel meer op basis van gelijke ambities samen gaan innoveren en samen het risico dragen als iets niet werkt. Ofwel dat we een grotere, traditionelere leverancier koppelen aan een start-up, zoals nu met die plafondplaten gebeurt. Of dat we een heel ecosysteem met kleinere partijtjes koppelen aan een grotere partij, zodat we ook de diversiteit van nieuwe spelers in de markt kunnen gaan inzetten.”

“Je moet het zo zien: Op de markt is een heel grote toetredingsdrempel voor kleinere spelers, want die hebben vaak nog niet het trackrecord en de volumes om meteen een grote partij te bedienen. Het is voor hen moeilijk om aan financiering te komen, omdat zij (vanwege het gebrek aan een trackrecord) een risicofinanciering zijn. Ze moeten ergens een eerste opdracht krijgen om te kunnen opschalen en dat kip-ei verhaal te doorbreken. Dus ergens moet je een regisserende rol hebben om partijen aan elkaar te smeden.”

Wanneer is circulariteit mainstream?

“Het hangt er maar net van af op welk moment je dit aan mij vraagt. Op het moment dat ik net weer een succesje heb behaald dan denk ik joh we zijn er binnen 10 jaar en op het moment dat ik in een project zit waarin alles weer lekker traditioneel tegenwerkt dan geloof ik dat we er over 50 jaar nog steeds niet zijn. Ik hoop toch wel voor 2030.”

Lees verder: Het kan wél: de verduurzaming van een huurpand als succesvolle businesscase

Afbeeldingen: ABN AMRO