30-01-2019 18:15 | Door: Rianne Lachmeijer

Tijdens een werkcongres eerder deze week bogen afgevaardigden uit de financiële sector zich over de vraag wat klimaatimpact voor hen inhoudt. Terwijl sommige sectoren morren over het ontwerp van het Nederlandse Klimaatakkoord, legt de financiële sector zichzelf de 49 procent CO2-reductiedoelen vrijwillig op.

“Ik hoop dat het Klimaatakkoord er komt. Ik verwacht dat het er komt. Ik vind dat we er moeten komen. Maar één ding is zeker: onze ambitie staat. Ook zonder Klimaatakkoord." Aan het woord is Chris Buijink, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Banken.

Hij spreekt tijdens een werkcongres waarop de financiële sector in de breedte is vertegenwoordigd. Het kennisniveau verschilt, maar ambitie is er wel. Volgens Buijink kan de financiële sector ook niet anders dan focussen op klimaatimpact.

“Het feit dat u 200 man bij elkaar hebt gekregen uit de financiële sector bewijst al dat de financiële sector zijn verantwoordelijkheid neemt”, vindt Ed Nijpels. De voorzitter van de klimaattafels die spreken over de vormgeving van het Klimaatakkoord is als spreker op het werkcongres uitgenodigd.

Lees ook: Ed Nijpels: Einde oefening voor niet-duurzame bedrijven

Klimaattransitie als business

Buijink zegt dat het de financiële sector niet alleen om economische winst gaat. “We doen het niet alleen omdat het simpelweg business is; omdat de transitie economische kansen geeft. We doen het ook niet alleen omdat het vanuit het oogpunt van risicomanagement verstandig is om serieus rekening te houden met klimaatrisico's. Maar we doen het vooral ook omdat we het als onze maatschappelijke verantwoordelijkheid zien.”

De taak van de financiële sector in de breedte is volgens hem het dienen van de huidige economie en de huidige klanten én de toekomstige economie en klanten. “En dan kan je niet, en dan mag je niet, voorbij gaan aan de klimaatopgave.”

Ambities van de financiële sector

Buijink stelt dat de financiële sector vanaf 2020 gaat rapporteren over de klimaatimpact van financieringen en beleggingen. En uiterlijk in 2022 moeten alle instellingen actieplannen hebben opgesteld om deze negatieve impact te beperken. Nijpels complimenteert de financiële sector met haar commitment aan de 49 procent doelstelling voor 2030. “Het heeft weinig publiciteit en belangstelling gehad, maar ik vind het wel degelijk een behoorlijke doorbraak."

'Natuurlijk gaat het niet snel genoeg'

Volgens Nijpels is er vooral veel commentaar op het Klimaatakkoord. Bijvoorbeeld dat het niet snel genoeg gaat, de plannen niet fors genoeg zijn of dat bepaalde partijen worden ontzien. “Natuurlijk gaat het niet snel genoeg: het Klimaatakkoord is een afspraak tussen 100 partijen.” Dat een afspraak tussen zoveel partijen concessies en compromissen betekent, staat volgens Nijpels buiten kijf.

Ondanks dat hij het niet overal mee eens is, vindt hij dat er ook ruimte moet zijn voor positiviteit. “Het kan altijd sneller, maar ik vind het al prachtig dat de afspraken nu op papier staan. En dat de financiële sector zich volledig vrijwillig heeft aangesloten bij dat Klimaatakkoord. Dat moet ook eens een keer gezegd worden in plaats van al dat ge-chagrijn op dit onderwerp.”

Duurzaamheid in de financiële sector

Nijpels stelt dat een korte zoektocht op Google aantoont hoeveel de financiële sector al doet. Buijink bespaart de aanwezigen in de zaal deze taak door zelf een aantal voorbeelden te geven. Zoals de PCAF-methodologie om klimaatimpact van financiële instellingen in beeld te brengen die vijftien Nederlandse financiële instellingen onder leiding van Piet Sprengers van ASN Bank ruim een jaar geleden presenteerde.

Vervolgens spreekt de NVB-voorzitter over de methode die ING samen met vier andere internationale banken presenteerde tijdens de recente klimaattop in Katowice om financiering in lijn te brengen met het 2-graden-scenario zoals afgesproken op de klimaattop van Parijs. Ook noemt Buijink de publicatie van het rapport over hoe financiële instellingen omgaan met klimaatrisico’s en hoe dat beter kan dat onder leiding van MN vorm kreeg.

Tot slot roemt hij de financiële instellingen die de laatste jaren ambitieuze doelen opstelden om CO2-uitstoot terug te dringen. Zoals ABP die zich in 2015 voornam om de CO2-uitstoot van beleggingen binnen vijf jaar terug te dringen met 25 procent. In de jaarlijkse benchmark naar verantwoord beleggen onder pensioenfondsen van de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO) kwam ABP vorig jaar als beste uit de bus.

“Ik ben trots op de inzet van de Nederlandse financiële sector in de breedte. Die met elkaar laten zien dat zij verandering niet afwachten, maar initiatieven nemen. Niet de kop in het zand, maar de neus in de wind,” deelt Buijink de zaal mee.

Terechte trots

Zijn presentatie staat vol mooie woorden. Is het echt zo positief gesteld met duurzaamheid in de Nederlandse financiële sector? Jazeker, zegt Jane Ambachtsheer, van de Task Force on Climate-related Financial Disclosures  en head of sustainability bij BNP Paribas. “De Nederlandse financiële sector toont in termen van het aantal individuele organisaties, maar ook wat het regelgevingskader betreft veel leiderschap op dit gebied.”

Zij stelt dat de Nederlandse financiële sector, ondanks dat er sprake is van een koplopers-groep, een middengroep en een groep achterlopers, in het geheel verder gevorderd is dan veel andere Europese markten. Alleen Frankrijk presteert volgens haar beter. “En dat is niet omdat ik daar woon, maar als je naar artikel 1.73 kijkt.” Ambachtsheer stelt dat Frankrijk met dat artikel de strengste klimaateisen ter wereld stelt aan bedrijven en financiële instellingen.

Weg te gaan

Ook stelt Ambachtsheer dat er nog een weg te gaan is voor de financiële sector, want ondanks de mooie ambities van individuele financiële instellingen steekt de totale sector nog veel geld in klimaat-onvriendelijke lobby. Soms ook is er sprake van tegenstrijdigheid tussen de publieke positie van instellingen en de lobbyactiviteiten die achter de schermen plaatsvinden.

'De financiële sector is de grootste lobbyist ter wereld.'

Samen met de ngo InfluenceMap vergeleek zij de uitgaven aan lobbyen tegen klimaatmitigatie door een focus op kortetermijnbelangen versus de uitgaven voor lobbyen voor klimaatmitigatie door groepen zoals de Institutional Investors Group on Climate Change (IIGCC). Het verschil kwam uit op 1.000 tot 1. En de sector heeft veel invloed: “De financiële sector is de grootste lobbyist ter wereld.”

Ambachtsheer ziet mogelijkheden voor de sector om die invloed juist ten goede in te zetten. Zo kan de financiële sector naast lobbyer ook als investeerder veel invloed uitoefenen zowel op bedrijven als op landen. “Als we een langetermijnperspectief innemen, dan hebben we de mogelijkheid om veel invloed te hebben”, concludeert Ambachtsheer. Het grote aantal aanwezigen bij het werkcongres stemt haar hoopvol. “Als grote financiële instellingen samenwerken, denk ik dat we zelfs met kleine veranderingen de mogelijkheid hebben om echt een aanzienlijke impact te hebben.”

Lees meer over duurzame ontwikkelingen in en rondom de financiële sector op onze themapagina.

Afbeelding: Adobe Stock