10-07-2017 09:02 | Door: Erik Verheggen

Zonder duurzaamheid is een bedrijf ook economisch niet duurzaam. Maar botsende belangen maken duurzaamheid in de bestuurskamer van corporate Nederland nog geen vanzelfsprekendheid. “De duurzame transitie vraagt om betrokken leiderschap”, zegt Wouter Scheepens, die voor zijn eerste boek ‘Duurzaamheid in de boardroom’ sprak met kopstukken uit het Nederlandse bedrijfsleven.

Scheepens, die in het dagelijks leven met zijn bedrijf Steward Redqueen bestuurders helpt om duurzaamheid te verankeren in hun organisatie, sprak voor zijn boek onder meer met Eneco-CEO Jeroen de Haas, Unilever-topman Paul Polman, toezichthouder Inge Brakman en een lange lijst andere bestuurders. De inzichten uit die gesprekken zijn weergegeven in het boek.

“We scoren in het bedrijfsleven een onvoldoende voor duurzaamheid”, zegt Scheepens. “Het onderwerp is de afgelopen jaren heel snel op de agenda gekomen, maar de maatschappelijke uitdagingen ontwikkelen zich in een nog hoger tempo. We hebben de kracht, kennis en de kunde van grote bedrijven nodig hebben om die uitdagingen aan te gaan. Maar aandacht voor duurzaamheid bij bestuurders is klein of alleen gericht op ranglijsten en benchmarks.”

Rijnlands en Angelsaksisch

De kern van het probleem is volgens Scheepens dat er op verschillende niveaus sprake is van een botsing van belangen. “In veel bedrijven botsen het Rijnlandse systeem, waarin overleg en kwaliteit belangrijk zijn, en het Angelsaksische systeem, dat zich kenmerkt door efficiëntie en directe aandeelhouderswaarde. Stakeholders komen daardoor tegenover elkaar te staan.”

"Bedrijven die hun missie langs de lijnen van die uitdagingen weten te formuleren, genereren de meeste waarde"

Ook op microniveau zijn er botsende belangen. “Bestuurders staan continu onder spanning om te leveren. Het is een tredmolen die altijd moet blijven draaien. Er is weinig ruimte voor reflectie. Creativiteit ontbreekt doordat er altijd de angst is om te falen. Dat leidt niet tot vernieuwing maar tot meer van hetzelfde.”

Het doorbreken van tredmolens vraagt om meer dan eenvoudigweg de juiste incentives inrichten, constateert Scheepens. “We moeten duurzaamheid gaan beschouwen als een vliegwiel dat maatschappelijke en bedrijfswaarde creëert. Er zijn uitdagingen die niet zonder grote bedrijven kunnen worden opgelost. Bedrijven die hun missie langs de lijnen van die uitdagingen weten te formuleren, genereren de meeste waarde.”

Scheepens wijst op energiebedrijf Eneco. “Het heeft de transitie gemaakt van een middenmoter naar een echte duurzame koploper. Nu plukt het daar de vruchten van. In tegenstelling tot andere grote energiepartijen wordt Eneco niet geconfronteerd met grote afschrijvingen. Tegelijkertijd heeft het bedrijf een kleinere milieu-impact. Dan wordt duurzaamheid een vliegwiel.”

Wouter Scheepens

Verbinding

In het interview met De Haas, dat Scheepens in zijn boek heeft opgenomen, wijst de Eneco-CEO op het belang van maatschappelijke verbinding: “Een bedrijf dat niet of onvoldoende verbonden is met zijn omgeving loopt grote strategische, financiële en commerciële risico’s. Ik neig ernaar om duurzaamheid te definiëren in termen van maatschappelijke verbinding. Het zijn synonieme begrippen”, zegt hij.

Hoewel ook niet beursgenoteerde bedrijven druk van aandeelhouders ervaren, is die druk bij bedrijven met een beursnotering groter en directer. AkzoNobel en Unilever worden opgejaagd door beleggers die op korte termijn zoveel mogelijk aandeelhouderswaarde willen zien. De dreiging van een vijandige overname of pogingen tot het wippen van het bestuur zijn daardoor nooit ver weg.

De discussie die Scheepens wil aanzwengelen is dus actueler dan ooit. Hij wijst op een stuk dat Harvard-academici Joseph Bower en Lynn Paine dit jaar publiceerden in de Harvard Business Review. Zij beschrijven hoe de discussie over aandeelhouderswaarde zich steeds meer vernauwt tot de rechten van de belegger, terwijl aandeelhouders zouden moeten beseffen dat ze ook plichten hebben.

“Ze zijn namelijk als mede-eigenaar verantwoordelijk voor alle waarde die het bedrijf creëert”, zegt Scheepens. “Maar in plaats van value creation zie je nu vaak value transfer. Vroeger was het hebben van veel vermogen een succesfactor van een bedrijf. Conservatief financieren was een kwaliteitskeurmerk. Tegenwoordig zien beleggers het als een schande.”

Monster

“Het financiële systeem is vervreemd geraakt van de maatschappij”, constateert Scheepens. “Targets en rendementsdenken hebben geleid tot een monster. Hedgefunds en kortetermijnaandeelhouders laten zich alleen leiden door de grenzen van de wet.”

In zijn boek doet Scheepens daarom een appel op banken en institutionele beleggers als pensioenfondsen en vermogensbeheerders. “Hedgefondsen hebben zelf ook weer investeerders, en in veel gevallen zijn dat pensioenfondsen. Zij kunnen een grote rol spelen en bedrijven de kant van duurzaamheid en een breed waardeperspectief op sturen.”

“Er is geen silver bullet, maar wel een rode draad. Dat is betrokken leiderschap"

Een van de sprekers tijdens de presentatie van ‘Duurzaamheid in de boardroom’ was Inge Brakman, lid van de Raad van Commissarissen bij Shell Nederland en DSM Nederland. Daarnaast bekleedt ze bestuursfuncties in de publieke sector.

Put your money where your mouth is”, luidde haar boodschap aan bestuurders. In een interview in het boek vertelt Brakman hoe ze als voorzitter de agenda graag omdraait. “Ik zorg dat we beginnen met ‘innovatie’, met ‘de buitenwereld’ en de toekomst. Welke ontwikkelingen zien we daar? Met welke nieuwe kansen en bedreigingen krijgen we te maken? En hoe sluiten wij aan op maatschappelijke ontwikkelingen?”

Om maatschappelijke waarde echt te kunnen koppelen aan bijvoorbeeld innovatie en R&D zijn nieuwe indicatoren nodig, vindt Brakman. In het interview pleit ze voor geïntegreerde verslaglegging en het anticiperen op bijvoorbeeld CO2-beprijzing.

Nieuwe indicatoren kunnen leiden tot een veranderende mindset bij bestuurders, verwacht ook Scheepens. “Als je een systeem ziet en dat echt doorgrondt, neemt wellicht ook de bereidheid tot experimenteren toe, terwijl de angst om te falen juist afneemt.”

Vliegwiel

Het door Scheepens geschetste vliegwiel voor een duurzaam bedrijfsleven wordt aangedreven door een maatschappelijke missie in het hart van de strategie, bestuurders die de dialoog aangaan met stakeholders, banken en beleggers die de economie een duurzame richting op sturen en duurzame innovatie, al dan niet in samenwerkingsverbanden.

“Het zijn bouwstenen die allemaal van belang zijn”, zegt hij. “Er is geen silver bullet, maar wel een rode draad. Dat is betrokken leiderschap. Stap eens uit de tredmolen en neem de tijd om de wereld te verkennen.”

Foto's: MGMC