26-06-2020 17:08 | Door: Paul van Liempt

Van leiders wordt in deze tijd meer dan ooit empathie verwacht. Paul van Liempt denkt dat het een goede ontwikkeling is, maar raadt leidinggevenden aan ook het boek Het empathisch teveel te lezen.

Wopke Hoekstra kreeg het verwijt dat hij geen empathie voor Zuid-Europa had en ging door het stof. Johan Derksen kreeg te horen dat het hem aan empathie ontbrak omdat hij de pijn van de ander niet zag. Hij zat er soms verweesd bij. Illustere voorganger van het tweetal was toenmalig Eurogroep voorzitter Jeroen Dijsselbloem: "Ik kan niet al mijn geld aan drank en vrouwen uitgeven om vervolgens u om bijstand te vragen."

In Zuid-Europa werd Dijsselbloem als racist en seksist weggezet. En als empathieloos persoon uiteraard. Hij maakte zijn excuses: "Mijn opmerking was streng. Hij komt uit een strenge Nederlandse, calvinistische cultuur met enige Nederlandse directheid. Ik begrijp dat dat niet altijd even goed wordt begrepen en gewaardeerd elders in Europa, dus dat is een les die ik moet leren." Hij beloofde in het vervolg meer empathie aan de dag te leggen.

Kijkcijferrecord

In de spraakmakende uitzending van VI, zaten drie bekende hoofdrolspelers aan tafel die je gezien de verwensingen door anderen en aan elkaar, als het schuim der aarde mag typeren. Een 'NSB-er', een 'racist' en een 'megalomane pillenslikker.' Het was de best bekeken uitzending in de geschiedenis van het programma. Er keken 1,7 miljoen mensen, waaronder een groot aantal ramptoeristen, die het niet in eerste instantie om empathie te doen was.

In 2000 noemde Frits Barend toenmalig hoofdredacteur van weekblad VI Derksen een antisemiet. Derksen zei in Het Parool over Barend (en Van Dorp): "Irritant vind ik ook hoe hijgerig ze worden als het om kleurlingen, minderheden of homo's gaat. Dat gekoketteer van Frits met zijn joods zijn. Mij maakte het geen ene moer uit of iemand wel of niet joods is, maar ik word er wat moe van dat Frits er gemiddeld drie keer per uitzending melding van maakt." De discussie tussen de heren ging nog even heen en weer, zonder dat het woord empathie viel. Het speelde zich af rond de eeuwwisseling, een andere tijd.

Antiracisme

In de heftige debatten rond empathie en identiteit klinkt veel moralisme door. NRC-columnist Aylan Bilic (geboren in Rotterdam, ouders uit Izmir) schrijft dat ze het woord identiteit niet meer kan horen: "...we dachten dat we ervan af waren na de verzuiling. Maar het is helemaal terug. En het rare is: het wordt massaal omarmd als toppunt van politiek correct denken én handelen. Terwijl ik altijd dacht dat je een racist bent als je onderscheid maakt tussen zwart en wit, zijn het nu de 'anti-racisten' die dat onderscheid tot in het absurde doorvoeren."

Moralisme viert zelfs hoogtij. Waarbij de moralist vooral heel goed ziet wat de ander niet goed doet. Die eenzijdigheid zie je nu ook terug in het gebruik van empathie. Jammer, want empathisch vermogen is van groot belang. Als het vermogen je in te kunnen leven in de situatie of gevoelens van anderen. Heel belangrijk voor een leider of CEO, in de dagelijkse omgang en in het schetsen van strategische vergezichten waarin je anderen mee wil krijgen.

Maar empathische leiders, let op: in zijn boek 'Het empathisch teveel', geeft de Vlaming Ignaas Devisch een duidelijke waarschuwing af. Empathie is onmisbaar in persoonlijke relaties, maar kan niet de basis van een moderne staat, of van een bedrijf zijn. Empathie is geen wondermiddel. "Wie geen grenzen markeert, creëert een eigen grenzeloosheid."