08-11-2020 11:59 | Door: Paul van Liempt

Het jaar 2020 lijkt een sleutelmoment waarop de wereldwijde strijd tegen klimaatopwarming serieus een ander gezicht kan krijgen. Waar zijn de moedige leiders die dit moeten bewerkstelligen?

Het wordt soms onderschat, maar in tijden van verandering is moed een belangrijke deugd. Door de Griekse wijsgeer Epictetis en de Romeinse filosoof Seneca in een ver verleden al beleden. Moed om aan eigen ideeën vast te houden, ook als je door niemand gesteund wordt, of de kans bestaat dat het slecht met je afloopt.

Een duidelijk voorbeeld hiervan geeft hoogleraar besturen van veiligheid Ira Helsloot. Die liet aan talkshowtafels na de eerste lockdown al een afwijkend geluid horen. Zijn kritiek was dat de maatregelen extreem meer schade veroorzaken dan het virus zelf. In de Volkskrant werd hem door 'een oud-staatssecretaris' verweten dat hij 'het sentiment in de maatschappij onderschat.' En kreeg hij dit advies: "Als het hele volk links aan je stuur gaat hangen, dan ga je als bestuurder gewoon naar links."

Pragmatisch natuurlijk, maar ook een tikje laf. Helsloot ging er niet in mee. "Dat hoeft echt niet. Burgers snappen goed dat bestuurders belangen moeten afwegen." Diezelfde burgers bleken minder begrip te hebben voor een professor met een dwarse mening. "Ik krijg vaak hatemail na een talkshow: 'Ik hoop dat u en uw familie aan corona overlijden.'" Maar hij blijft toch moedig zijn mening verkondigen. "Ik kan ook denken: ik heb een vast salaris, ik heb een riant huis, ik zit die lockdown wel uit. Toch vind ik de boodschap te belangrijk."

Die houding komt in het klimaatjaar 2020 ook van pas. Een sleuteljaar waarin de Green Deal in Europa is gelanceerd, waarin China aankondigt in 2060 klimaatneutraal te zijn. En Japan en Australië dat doel al in 2050 willen bereiken. Allemaal in hetzelfde jaar waar uit onderzoek van de Universiteit van Bremen naar voren komt dat de aarde nu sneller opwarmt dan ooit tevoren. Als vervolg op de waarschuwing een jaar eerder van de VN dat komend decennium cruciaal wordt voor de aanpak van de klimaatcrisis.

Het rechtvaardigt de vraag hoe moedig Amerika is. Waarbij niet vergeten mag worden dat oud-president Jimmy Carter (96) tijdens zijn termijn tussen 1977 en 1981 de eerste was die duurzaamheid vol op de agenda zette, schone energie bevorderde en zonnepanelen in het Witte Huis installeerde. Lang verguisd als 'het pindaboertje uit Georgia', kwam later de waardering. Veel moediger dan Donald Trump. Op de site van het VRT-nieuws wordt in een mooie analyse herinnerd aan de mislukte Klimaattop van 2009 in Kopenhagen, waar Obama als president bij was.  Een groep topondernemers plaatste een paginagrote advertentie in de New York Times om Obama tot actie te manen: "Als we nu niets doen, staat het wetenschappelijk onomstotelijk vast dat er rampen en onomkeerbare gevolgen voor mens en planeet optreden." Mede-ondertekend door Trump, de business leader! Zes jaar later hing hij aan een ander stuur, als presidentskandidaat: "Ik geloof niet in de opwarming van de aarde. Ik geloof niet dat de mens erachter zit."

Amerikadeskundige Frans Verhagen schreef in een essay in NRC Handelsblad dat de verkiezingsuitslag voor de toekomst van weinig belang is, omdat Amerika is afgegleden naar de status van 'failing state.' Biden of Trump is daarom niet zo relevant. De hoop is gevestigd op moedige leiders uit de EU, Canada of Australië die, als het moet tegen de stroom in, van 2020 een keerpunt maken.