25-11-2019 06:33 | Door: Sanne Bode

Het schap in de supermarkt ziet er compleet anders uit in 2050. Plantaardige, eiwitrijke alternatieven staan centraal in de supermarkt van de toekomst. We consumeren zo min mogelijk dierlijke producten. Wat ligt er over dertig jaar allemaal op ons bord?

Naar verwachting leven er in 2050 zo’n tien miljard mensen op deze planeet. Op dit moment consumeren we wereldwijd 280 miljoen ton vlees, een vraag die tegen die tijd verdubbeld zal zijn. Ons huidige voedselsysteem is dus onhoudbaar. Hoe kunnen we de groeiende wereldbevolking op zo’n manier voeden dat we de aarde niet uitputten?

De supermarkt als gezondheidscentrum

Volgens food designer Chloé Rutzerveld moeten we, als het om de toekomst van voedsel gaat, vooral kijken naar technologische en sociale innovaties. Rutzerveld voorziet dat het aantal supermarkten over dertig jaar drastisch is afgenomen. “De consument haalt de boodschappen dan vooral online. De supermarkt wordt een plek waar je informatie en ideeën kan uitwisselen over voeding en gezondheid. Ontmoeten, experimenteren, proeven, beleven en kennis zullen centraal staan.”

“Een voedselapotheek hoort dan ook bij de supermarkt van de toekomst. Daar geven voedselexperts advies over voeding en gezondheid. Bovendien kun je in het gezondheidslab een poepmonster inleveren en op basis daarvan een persoonlijk voedingsadvies ontvangen.”

Lees ook: Hoe lokale voeding medicijnen kan vervangen

Kweekvlees

In de supermarkt van de toekomst zien we steeds meer kweekvlees in het schap liggen. Dat is vlees dat in een laboratorium wordt gekweekt en afkomstig is uit de stamcellen van dieren. Kweekvlees kan uitkomst bieden voor het dierenwelzijn, de groeiende vraag naar vlees en de hoge grondstofkosten die de vleesproductie met zich meebrengt.  

Het slachten van dieren zal steeds minder gebeuren. Volgens een rapport van het Amerikaanse consultancybureau A.T. Kearney bestaat in 2030 al ongeveer 10 procent van de vleesconsumptie uit kweekvlees. De verwachting is dat het in 2040 zo’n 35 procent van onze mondiale vleesconsumptie omvat.

Lees ook: Hoe kan Nederland in de toekomst de wereld blijven voeden?

“De consument wil weten waar het voedsel vandaan komt, wat de smaak is en wat er precies in zit”, zegt Rutzerveld. Die zal het kweekvlees als iets normaals gaan beschouwen als hij het productieproces met eigen ogen kan zien. “Hierdoor begrijpt de consument beter wat hij koopt.”

Insectenvoeding

In Nederland zijn we niet gewend om een sabelsprinkhaan in onze mond te stoppen, maar in Afrika is het een heuse delicatesse. In de supermarkt van de toekomst liggen insecten die zijn doorgefokt tot grotere formaten, voorziet Rutzerveld. “Ze zijn opgeblazen tot formaat plofinsect”, zegt de food designer.

Wereldwijd eten we al 1.900 verschillende soorten insecten, zoals krekels, sprinkhanen en kevers. Vooral in Afrika, China en Japan worden ze al veel gegeten. Volgens de Food and Agriculture Organization of the United Nations (FAO) hebben insecten zes keer minder voer nodig dan runderen om dezelfde hoeveelheid eiwit te produceren.

In het Brabantse Dongen ontwikkelt Protix insectenvoeding voor dieren. Volgens Kees Aarts, CEO van Protix, wil het bedrijf op de lange termijn ook humane voeding produceren op basis van insecten. “Het grote voordeel is dat insecten barstensvol eiwitten en vitamines zitten en daardoor een enorm potentieel hebben als voedsel, ook voor mensen”, zegt Aarts.

Zeewier

Ook algen en zeewier behoren tot het voedsel van de toekomst. Velen denken daarbij aan de groene smurrie die zomers in plassen voorbijdrijft, maar ze kunnen een uitstekende vegetarische optie zijn. Ze bevatten namelijk veel eiwitten, ijzer en vitamine B1.

In Afrika is de sabelsprinkhaan een heuse delicatesse

Het Voedingscentrum legt uit wat het verschil is tussen microalgen en zeewier: “Algen die groter worden en meer cellen hebben, noemen we zeewieren. Zeewieren lijken op planten, omdat ze bladeren, wortels en stengels hebben.” Microalgen zijn microscopisch klein en met het blote oog niet zichtbaar. Het verschil zit dus hoofdzakelijk in de grootte en moleculaire structuur.

Volgens Wageningen University & Research (WUR) kan met een duurzame zeewierteelt de groeiende wereldbevolking van voldoende voedsel worden voorzien, met maar 2 procent van het totale zeeoppervlak. Hoewel ons aardoppervlakte voor 70 procent uit water bestaat, komt op dit moment slechts 17 procent van ons voedsel uit de zee.

Meer over algen: Waarom algen de voedselindustrie gaan veroveren

In sommige delen van de wereld is zeewier al big business, maar in Europa is het nog relatief onbekend. “In Azië wordt het al eeuwenlang gegeten. Het wordt daar uit de zee geoogst en onder meer toegepast in sushi, maar ook gebruikt voor het maken van bijvoorbeeld bindmiddel”, vertelt Lolke Sijtsma, onderzoeker en projectleider bij WUR.

Algen

“Van de tienduizenden micro-algensoorten die er bestaan, wordt slechts een tiental industrieel geproduceerd, waarvan enkelen voor voedseltoepassingen”, legt Sijtsma uit. “Als ze goed groeien, bevatten ze veel eiwitten van goede kwaliteit. Dat past uitstekend in de toenemende vraag naar niet-dierlijke eiwitten.”

"Algen bevatten veel eiwitten van goede kwaliteit"

De eiwitrijke alternatieven kunnen bijvoorbeeld worden verwerkt in pasta of tot vegetarische vleesvervangers, zoals een Chlorella burger. “Sommige onderdelen van algen, zoals de blauwe kleurstof van Spirulina, worden in smarties gebruikt zodat ze blauw kleuren”, vertelt Sijtsma. Afhankelijk hoe je algen behandelt, eet je ze bijvoorbeeld vers of gedroogd, is de smaak verschillend. “Microalgen hebben van zichzelf weinig structuur, wat je er nog meer aan toevoegt bepaalt de smaak”, zegt Sijtsma. “We weten eigenlijk nog te weinig wat topkoks er allemaal mee kunnen doen.”

Voordat algen in grote getale te koop zijn in de supermarkt, zijn er verschillende obstakels die we eerst moeten overwinnen. Dat zijn het opschalen van de productie en de bijkomende kosten. Ook het veranderen van de bestaande wetgeving omtrent het introduceren van voedingsmiddelen en ingrediënten (novel foods), die niet voor 15 mei 1997 binnen de Europese Unie als voedingsmiddel werden verkocht, is een uitdaging. “Alles wat niet voor 1997 werd gegeten in Europa, heeft een strikte toelating”, zegt Sijtsma hierover.

Ten slotte moet de consument het voedsel van de toekomst leren accepteren. Dat geldt zowel voor algen, zeewier, kweekvlees als het eten van insecten. De consument moet daarom meegenomen worden in het productieproces, zodat die leert te begrijpen hoe producten worden gemaakt. “Op die manier gaan ze het accepteren én consumeren”, besluit Rutzerveld.

Lees meer: Op zoek naar het gezondste dieet ter wereld

Beeld: Adobe Stock.