“Ik ben meer van de evolutie dan de revolutie”

Lot van Hooijdonk is sinds 2014 wethouder van Utrecht en maakt zich al jaren hard voor meer fietsen in de stad, meer ruimte voor groen en de opkomst van gasvrije wijken. De positie van wethouder bekleedt ze niet voor niets: “De overheid kan verandering in gang zetten en makkelijk maken, door het speelveld zo in te richten dat goed gedrag beloond wordt.”

Van Hooijdonk zou zichzelf niet zo snel bestempelen als een Green leader. “Ik prijs me vooral gelukkig met mijn situatie”, legt ze uit. “Ik ben wethouder van een progressieve stad, met een hoogopgeleide bevolking. In de Utrechtse politiek is daarnaast veel draagvlak voor duurzaamheid en de energietransitie. Met andere woorden: optimale omstandigheden om  iets voor elkaar te krijgen.”

Hier en nu versus daar en later

Als wethouder van energie, mobiliteit en (sinds kort) groen houdt Van Hooijdonk zich elke dag met duurzame vraagstukken bezig. Het doel: een duurzamer Utrecht, terwijl de kwaliteit van leven daar niet onder lijdt of zelfs verbetert. “Die twee kun je niet loskoppelen van elkaar: ik ben ervan overtuigd dat de kwaliteit van leven verbetert in een duurzamere economie en samenleving. De grote uitdaging is om mensen mee te nemen in dat verhaal.”

We hebben als mens moeite met vraagstukken die ver in de toekomst liggen, stelt Van Hooijdonk. Ze herinnert zich een recent radio-interview, met een wetenschapper die onderzoek doet naar de ecologie in het poolgebied: “Hij zei dat hij in paniek was. Dat vind ik echt heel erg. Maar vervolgens bedankt de radiopresentator hem voor het interview en gaan we met z’n allen weer over op de orde van de dag.”

Het hier en nu weegt vaak toch zwaarder dan een ver-van-mijn-bed-show als klimaatverandering. En dat is ook begrijpelijk, benadrukt Van Hooijdonk. “Maar het is wel een lastig spanningsveld: als wethouder moet je je daartoe verhouden en onderzoeken welke stappen je binnen die omstandigheden wél kan zetten.”

Misschien is dat maar goed ook, vervolgt ze: “Ik ben meer van de evolutie dan de revolutie. We staan aan de vooravond van fundamentele veranderingen en die moet je geleidelijk in gang zetten. Als je dat stapje voor stapje doet, opereer je in het hier en nu en maak je de verandering behapbaar voor betrokkenen. Maar tegelijkertijd heb je het oog op de toekomst.”

Fietsen, deelauto’s en gasvrije wijken

In de afgelopen jaren zijn er behoorlijk wat van dat soort stapjes gezet in Utrecht. Van Hooijdonk speelde bijvoorbeeld een belangrijke rol bij het introduceren van deelauto’s in de stad en is druk bezig met het leggen van de basis voor een stad zonder gas. Daarnaast breidt ze als wethouder mobiliteit het fietsnetwerk uit. Een passieproject, stelt ze: “De fiets is een wondermachine, er zitten geen nadelen aan. Het is gezond, het emancipeert mensen en biedt een oplossing voor het groeiende ruimtebeslag van onze mobiliteit. De fiets mag van mij op een voetstuk staan.”

Van Hooijdonk is dan ook blij met het feit dat het aantal fietsers in Utrecht gestaag toeneemt en vermoedt dat de inspanningen van de gemeente daar een rol in hebben gespeeld. Utrecht is tegenwoordig bijvoorbeeld het thuis van de grootste fietsenstalling ter wereld. Onder het treinstation is ruimte voor 12.500 fietsen en daar maken Utrechters inmiddels goed gebruik van. “Dat is wat je wil: dat mensen gebruik maken van de dienst die je aanbiedt. Het creëert zelfs meer vraag:  meer mensen pakken de fiets, omdat het simpelweg de fijnste optie is.”

Hetzelfde hoopt van Hooijdonk te bereiken met deelsystemen, zodat de auto steeds minder onderdeel uitmaakt van het straatbeeld. Het gaat daarbij om het doorbreken van routines, vertelt ze: “Men moet uiteindelijk denken: ‘Waarom heb ik nog een auto voor de deur staan?’ Dat kan alleen als je betere opties aanbiedt. Ik geloof dat dat kan. Deelsystemen, waarbij je toegang hebt tot verschillende (elektrische) auto’s, bakfietsen en ov-abonnementen, kunnen je een rijker mens maken dan het bezit van een auto.”

Marktmeester van het speelveld

Dergelijke trendbreuken ontstaan niet zomaar. Consumenten, bedrijven en overheden hebben allen een belangrijke rol in dergelijke transities te spelen. De belangrijkste rol is echter weggelegd voor overheden, vindt Van Hooijdonk. “Idealiter is de meest duurzame keuze, levensstijl of businesscase ook het meest lonend”, zegt ze. “Maar momenteel is dat totaal niet zo. Overheden kunnen daar verandering in brengen.”

Zo is virgin materiaal vaak nog goedkoper dan gerecycled materiaal en betalen consumenten de hoofdprijs voor duurzame voedingsmiddelen. “Ondernemers die een duurzame oplossing naar de markt brengen, hebben vaak een slechtere businesscase”, voegt Van Hooijdonk toe. “Je kunt het bedrijven en consumenten dus niet kwalijk nemen dat ze zich volledig rationeel gedragen. Ze opereren in een systeem waar het loont om winstgedreven te zijn. Dan kan je niet verwachten dat ze ineens optreden als duurzame koplopers.”

De overheid heeft echter de kracht om verandering in het systeem te brengen. Van Hooijdonk: “Overheden zijn de marktmeesters, die het speelveld bepalen waarbinnen bedrijven en consumenten opereren. Die kunnen dus de juiste prikkels inbouwen, die goed (en duurzaam) gedrag belonen.”

Stimuleren van duurzame stadslogistiek

Momenteel maken overheden nog te weinig gebruik van deze kracht, vindt Van Hooijdonk. Het was voor haar reden genoeg om zich in 2013 kandidaat te stellen als voorzitter van GroenLinks. “Ik vond dat er een sterke, groene partij nodig was om dat speelveld te veranderen. Die rol werd nog te weinig gepakt.”

Van Hooijdonk werd geen voorzitter van de partij, maar kort daarna volgde de kans om wethouder van Utrecht te worden. “Ik twijfelde in eerste instantie maar heb hem toch gegrepen, om precies dezelfde reden”, zegt ze. “Ook in de stad heeft de overheid de kracht om het speelveld anders in te richten.”

De Utrechtse wethouder werkte de afgelopen jaren hard aan een voorbeeld daarvan, waar een collega-wethouder mee verder is gegaan. Om emissievrije bevoorrading van de binnenstad te stimuleren, voerde Utrecht een systeem in waarbij vervuilende voertuigen minder lang in de binnenstad mogen rondrijden dan emissievrije voertuigen. Met andere woorden: bedrijven met emissievrije voertuigen in hun vloot, hebben meer businesskansen in de Utrechtse binnenstad. “Zo stimuleer je milieuvriendelijkere alternatieven en compenseer je de hogere kosten die daar vooralsnog mee gepaard gaan”, legt Van Hooijdonk uit. “Zo schep je dus een ondernemersklimaat waar duurzaamheid loont.”

Landelijke politiek?

De ambitie om dit ook op landelijke schaal op te pakken, heeft Van Hooijdonk niet. “De enige reden waarom ik het zou overwegen, is uit plichtsbesef, maar niet vanuit persoonlijke ambitie”, besluit ze. “Ik zit goed op mijn plek in Utrecht, want ook hier moet het gebeuren. En als we op stadsniveau kunnen laten zien dat iets werkt, kan dat ook voorbij Utrecht impact hebben.”

Meer over Lot van Hooijdonk?

Bekijk het profiel 


Deel deze pagina