15-07-2018 11:07 | Door: Rianne Lachmeijer

Het Klimaatakkoord op hoofdlijnen is een feit: Nederland wil aan de slag met de klimaattransitie. Aan vijf sectortafels spraken het bedrijfsleven, de overheid en maatschappelijke organisaties over de mogelijkheden. Manon Janssen, voorzitter van de klimaattafel industrie vertelt over de uitdagingen en kansen die de klimaattransitie met zich mee brengt voor de sector.

In 2050 moeten we zo goed als klimaatneutraal zijn om aan het Klimaatakkoord van Parijs te voldoen. Het nationale Klimaatakkoord speelt daarop in door een tussendoelstelling op te stellen voor 2030. Voor de sector industrie gaat het om een CO2-reductie van 14,3 megaton.

Volgens Manon Janssen, voorzitter van de sectortafel industrie, is het laaghangend fruit de afgelopen jaren al geplukt. De Nederlandse industrie heeft de afgelopen 25 jaar namelijk al meer dan 31 megaton aan broeikasgasemissies gereduceerd. “De moeilijkere en dus ook de duurdere maatregelen liggen voor ons.” 

“Om die opgave te behalen moet de industrie enorme investeringen doen, door ons ingeschat op een bedrag van € 15 tot 20 mrd cumulatief tot 2030, misschien nog wel meer daarna en bovendien moeten we deze investeringen naar Nederland halen en niet in het buitenland laten gebeuren, want we willen de banen hier houden", zegt Janssen. "Dus bedrijven moeten ook hun aandeelhouders in andere landen ervan overtuigen dat we het gaan doen en dat we het hier gaan doen.”

Wat zijn de kansen voor Nederland?

“Wij gaan als BV Nederland onze reputatie als koploper op innovatie verder uitbouwen. We gaan hele nieuwe bedrijfstakken aanboren zoals de waterstofeconomie en de toevoer naar de waterstofeconomie. We behouden banen in dit land. We kunnen kennis aantrekken in dit land en we laten een land na aan onze kinderen waar het goed wonen en goed werken is. We gaan van welvaart naar welzijn. Klaar. Doen toch?”

En is dat ook de boodschap waarmee het lukt om de aandeelhouders te overtuigen, want dat zijn gedeeltelijk buitenlandse investeerders? 

"Nou daar moet je nog wel iets meer voor mee brengen. Als je bijvoorbeeld met een private equity partij zit, wil die echt wel weten wat je IBT multiplier is na 7 jaar. Nee dat wat ik omschrijf is het morele leiderschap en vervolgens moet er een sluitende businesscase zijn."

En die sluitende businesscase, krijgt die al vorm?

"Op sommige projecten en plannen wel en op andere nog helemaal niet. Je ziet het nu bij de proces efficiency, dat er sluitende businesscases zijn en elektrolysers in Hengelo."

"Je hebt natuurlijk ook te maken met de vraag: Wat zijn nou precies je terugverdientermijnen. Het valt voor een belangrijk deel ook terug te verdienen, maar er zit natuurlijk ook gewoon een gat. Dat is het financiële issue."

“Onze eerste opdracht was: Breng in kaart wat er kan in dit land, want als je niet weet waar het project over gaat kan je ook niet gaan praten over financiering. Dat is nu gebeurd, al die clusters hebben allemaal plannen. De volgende stap is: Wat heb je voor elke businesscase nodig." 

Wat hebben de gesprekken tot nu toe opgeleverd?

“Wat denk ik wel de belangrijke winst aan deze gesprekken is geweest, is dat de partijen aan onze tafel namens de partijen die zij vertegenwoordigen hebben gezegd: ‘Wij als industrie committeren ons aan deze programmatische aanpak.’”

"Ik denk dat het grote verschil met het energieakkoord is, dat mensen nu echt mee willen doen. Bij het energieakkoord moesten nog veel mensen erbij worden betrokken, maar nu wil echt iedereen. Iedereen is ervan overtuigd dat het moet. Niet iedereen is ervan overtuigd hoe het moet en hoe snel het moet, maar iedereen wil meedoen en dat is mooi om te zien."

Dit artikel maakt onderdeel uit van een serie over de kansen van het Klimaatakkoord voor de sectoren: agrifood, gebouwde omgeving, energie, industrie en mobiliteit. Lees ook:

Afbeelding: Adobe Stock