26-10-2020 17:00 | Door: Marc Seijlhouwer

Een nieuw materiaal combineert twee stoffen die gebruikte olie waar mee is gekookt kan omzetten in biodiesel. Het materiaal is bovendien toe te passen op andere stoffen. Daarmee kan de productie van biodiesel makkelijker en efficiënter worden.

De Australische universiteit RMIT zegt dat het voor het eerst is dat zo’n materiaal gemaakt wordt. Het bestaat uit twee katalysatoren in een structuur die lijkt op een spons, met grote en kleine poriën. Het bijzondere is dat de katalysatoren wel in hetzelfde materiaal zitten, maar elkaar niet raken. Dat is maar goed ook, want als ze in contact komen werken ze allebei niet meer.

Dat de stoffen apart in het materiaal blijven komt door de bijzondere vorm. De ene katalysator zit in grote poriën, de ander in kleine. Zo kunnen ze niet naar elkaar stromen. Ondertussen reageert de gebruikte olie eerst met de katalysator in de grote poriën voor hij doorstroomt naar de kleinere gaatjes, waar het tussenproduct om wordt gezet in bruikbare biodiesel.

Lees ook: Biodiesel gemaakt van frituurolie van fastfoodketens

Vervuiling in de olie

De onderzoekers denken dat hun techniek een betere manier oplevert om biodiesel te maken van kookolie en andere vervuilde fossiele stoffen. Nu heb je, om van frituurvet of ander olieafval diesel te maken, vrij schone afvalstromen nodig; er mag maximaal een paar procent verontreiniging in zitten. Het schoonmaken van olie is een ingewikkeld proces. De ‘spons’ doet het echter nog steeds als de olie 50 procent verontreinigingen heeft en is daardoor veel makkelijker te gebruiken.

Het systeem is ook simpeler in opzet: volgens de onderzoekers hoef je alleen de spons in een bak met olie te leggen, en de olie een beetje te verwarmen en te roeren. Het resultaat is bruikbare biodiesel, in ieder geval in het laboratorium. De onderzoekers kijken nu of en hoe ze de technologie op grote schaal toe kunnen passen, in de hoop het zo snel mogelijk commercieel in te zetten.

Algen of biomassa

Hoewel biodiesel van kookolie niet CO2-vrij is, levert het wel een nuttige toepassing van een afvalstof op. In een circulaire economie zijn dat soort nuttige tweede levens voor afval belangrijk. Bovendien kan het proces volgens de onderzoekers ook werken voor andere energiebronnen zoals (hernieuwbare) biomassa of algen. Als dat zo is, zou er met deze spons echt groene biodiesel gemaakt kunnen worden. Dan kunnen bijvoorbeeld auto’s of vrachtwagens die niet op elektriciteit of waterstof over kunnen stappen toch nog groen rondrijden.

Lees ook: Is rijden op biodiesel duurzamer dan een elektrische auto?

Bron: RMIT/Nature Catalysis