02-06-2017 07:39 | Door: Erik Verheggen

Nachtelijk kunstlicht verstoort vleermuizen sterk, behalve als het rood is. Het verlies van leefgebied voor de zeldzamere, lichtschuwe soorten kan daardoor met deze lichtkleur waarschijnlijk verminderd of voorkomen worden.

Dit blijkt uit onderzoek van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW), Wageningen University en onder meer Philips Lighting, dat deze is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B.

In dit onderzoek is het voor het eerst gelukt om effecten van lichtkleur te meten bij zeldzame, langzaam vliegende en lichtschuwe soorten vleermuizen. “Het blijkt dat rood licht geen effect heeft op deze soorten: ze zijn in dat licht niet minder actief dan in duisternis,” zegt hoofdonderzoeker Kamiel Spoelstra. “Hun activiteit wordt wel sterk onderdrukt door wit en groen licht.”

Platteland

Bovendien heeft het rode licht geen effect op de activiteit van de algemene dwergvleermuis: deze is in rood licht niet meer actief dan in duisternis. Dat komt omdat rood licht insecten minder aantrekt. De activiteit van dwergvleermuizen is juist groter in het witte en groene licht: door de grote aantallen insecten die worden aangelokt door de lampen.

rood licht

“De afwezigheid van het effect van rood licht op zowel de zeldzamere lichtschuwe als de algemene niet-lichtschuwe vleermuizen biedt de mogelijkheid om de gevolgen van verlichting te beperken, daar waar buitenverlichting toch gewenst is in natuurlijk gebied,” concludeert Spoelstra.

Uniek aan dit experiment is volgens de onderzoekers dat het gebruikte licht een realistische intensiteit heeft. “Het is dus daadwerkelijk geschikt voor wegen op het platteland.” Het is bovendien heel bijzonder dat de impact op vleermuizen voor langere duur en op een dergelijke schaal is gemeten.

Vleermuizen jagen ’s nachts ongestoord op insecten. Ze hebben daarbij weinig concurrentie van andere diersoorten, terwijl de duisternis ervoor zorgt dat roofdieren hen niet zien. Tenminste, als kunstlicht het donker niet verstoort. Vooral de zeldzamere, langzaam vliegende soorten zijn bang voor bijvoorbeeld uilen, en juist deze vleermuizen wagen zich niet in het licht.

Lantaarnpalen

De wendbare, snel vliegende dwergvleermuis trekt zich juist weinig aan van licht. Sterker nog: deze algemene soort maakt handig gebruik van lantaarnpalen: ze kunnen daar de door het licht aangetrokken insecten makkelijker vangen. De grote hoogvliegende vleermuizen trekken zich sowieso weinig van verlichting aan.

Maar er leeft meer dan alleen vleermuizen. De onderzoekers meten effecten van licht op zoveel mogelijk soorten in de Nederlandse natuur. Naast vleermuizen kijken ze ook naar muizen, grotere zoogdieren, planten, nachtvlinders, bodemdieren en vogels.

Belangrijke partners in dit onderzoek zijn Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, het Ministerie van Defensie, het Drentse Landschap en de Gemeente Ede. Gegevens worden verzameld met hulp van de landelijke Particuliere Gegevensbeherende Organisaties. Het onderzoek wordt gefinancierd door de Technologiestichting STW en ondersteund door Philips en de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM).

Eind dit jaar verwacht het onderzoeksteam een breed lichtadvies te kunnen uitbrengen.

Bron: NIOO-KNAW | Foto's: Kamiel Spoelstra / NIOO-KNAW