14-01-2019 15:35 | Door: Bas Joosse

Het hergebruik van materialen is één van de pijlers van een circulaire economie. Toch wordt jaarlijks nog 25.000 ton aan afval geproduceerd in de bouw- en sloopsector. Door financiële restwaarde aan bouwproducten te hangen, wil onderzoeksinstituut TNO de circulaire economie stimuleren

TNO ontwikkelde samen met consultancybureau C2C ExpoLAB een Residual Value Calculator die de financiële restwaarde van producten inzichtelijk maakt. “Als de financiële restwaarde inzichtelijk is, dan zal bij het einde van de economische levensduur eerder sprake zijn van hergebruik”, stelt Sara Wieclawska van TNO.  Het onderzoeksinstituut verwacht dat financiële instellingen meer zullen investeren als de restwaarde van een product bekend is.

Lees ook: Lancering raamwerk voor financiering circulaire economie

Binnenwanden

De rekenmethode is ontwikkeld met binnenwanden voor kantoren en gebouwen als voorbeeld. Als de binnenwanden niet meer gebruikt worden, kunnen ze vernietigd worden. Nadat de wanden vernietigd zijn, kunnen ze weliswaar dienen als houtsnippers voor de spaanplaatindustrie, maar dat is een laagwaardige grondstof. “Bouwdelen zoals binnenwanden vertegenwoordigen veelal echter een restwaarde aan het einde van hun functionele levensduur die hoger is dan de opbrengst van alleen de materialen”, zegt Willemijn Van der Werf, senior business developer circulaire economie bij TNO. Die restwaarde zit ook in de productie en de technologie die daarbij gebruikt is.

Incentive

In de nieuwe rekenmethode wordt rekening gehouden met de prijs van de grondstoffen, de kwaliteit van het materiaal, transportkosten en onderhouds- en reparatiekosten. “We voorzien dat zo een incentive ontstaat om niet te gaan slopen, maar te demonteren en ook na te denken over de losmaakbaarheid of ’lego-lisering’ van het design van de verschillende producten”, legt Wieclawska uit.

Lees ook: Deze bedrijven jagen de circulaire economie aan

Businessmodellen

Door de waarde toe te kennen, komen volgens TNO ook andere businessmodellen dan het standaard ‘lineaire model’ waarbij producten worden weggegooid na gebruik. Te denken valt hierbij aan een leasemodel, of een terugkoopmodel. Het leasen van spullen gebeurt al langer; spijkerbroeken van MUD-jeans worden geleased en daarna gerecycled tot nieuwe broeken. Tapijttegelleverancier Interface koopt tegels terug die aan het einde van hun levensduur zijn.

Bron: TNO | Afbeelding: Adobe Stock