22-08-2019 15:46 | Door: Rianne Lachmeijer

Een sociale aanpak en een focus op het milieu leveren financieel rendement op, daar is Tina Lindh, property developer bij de Zweedse vastgoedeigenaar Kungsleden van overtuigd. Op basis van die principes hoopt zij binnenkort een nieuwe wijk in Zweden te bouwen. “Wij geloven erin dat stadsplanning gebruikt kan worden als middel voor duurzame en sociale ontwikkeling.”

Vastgoed heeft een grote impact op de publieke ruimte én op het milieu. Zo is de Nederlandse gebouwde omgeving verantwoordelijk voor bijna 38 procent van de totale CO2-uitstoot. Wat als we die impact nou eens positief inzetten? Dat is het idee waarmee Tina Lindh, property developer namens de Zweedse vastgoedeigenaar Kungsleden, aan de slag gaat. Daarvoor zoekt zij de samenwerking met een Nederlandse partij: de Amsterdamse designstudio D/Dock. Beide partijen streven ernaar om sociale en ecologische rendementen meetbaar te maken.

Financieel rendement van duurzaamheid

Het inzicht dat een positieve impact op duurzame en sociale thema's financieel rendement oplevert, ontstond gaandeweg bij Kungsleden en leidde tot een strategiewijziging. Het bedrijf is één van de grootste vastgoedontwikkelaars van Zweden en begon ooit met een korte termijnstrategie: kopen en met winst verkopen. Die aanpak verruilde het bedrijf in 2013 voor een langetermijnstrategie. Daarmee veranderde de focus van verkoop naar beheer en werd duurzaamheid een interessant thema.  

“Wij geloven erin dat de financiële opbrengsten een stuk beter en hoger kunnen zijn als we werken met sociaal en ecologisch rendement", vertelt Lindh. Kungsleden wil die visie concretiseren. Enerzijds door dit meetbaar te maken, anderzijds door een nieuwe aanpak bij projectontwikkeling.

Welzijn meten

Kungsleden werkt nu aan een methode waarmee zij het geluk van huurders kunnen meten. Op die manier willen zij het financiële rendement van welzijn aantonen. Lindh verwacht dat zaken als een veilige, groene en gezonde omgeving bijdragen aan financieel rendement, omdat die kenmerken ervoor zorgen dat mensen voor langere tijd op een plek blijven en gebruikmaken van de voorzieningen aldaar.

Om invloed uit te oefenen op het welzijn is het van belang om een zo groot mogelijk gebied te ontwikkelen. Op die manier heeft de vastgoedeigenaar niet alleen invloed op de kwaliteit van de huizen, maar ook op de andere voorzieningen in de wijk. Lindh verbaast zich erover dat deze holistische aanpak nieuw is. “Ik realiseerde me niet dat het iets nieuws was waaraan ik werkte.”

´Ik realiseerde me niet dat het iets nieuws was waaraan ik werkte´

Lindh laat de woorden ‘symbiotische wijk’ vallen. In het jaarverslag van Kungsleden is terug te vinden welke factoren een gebouw volgens Kungsleden symbiotisch maken, deze zullen vergelijkbaar zijn met kenmerken voor wijken. De vastgoedeigenaar noemt vier hoekstenen voor de creatie van een symbiotisch gebouw. De eerste is gezondheid. Een gebouw moet goed zijn voor de gezondheid en daarmee creativiteit, efficiëntie en prestaties bevorderen. De tweede hoeksteen is service. Een gebouw moet een gemeenschapsgevoel creëren en ondersteuning bieden met diensten die het leven eenvoudiger maken, zoals pakketbezorging. De derde hoeksteen bestaat uit intelligente en slimme technologieën, zoals technologie die beweging aanmoedigt. De laatste hoeksteen omschrijft Kungsleden als ‘dicht bij de natuur’, daarmee doelt het bedrijf onder andere op de toepassing van groen in het gebouw.

Een concrete case

Kungsleden wil een wijk ontwikkelen waarin duurzame- en sociale impact hand in hand gaan met financieel rendement. Dat doet Kungsleden samen met het Zweedse architectenbureau Wingårdhs, de internationale advies- en ingenieursorganisatie WSP en de Amsterdamse designstudio D/Dock. Voor de ontwikkeling van deze wijk hanteert Kungsleden een speciale aanpak die sommige samenwerkingspartners verraste. “Waarom zijn wij hier als je niet wil dat wij iets tekenen?”, zeiden de architecten bijvoorbeeld in eerste instantie.

Lindh is echter van mening dat het belangrijk is om te starten met een visie. “We moeten starten met het besef wat we moeten ontwikkelen voordat we gebouwen in de wijk plaatsen.” Eén van de dingen die zij wil bereiken is dat de wijk inclusief wordt: een plek waar elke stadsbewoner zich thuis voelt. Een voorwaarde daarvoor is dat het gebied “nog van niemand is” en goed bereikbaar is.

Een regisseursrol

“Als we de stad van de grond af kunnen opbouwen; hoe zouden we de stad dan ontwikkelen?” Die vraag moet volgens haar centraal blijven staan, vanaf het begin tot het einde van de vastgoedontwikkeling. Om dat te waarborgen is het belangrijk dat één partij een regisseursrol pakt. Kungsleden wil die rol best zelf nemen, maar vindt dat de gemeente dat ook zou kunnen doen. Mede daarom wil Lindh de gemeente bij het project betrekken.

´De tijd is er rijp voor´

Toen Lindh voor het eerst langsging bij de gemeente was zij lichtelijk gespannen over hoe zij zouden reageren op haar boodschap: “Ik wil werken aan duurzame- en sociale ontwikkeling en ik wil daar geld mee verdienen.” Ze kon zich voorstellen dat de combinatie tussen sociale ontwikkeling en winst maken bij de gemeente niet in goede aarde zou vallen. Tegelijkertijd is zij van mening dat een bedrijf zich niet hoeft te schamen als het winst maakt met de verbetering van de stad en de samenleving.

Lindh vindt dat voor een goede samenwerking tussen de gemeente en het bedrijfsleven doelen meetbaar moeten zijn. “Je moet het op één of andere manier concretiseren om gemeenschappelijke doelen te bereiken.” Zij is ervan overtuigd dat een model waar sociaal, milieu en financieel rendement samengaan van de grond komt. Als het niet in deze stad lukt, dan wel in een andere stad. “De tijd is er rijp voor.”

Lees meer over duurzaamheid in de vastgoedsector:

Afbeeldingen: Kungsleden en D/DOCK