12-10-2018 09:30 | Door: Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl

Een passie voor duurzaam ontwerpen. Dat is al 25 jaar de drijfveer van Leonne Cuppen, eigenaar van Yksi Connect en ambassadeur van Interface DesignLAB. Volgens Cuppen kan ons land een stuk duurzamer. “Nederland zou een voorloper moeten zijn op het gebied van klimaatbeleid, maar dat zijn we gewoon niet.”

Waar moet een goed ontwerp volgens jou aan voldoen?

“Voor mij zijn drie aspecten leidend: duurzaamheid, circulariteit en social design. Ik vind het belangrijk dat ontwerpers dingen creëren met een positieve impact op de wereld en de mens in de breedste zin van het woord. Dus niet alleen alternatieve ‘houtje-touwtjeprojecten’, maar juist ook eigentijdse en toekomstgerichte productiemethoden die op grotere schaal inzetbaar zijn.”

“Top-downdesign en ego’s zijn niet zo mijn ding. Ikke eerst en de rest daarna, dat vind ik niet van deze tijd. Ik probeer dan ook het tegenovergestelde te promoten. Waarden als samenwerking en wederzijds respect, gelijkgestemden die elkaars kracht benutten en positieve energie. Ook de uitwisseling tussen verschillende culturen en generaties is cruciaal. Andere invalshoeken stimuleren innovatie en verbreden ons eigen perspectief.”

Waar haal jij inspiratie uit?

“Ik houd heel erg van reizen en andere culturen opsnuiven. Maar ik laat me ook inspireren door andere generaties en disciplines. En de natuur is een enorme voedingsbodem voor nieuwe ideeën. Dat werkt voor iedereen en dus ook voor mij. Je kunt eindeloos leren van de natuur. Er zit zoveel vernieuwing in. In mijn vorige leven als ontwerper putte ik ook uit de natuur voor mijn designs.”

“Wij mensen komen uit de natuur, maar door jaren van evolutie zijn we daar best ver van afgeweken. Ik merk dat de behoefte om terug te keren naar de natuur bij veel mensen steeds sterker wordt. Bijvoorbeeld dat mensen overspannen zijn en weer moeten ontdekken wie ze zijn. Daar kan de natuur een handje bij helpen.”

Je bent een van de gezichten van Dutch Design. Wat maakt Dutch Design uniek?

“Dutch Design is een mentaliteit. In Nederland denken we buiten de kaders. We ontwerpen op een nuchtere, ontspannen manier en met een vleugje humor. Die eigenschappen zijn inherent aan de Nederlander. Dat hebben we zelf nooit zo door, maar in het buitenland is dat zeker bekend. Ik ben heel positief gestemd over de toekomst van Dutch Design.”

“Een mooie ontwikkeling vind ik dat de alfa- en bètakant elkaar in Nederland steeds beter weten te vinden, bijvoorbeeld in de Brainport-regio waar ik veelal actief ben. De symbiose van technologie en creativiteit leidt tot prachtige ontwerpen. Als je deze werelden samenvoegt, gebeurt er iets.”

Voor de Global Climate Action Summit 2018 heb je op verzoek van het Nederlandse consulaat in San Francisco een tentoonstelling georganiseerd. Wat was daar het doel van?

“Nederland zette hoog in op deze conferentie. Zo was er een handelsdelegatie aanwezig met onder anderen staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) en diverse vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven. Het Nederlandse consulaat vroeg me om hierbij te ondersteunen en een expositie over duurzaamheid en circulariteit te ontwikkelen. Dat is inderdaad bijzonder.”

“De tentoonstelling – ook te zien tijdens Dutch Design Week 2018 – bestond uit 38 ontwerpen verdeeld over acht verschillende thema’s, met circulariteit als rode draad. Ook was er een programma met lezingen van interessante sprekers. Doel van de expositie was om bij een breed publiek onder de aandacht te brengen hoe wij in Nederland op een creatieve manier omgaan met duurzaamheid, maar ook om de bezoeker te inspireren en richting te geven.”

Hoe kijk jij naar het Nederlandse klimaatbeleid?

“We zouden een voorloper moeten zijn op dit vlak, maar dat zijn we gewoon niet. In Duitsland bijvoorbeeld zijn ze veel verder. Het besef is nog niet voldoende aanwezig dat we de wereld aan het uitputten zijn. In feite weet iedereen het, maar de urgentie ontbreekt. Maar goed, ik drink ook nog uit een plastic flesje en reis ook met het vliegtuig. Waar stel je de grens?”

“Wel vind ik het hoopgevend dat duurzaamheid mainstream is geworden. GroenLinks was vroeger een eenling, maar heeft nu 14 zetels in de Tweede Kamer. En andere partijen hebben duurzaamheid tegenwoordig ook hoog op de agenda staan. Ik zou graag zien dat politieke partijen meer samenwerken, in plaats van constant te kibbelen over neuzeldingen. Ze moeten samen de schouders eronder zetten en in versneld tempo veranderingen doorvoeren.”

“Als de overheid beweegt, moet de bevolking mee. Ik vind dat mensen te vaak kunnen kiezen. Waarom zou je een elektrische auto aanschaffen als er ook goedkopere diesels te koop zijn? Hoe erg is het dat een appel duurder is dan een Snicker? Zakken chips en energiedranken zijn puur gif, maar ze worden bijna gratis uitgedeeld. Daar snap ik niks van.”

Je bent ambassadeur van Interface DesignLAB. Hoe is deze samenwerking ontstaan?

“Interface benaderde me vorig jaar om ambassadeur en influencer van DesignLAB te worden. Ik heb daar ja op gezegd, maar wel onder bepaalde voorwaarden. Niet als marketingtool, maar vanuit visie en passie. Interface begreep dat volledig. Ik vind dat erg knap. Zo’n samenwerking heeft alleen meerwaarde als alle partijen op één lijn zitten.”

“Ons doel is om een community van ontwerpers en architecten op te bouwen. Dat doen we door evenementen te organiseren waar gelijkgestemde experts van elkaar kunnen leren. Als ambassadeur breng ik mijn netwerk uit de creatieve sector in. Mijn collega-ambassadeur Guus van Maarschalkerweerd zorgt meer voor de koppeling vanuit de architectuurwereld. Zo vullen we elkaar aan."

Er zijn ongetwijfeld meer bedrijven die met je willen samenwerken. Waarom Interface?

“Omdat wij dezelfde missie hebben. Voor Interface zijn duurzaamheid en circulariteit kernwaarden. Interface ís het, terwijl andere vloerfabrikanten alleen maar doen alsof ze het zijn. De kracht van concurrenten is dat ze die duurzame boodschap beter uitdragen. Dus als je aan een willekeurig persoon vraagt welke fabrikant het meest duurzaam is, noemen ze een ander bedrijf. Maar het klopt simpelweg niet.”

“Via het DesignLAB wil ik Interface hierbij helpen. Niet door constant te roepen hoe goed we zijn, maar door professionals met diezelfde passie voor duurzaam design bij elkaar te brengen. Zo maken we samen het verschil. Dat is volgens mij veel effectiever dan borstklopperij.”

Foto: Clean Revolution (hoofd), Leonne Cuppens\ (tekst)