27-10-2017 15:41 | Door: Chris Thijssen

Waar de afvalberg van kleding en textiel alsmaar groter lijkt te worden, ontwikkelen designers volop oplossingen voor dit probleem. Op de Dutch Design Week in Eindhoven zijn verschillende slimme designs en concepten op dit vlak te vinden.

DuurzaamBedrijfsleven zet een aantal innovatieve concepten op een rij:

Hoe ouder hoe beter

Voor het project ‘Beauty Comes with Age’ ontwikkelde designer NikkieWester een nieuw weefsel, dat onderliggende lagen toont wanneer het slijt. Zo wordt de stof, naarmate die ouder wordt, rijker qua uiterlijk. Dat leidt ertoe dat een kledingstuk na slijtage niet hoeft worden afgedankt, maar nog mooi blijft en wellicht zelfs nog mooier wordt.

Shirt, jurk en jumpsuit in één

Modeontwerpers Karin Vlug en Lisa Konno hebben een kledingstuk ontwikkeld waarmee eindeloos kan worden gevarieerd (zie header-foto). Het gaat om een basisshirt dat door middel van een eenvoudig knoopjes-systeem kan transformeren tot een jurk of jumpsuit. Er kunnen verschillende onderdelen aan worden geknoopt, zoals kraagjes en mouwen.

Dat levert een uiteenlopende garderobe op, die bestaat uit slechts enkele items, waarmee de drager oneindig kan variëren. Veel verschillende kledingstukken aanschaffen wordt overbodig.

duurzame kleding

Kinderkleding die meegroeit

Petit Pli maakt kinderkleding die meegroeit. Volgens het label groeien kinderen in hun eerste twee jaar maar liefst zeven maten. Dit leidt tot een hoop verspilde kleding. De kleding van Petit Pli is gemaakt van stof, die in kleine vouwtjes is gedrapeerd (zie foto). Dat stelt de stof in staat om met het kind mee te groeien. De materialen zijn volgens het label ultralicht, waterdicht en ademend.

Kapotte jas repareert zichzelf

Made to Mend is een nieuw materiaal, een weefsel met ingebouwde reparatiemogelijkheid, gebaseerd op het traditionele stoppen van stof.  De kledinglijn is afkomstig van Heleen Klopper, de productontwerper achter het concept Woolfiller. Woolfiller, ofwel Wolplamuur, repareert gaten en verbergt vlekken in textielproducten als wollen truien, vestjes, jassen en tapijten.

Daarvoor worden de schubben van een wolvezel benut, die opengaan als je er met een viltnaald in prikt. De open schubben hechten zich vervolgens aan elkaar en laten niet meer los. Ook niet wanneer het textiel wordt gewassen. Het ‘wolplamuren’ kan zowel met een machine als met de hand worden uitgevoerd.

Kleinere textielafvalberg

Om de hoeveelheid textielafval als gevolg van onverkochte kledingstukken terug te dringen, produceert het Eindhovense modelabel MLY kleding niet langer in één keer voor het hele seizoen, maar in kleine oplages verdeeld over het jaar. Dat voorkomt overproductie.

Het produceren van de kleine oplages is haalbaar voor MLY, omdat het overgrote deel van de collecties lokaal wordt geproduceerd, bij Nederlandse breierijen en textieldrukkerijen. Binnenkort neemt het label bovendien een eigen breimachine in gebruik, in de MLY Store op Strijp-S in Eindhoven.

Bron: Dutch Design Week | Header-foto: Peter Stigter, via Dutch Design Week, In tekst-foto’s: Petit Pli,