31-05-2018 16:45 | Door: Hidde Middelweerd

In Noorwegen hebben elektrische auto’s inmiddels een marktaandeel van meer dan 46 procent. Een absoluut record. Wat is het geheim van dit doorslaande succes? Christina Bu, secretary general van de Norwegian EV Association: “We zijn echt niet milieuvriendelijker dan anderen."

Bu staat sinds vijf jaar aan het hoofd van de Norwegian EV Association. De organisatie vervult dezelfde functies als de ANWB in Nederland, maar dan enkel gericht op elektrisch rijden. Daarnaast zit Bu regelmatig met Noorse politici aan tafel, om de transitie naar elektrisch rijden verder te helpen, en ontvangt ze regelmatig delegaties uit alle hoeken van de wereld. “We zijn een kijkje in de toekomst voor andere landen”, vertelt ze. “Hier hebben we al te maken met ‘gewone’ klanten: de fase van early adopters zijn we allang voorbij.”

Inmiddels is de Norwegian EV Association een volwassen organisatie met 25 werknemer, terwijl het vijf jaar geleden nog om een clubje van vijf enthousiastelingen ging. De snelle groei van de organisatie loopt parallel aan die van de Noorse markt voor elektrische auto’s. Van alle nieuw geregistreerde auto’s is 27,5 procent volledig elektrisch, terwijl dat vijf jaar eerder slechts 3 procent was. Tel daar (plug-in) hybride auto’s bij op en het marktaandeel staat inmiddels op ruim 46 procent. Ter vergelijking: in Nederland was dat percentage in 2017 slechts 2,6 procent. Bu: “De markt explodeert; iedereen wil een stukje van de taart.”

Hoe ziet de markt voor elektrische auto’s er momenteel uit in Noorwegen?

“De vraag is veel groter dan het aanbod en dat zorgt voor gekke taferelen. Meer dan 5.000 mensen hebben € 2.000 neergeteld om op de wachtlijst te mogen staan voor de Audi e-Tron Quattro. Zo’n 2.000 mensen hebben hetzelfde gedaan voor de Jaguar I-Pace. En wie een elektrische Volkswagen Golf wil kopen, moet minstens een jaar wachten.

Het wordt zelfs nog gekker: Mercedes maakt momenteel reclame voor het plaatsen van pre-orders, voor een elektrische auto die in 2019 pas op de markt verschijnt. Dat klinkt bizar, maar het is ook begrijpelijk. Autofabrikanten willen klanten aan zich committeren voor een auto die er nog niet is. Anders kiest men in de tussentijd wellicht voor een Tesla.”

Wat is het geheim? Hoe kan het dat Noorwegen zo succesvol is in de adoptie van elektrische auto’s?

“Het korte antwoord: we hebben nooit een florerende auto-industrie gehad, waardoor we altijd hoge belastingen op auto’s hebben gehad. Met andere woorden: auto’s zijn hier altijd erg duur geweest. De Noorse overheid heeft er in de jaren ’90 voor gekozen om elektrische auto’s vrij te stellen van die belastingen. Daarom zijn elektrische auto’s ongeveer net zo duur als benzine- en dieselauto’s. Dan is de aanschaf ervan een no-brainer.

Het schrappen van belastingen op een bepaald type auto is een stuk gemakkelijker dan het verhogen ervan. Ter vergelijking: een land als Duitsland heeft al decennialang een florerende auto-industrie, waardoor belastingen op auto’s altijd laag zijjn geweest. De Duitse overheid kan de belasting op fossiele auto’s niet ineens verhogen. Daarnaast heeft een belastingvrijstelling voor elektrische auto’s weinig effect. Dat is het verschil.”

"De fase van early adopters zijn we allang voorbij"

Is dat de enige reden?

“Het is de hoofdreden. Maar we hebben in Noorwegen ook andere incentives voor elektrische auto’s, die de transitie naar elektrisch rijden stimuleren. Zo hoeven eigenaren van elektrische auto’s niets te betalen voor tolwegen en veerponten (waar we er veel van hebben), hebben ze toegang tot rijstroken voor bussen en kunnen ze in ongeveer de helft van de Noorse steden gratis parkeren.

Dat helpt natuurlijk allemaal mee, maar de belastingvrijstelling is echt de hoofdreden voor het Noorse succes. In andere landen is het kopen van elektrische auto’s nu gewoonweg te duur.”

Toch getuigt het van milieubewuste daadkracht dat de Noorse overheid deze belastingvrijstelling doorvoerde… Toch?

“Geloof me, we zijn echt geen andere of milieubewustere mensen. Er ging ook geen revolutionair masterplan aan vooraf. De meeste incentives op het gebied van elektrisch rijden werden begin jaren ’90 al ingevoerd, om kleine producenten van elektrische auto’s in Noorwegen een handje te helpen. Niemand had de huidige situatie voorzien. Als de toenmalige minister van Financiën dit had geweten, was hij waarschijnlijk nooit akkoord gegaan met de belastingvrijstelling.”

Is er dan niets dat andere landen kunnen leren van Noorwegen?

“Zeker wel. Noorwegen voert dit jaar bijvoorbeeld de 50 procent-regel in, die dient ter vervanging van het gratis gebruik van tolwegen en parkeerplekken. De regel houdt in dat emissievrije voertuigen (dus ook waterstofauto’s) altijd 50 procent betalen van wat auto’s op fossiele brandstof betalen voor tolwegen, veerponten en parkeren. Wat mij betreft is dat een maatregel die elk land morgen nog kan invoeren: het zorgt er namelijk voor dat de financiële voordelen van elektrisch rijden oneindig houdbaar blijven. Wanneer je parkeerkosten bijvoorbeeld verhoogt, geldt dat voor elektrische en fossiele auto’s, maar het financiële voordeel van elektrisch rijden blijft bestaan.

Daarnaast is de maatregel verre van ingrijpend. Overheden lopen in de beginfase nauwelijks inkomsten mis, omdat er nog weinig elektrische auto’s rondrijden. Het stimuleert mensen echter wel om de overstap te maken. Als het aantal elektrische auto’s op de weg toeneemt, kunnen overheden de prijzen voor parkeren of het gebruik van tolwegen omhoog gooien. Nogmaals, het financiële voordeel van elektrisch rijden blijft dan gewoon bestaan.”

Zie je al positieve ontwikkelingen in andere landen?

“Verschillende landen kopiëren Noorwegen inmiddels op een of andere manier. Ierland geeft elektrische auto’s sinds kort ook korting op tolwegen. Landen als Oekraïne en Costa Rica heffen geen importbelasting meer op elektrische auto’s. Dat zijn positieve ontwikkelingen. Het sterkt ons daarnaast om onze doelstelling voor 2025 (marktaandeel van 100 procent voor elektrische auto’s, red.) te halen. Dat is niet langer alleen voor ons belangrijk; de hele wereld kijkt mee.”

Noorwegen is inmiddels een stuk verder dan andere landen in de transitie naar elektrisch vervoer. Welke problemen kunnen andere landen in de toekomst verwachten?

“De laadinfrastructuur moet voorbereid worden op de toekomst. Als er in 2025 enkel nog elektrische auto’s verkocht worden in Noorwegen, praat je in no-time over 1,5 miljoen elektrische voertuigen op de weg. Hoe gaan we die in godsnaam allemaal opladen? Dat is de grote vraag waar we nu mee kampen."

"Overheden, bedrijven en autofabrikanten moeten zich realiseren dat deze transitie onomkeerbaar is"

Tegen welke problemen lopen jullie hierin aan?

“Er doen zich nu al twee grote problemen voor op het gebied van snelladen. Ten eerste moeten er genoeg snelladers zijn in rurale gebieden. Maar het is commercieel gezien niet interessant om ze daar te bouwen, omdat ze minder frequent gebruikt worden. Hoe zorg je ervoor dat het wél economisch interessant wordt om ze daar te exploiteren? Het lijkt erop dat de Noorse overheid daarin moet bijspringen in de vorm van subsidies en financiële ondersteuning.

Ten tweede moeten er grote snellaadstations komen in stedelijke gebieden, met 50 snelladers of meer. Dan praat je over minstens 5 megawatt aan vereiste capaciteit. Dat is nog nooit eerder gedaan en kan problemen opleveren. Het elektriciteitsnet moet immers klaargestoomd worden voor die enorme elektriciteitsvraag. Dat is een dure aangelegenheid die de marktpotentie van deze laadstations ook bedreigt. Noorwegen dient daarin als ultieme proeftuin.

Op het gebied van thuisladen lopen we tegen hele andere problemen aan. Veel mensen wonen in een appartementencomplex of beschikken niet over een eigen parkeerplek. Waar laad je je elektrische auto dan op? Zelfs mensen zonder elektrische auto vinden dat een belangrijk vraagstuk: die zijn bang dat ze hun huis niet meer verkocht krijgen als er geen mogelijkheid tot opladen is.

Met deze vraagstukken moeten we nú aan de slag, want in Noorwegen staat men nu al in de rij bij laadstations. Dat kan anderen afschrikken om de overstap naar elektrisch rijden te maken.”

Gaat dat wel goedkomen?

“Het moet wel. Overheden, bedrijven en autofabrikanten moeten zich echt realiseren dat deze transitie onomkeerbaar is. Elektrisch rijden wordt de norm. Noorwegen heeft van oudsher een flinke vinger in de pap in de oliesector, maar dat is juist een neerwaartse business. Het is dus slim, en misschien wel noodzakelijk, om kartrekker te zijn in een business die juist explosief groeit.”

Het wordt de norm, zeg je. Wanneer verwacht je dat we dat punt bereiken?

“Experts verwachten dat de prijs van elektrische auto’s in 2023 al gelijk is aan die van fossiele auto’s. Nissan verwacht dat het nog sneller zal gaan. Als dat punt eenmaal bereikt is, zal het heel snel gaan. Waarom zou je dan nog voor een fossiele auto kiezen?

Ik verwacht ook dat het nog wel een paar jaar duurt voordat we daar zijn. Autofabrikanten hebben even de tijd nodig om de transitie te maken; het is een andere manier van produceren. Daarom kondigen ze hun elektrische auto’s ook allemaal voor 2019 of later aan. Ze zijn tot die tijd hard aan het werk om hun productieprocessen klaar te stomen voor de toekomst.

Maar dat elektrisch rijden de norm wordt, staat buiten kijf. Gelukkig maar, want we moeten de wereldwijde CO2-uitstoot zo snel mogelijk terugdringen. Het is tijd om wakker te worden: er is geen tijd meer te verliezen.”

Dit artikel is onderdeel van onze themamaand Stad van de Toekomst. Klik hier om alle artikelen over dit thema te lezen.