18-05-2020 09:00 | Door: Emma Rotman

Lege treinen, geen verkeer op de weg en al helemaal geen files. Door de corona-maatregelen hoeft vrijwel niemand meer ergens naartoe. Waren aanbieders van deelauto’s en andere voertuigen de laatste jaren aan een opmars bezig; nu zien zij hun afzetmogelijkheden in één klap wegvallen. Toch biedt de coronacrisis ook kansen voor deelmobiliteit. Bijvoorbeeld oplossingen die zich richten op de community en een versnelde ontwikkeling van mobiliteitshubs.

Door de coronacrisis gebruiken mensen de auto al veel minder dan normaal, maar deelmobiliteit heeft te maken met een extra uitdaging, zien Wopke Geurts en Oscar Westerhof van Faraday Keys. Het bedrijf ontwikkelt duurzame businessconcepten op het snijvlak van elektrisch rijden en hernieuwbare energie, waarin nieuwe mobiliteitsoplossingen een grote rol spelen.

“Ervan uitgaande dat dit virus nog even blijft en een vaccin nog op zich laat wachten, zullen mensen zich zo min mogelijk willen blootstellen aan risico’s op besmetting en zijn ze extra alert op hygiëne. Als ze dus al een vervoersmiddel nodig hebben, dan hebben openbaar vervoer en deelmobiliteit niet de voorkeur”, voorspelt Geurts. Dat blijkt ook uit onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid: sinds de coronacrisis hebben de eigen auto, fiets en wandelen aan voorkeur gewonnen ten koste van het openbaar vervoer.

Lange adem

Aanbieders van duurzame mobiliteitsoplossingen, zoals elektrische deelauto’s, kunnen de coronacrisis maar moeilijk het hoofd bieden. Het zijn veelal startups, die veel moeten investeren in (internationale) groei. “Het businessmodel van dergelijke partijen gaat om schaal: hoe groter je bent, hoe makkelijker je je businessmodel kunt optimaliseren. Dat was al een uitdaging voor deze partijen, maar nu nog meer. Ze kunnen namelijk niet investeren én ze kunnen hun product niet voeren.”

De crisis vraagt dan ook om een lange adem. Niet alleen van de startups zelf, maar ook van de investeerders erachter. Een voordeel daarbij is wellicht dat de meeste van hen hun investering zien als een strategische zet. Geurts: “Zij investeren niet om op korte termijn geld te verdienen, maar om hun businessmodel toekomstbestendig te maken. Deelmobiliteit gaat zeker niet wegvallen, die groei komt wel terug. Maar daarvoor is het wel belangrijk dat onder andere investeerders vasthouden aan hun visie.” 

Lees ook: Quinten Selhorst wil met zijn deelscooters ondernemers door de crisis helpen

Delen is de toekomst

Crisis of geen crisis; volgens Geurts en Westerhof is delen de toekomst van mobiliteit. Steden willen namelijk steeds minder auto’s in de stad. Zo zit er een limiet aan het aantal parkeerplekken dat vastgoedontwikkelaars kunnen aanbieden aan bewoners of bedrijven. Recent ontwikkelde Faraday Keys voor een vastgoedspeler een shared mobility concept, waarbij huurders gebruik kunnen maken van een aantal deelvoertuigen die bij hun woning staan opgesteld. “Een duurzame mobiliteitsoplossing zou standaard onderdeel moeten zijn van de vastgoedoplossing”, stelt Geurts.

'Deelmobiliteit gaat zeker niet wegvallen'

Bovendien is deelmobiliteit juist nu een kans voor bedrijven om kosten te besparen, benadrukt Westerhof. “Daarmee kun je simpelweg aan meer mensen mobiliteit bieden met hetzelfde aantal vervoersmiddelen. Ik denk dat bedrijven juist nu geneigd zijn om meer poolauto’s op te nemen en minder leaseauto’s aan te bieden.”

Delen in een community

Waar het delen van objecten met vreemden momenteel minder aantrekkelijk is vanwege angst voor besmetting, kan de coronacrisis juist een boost geven aan het delen van vervoersmiddelen in een community. Bijvoorbeeld een bedrijf, een vastgoedproject met huurders of een Vereniging van Eigenaren. In een community deel je een auto, scooter of elektrische fiets in een kleinere kring, met mensen die je kent.

Volgens Westerhof kan die transitie versnellen doordat mensen nu gedwongen meer tijd doorbrengen in hun eigen omgeving én er een gevoel van saamhorigheid heerst. “Ik denk dat nu duidelijk wordt dat de incentives in ons economische systeem niet op de juiste plek liggen. We zijn meer op onze community aangewezen en worden gedwongen iets minder groot te denken. Kijk ook naar de studies rondom de luchtkwaliteit voor en tijdens deze crisis. Dat zijn allemaal kleine stukjes bewustwording die mensen persoonlijk ervaren. Gedrag veranderen is lastig, maar misschien is deze crisis er wel een die echt verandering teweeg gaat brengen.”

Vernieuwende oplossingen

Mobiliteitsspelers moeten met vernieuwende oplossingen komen om bij die verandering aan te sluiten. De afgelopen weken waren bedrijven vooral bezig met het overeind houden van hun operatie, maar het moment breekt aan om verder te kijken, vindt Geurts. “De partijen die deze crisis het hardst voelen, realiseren zich dat het niet meer wordt zoals het was. Het zou een logische stap zijn om in te zetten op vernieuwing. Inclusief oplossingen die minder kilometer-gedreven zijn.”

Het thuiswerken dat nu bijvoorbeeld massaal wordt ontdekt kan ervoor zorgen dat de vraag naar mobiliteit niet meer op het oude niveau terugkomt. “Mobiliteitsspelers moeten zoeken naar oplossingen waarmee ze zich kunnen verbreden. Mobiliteit gaat niet meer sec om het verplaatsen van A naar B, maar maakt onderdeel uit van een breder ecosysteem. Ik zie bijvoorbeeld kansen voor werkgevers om medewerkers een totaalpakket te bieden voor mobiliteit en flexibele werkruimte.”

Steeds meer werkgevers richten mobiliteitsbudgetten in, zodat medewerkers per dag kunnen kiezen hoe ze willen reizen. Volgens Geurts passen flexibele werkruimtes daar goed in. “Als je in Utrecht woont en aan het begin en einde van de dag in Groningen moet zijn voor afspraken, dan moet je de gelegenheid hebben om tussendoor ergens te werken. Mobiliteitsaanbieders en aanbieders van flexibele werkruimtes kunnen daarin samen optrekken.”

Lees ook: Dit leasebedrijf stuurt juist aan op autodelen

Gemeentes aan zet

Verandering begint volgens Geurts en Westerhof bij de mobiliteitsspelers zelf. Maar hoe zorgen we dat gebruikers straks kiezen voor duurzamere mobiliteitsoplossingen en niet weer massaal in de auto stappen? Geurts ziet hier een belangrijke rol weggelegd voor gemeentes: “Er is nu momentum om meer rigide te sturen en duurzame mobiliteit te stimuleren. Hoe Milaan nu deze crisis aangrijpt om versneld aanpassingen door te voeren, is een goed voorbeeld hiervan.”

'Er is nu momentum om meer rigide te sturen en duurzame mobiliteit te stimuleren'

Ook kunnen gemeentes verandering stimuleren door anders aan te besteden. In sommige steden worden aanbestedingen voor bijvoorbeeld buslijnen nu ook opengesteld voor andere aanbieders dan de traditionele partijen. Bijvoorbeeld voor startups die mobility on demand oplossingen aanbieden. “Daardoor krijgen vernieuwende concepten meer kans”, zegt Geurts.

Versnellen met mobiliteitshubs

Er is nog iets waar gemeentes en commerciële partijen zich nu hard voor moeten maken, zeggen Geurts en Westerhof: de ontwikkeling van mobiliteitshubs. Dat zijn plekken waar verschillende vormen van vervoer samenkomen, waardoor gebruikers gemakkelijk van het ene duurzame vervoermiddel kunnen overstappen op het andere.

Verschillende steden hebben daar pilots voor lopen, maar Nederland kent nog weinig echte mobiliteitshubs. De coronacrisis is daarvoor hét moment, stelt Geurts. “Als de trend is dat we minder van A naar B bewegen, minder vaste patronen afleggen en autobezit in steden ontmoedigd wordt, dan zijn die hubs essentieel. Het zou een gemiste kans zijn als we deze periode niet gebruiken om daarop te versnellen.”

Dit artikel maakt onderdeel uit van de themamaand Metropool en Mobiliteit. Lees morgen over de ontwikkeling van het station tot mobiliteitshub.

Hoofdbeeld & insert foto: Buro Honing | Beeld onderaan: iStock